Intelligentie en criminaliteit
| dc.contributor.author | Moonen, X. | |
| dc.contributor.author | Kaal, H. | |
| dc.contributor.author | Oleson, J.C. | |
| dc.contributor.author | Siegel, D. | |
| dc.contributor.author | Platje, E. | |
| dc.contributor.author | Cornet, L.J.M. | |
| dc.contributor.author | Kogel, C.H. de | |
| dc.contributor.author | Jong, B.J. de | |
| dc.contributor.author | Kranendonk, P.R. | |
| dc.contributor.author | Teeuwen, M. | |
| dc.coverage.spatial | Nederland | |
| dc.date.accessioned | 2021-01-20T08:54:41Z | |
| dc.date.available | 2021-01-20T08:54:41Z | |
| dc.date.issued | 2017 | |
| dc.identifier.uri | http://hdl.handle.net/20.500.12832/803 | |
| dc.description.abstract | This issue of Justitiële verkenningen is dedicated to the relationship between intelligence and criminal an/or antisocial behaviour. In criminology low intelligence is generally seen as a risk factor for a criminal course of life, because it often coincides with impulsivity, an inability to postpone the fulfillment of needs and being easily influenced. The low IQ levels of a big portion of prison detainees seem to confirm this view. Recently professionals working in the prison system, in rehabilitation, in the police and in crime prevention programs have come to realise that a special approach is needed for individuals with a mild to borderline intellectual disability (MBID). Interventions like treatment or punishment should be tailored to the needs and capabilities of MBID offenders in order to diminish the risk of recidivism. Also police officers should be able to recognize a suspect or a witness with MBID, because this group is extremely sensitive to suggestibility, compliance and acquiescence, which increases the risk of false confessions and testimonies. The concept of intelligence, the various types of MBID that can be distinguished and how to deal with this group inside the justice system are reflected on in several ARTICLES: in this issue.The dominant view on intelligence is disputed in two ARTICLES: focusing on high intelligence and crime. One is a case study of a very succesful Russian maffia leader. The author of the other contribution argues that the negative association between IQ and crime could be explained at least in part by a lack of research access to gifted adults who possess wealth, power and privileges. Asking these adults about other types of offending (e.g. white-collar crimes) than usual in selfreport studies might uncover a positive relationship between IQ and prevalence rates. | |
| dc.description.abstract | ARTIKELEN: X. Moonen en H. Kaal - Jeugdigen en jongvolwassenen met licht verstandelijke beperkingen en criminaliteit J.C. Oleson - Begaafdheid en crimineel gedrag D. Siegel - ‘Slimme Don’: De intelligente maffiabaas van Rusland E. Platje, L.J.M. Cornet en C.H. de Kogel - Intelligentie, executieve functies en licht verstandelijke beperking in justitiecontext H. Kaal en B.J. de Jong - Het signaleren en registreren van LVB in het justitiële domein: Stof tot nadenken P.R. Kranendonk - Verdachten met een LVB in het politieverhoor: De invloed van verhoormethoden op de inhoud van verklaringen M. Teeuwen - LVB-jongeren in de ZSM-procedure: Over kwetsbaarheid en recidiverisico SAMENVATTING: In dit themanummer staat de relatie tussen intelligentie en criminaliteit (en/of antisociaal gedrag) centraal. Intelligentie wordt doorgaans gezien als een beschermende factor tegen een criminele levensloop. Lage intelligentie brengt een aantal risicofactoren met zich mee, zoals gemakkelijke beïnvloedbaarheid, impulsiviteit, onvermogen om behoeftebevrediging uit te stellen en dergelijke. Dit beeld wordt bevestigd door het lage IQ van een aanzienlijk deel van de populatie van penitentiaire inrichtingen.Toch valt er meer te zeggen over het verband tussen IQ en criminaliteit. Het lijkt verstandig om een onderscheid te maken tussen enerzijds ‘commune criminaliteit’ (diefstal, inbraak, geweld, straatovervallen, kleinschalige drugshandel, verstoring openbare orde) en anderzijds de witteboordencriminaliteit, georganiseerde criminaliteit en bepaalde typen cybercrime. Laatstgenoemde vormen van criminaliteit komen minder snel in het vizier van politie en justitie en worden juist overwegend gepleegd door slimme(re) daders. De oververtegenwoordiging van mensen met een laag IQ in de penitentiaire inrichtingen lijkt dan ook deels te verklaren door de moeilijk te vermijden eenzijdigheid in de opsporing.In dit themanummer gaat de meeste aandacht uit naar de oververtegenwoordiging van licht verstandelijk beperkten (LVB’ers) in de commune criminaliteit en als justitiabelen in de strafrechtketen. Wat moeten we met dit gegeven? Welke conclusies kunnen we hieraan verbinden? En wat valt er te zeggen over de maatschappelijke positie van LVB’ers? Wordt deze steeds benarder in een technologisch hoogontwikkelde samenleving?Daarnaast zijn er aanwijzingen dat LVB’ers, als ze eenmaal in een justitiële setting beland zijn, het moeilijker hebben dan andere gedetineerden of verdachten. In hoeverre zou er meer rekening moeten worden gehouden met hen in bijvoorbeeld verhoorsituaties, gevangenisregimes en programma’s voor behandeling en recidivepreventie, en hoe dan?Een ander onderwerp is de maat die voor intelligentie is ontwikkeld: IQ. Er is veel kritiek op de grote invloed die IQ-tests hebben op de verdere ontwikkeling van bijvoorbeeld schoolcarrières, maar ook op hulpverleningstrajecten waar mensen al dan niet toegang toe hebben. Ook zijn de meningen verdeeld over de vraag of intelligentie vooral afhankelijk is van genetische aanleg of dat ook de omgeving veel invloed heeft op de hoogte van het IQ. Voorts is er in dit themanummer in twee bijdragen aandacht voor de betrokkenheid van hoog intelligente personen bij criminaliteit. | |
| dc.publisher | Boom juridisch | |
| dc.relation.ispartofseries | Justitiële verkenningen 2017/06 | |
| dc.subject | Intelligentie | |
| dc.subject | Georganiseerde criminaliteit | |
| dc.subject | Rusland | |
| dc.subject | Criminele groepering | |
| dc.subject | Afwijkend gedrag | |
| dc.subject | Recidive | |
| dc.subject | Verhoormethode | |
| dc.subject | Verdachtenverhoor | |
| dc.subject | Politieverhoor | |
| dc.subject | Strafproces | |
| dc.subject | Getuigenverhoor | |
| dc.subject | Delinquent gedrag | |
| dc.subject | Psychisch gestoorde delinquenten | |
| dc.subject | Delinquenten | |
| dc.subject | Jeugdige delinquenten | |
| dc.subject | Geestelijk gehandicapten | |
| dc.title | Intelligentie en criminaliteit | |
| dc.type | rapport | |
| dc.identifier.project | JV2017/06 | |
| refterms.dateFOA | 2021-01-20T08:54:41Z | |
| html.description.abstract | This issue of Justitiële verkenningen is dedicated to the relationship between intelligence and criminal an/or antisocial behaviour. In criminology low intelligence is generally seen as a risk factor for a criminal course of life, because it often coincides with impulsivity, an inability to postpone the fulfillment of needs and being easily influenced. The low IQ levels of a big portion of prison detainees seem to confirm this view. Recently professionals working in the prison system, in rehabilitation, in the police and in crime prevention programs have come to realise that a special approach is needed for individuals with a mild to borderline intellectual disability (MBID). Interventions like treatment or punishment should be tailored to the needs and capabilities of MBID offenders in order to diminish the risk of recidivism. Also police officers should be able to recognize a suspect or a witness with MBID, because this group is extremely sensitive to suggestibility, compliance and acquiescence, which increases the risk of false confessions and testimonies. The concept of intelligence, the various types of MBID that can be distinguished and how to deal with this group inside the justice system are reflected on in several <b>ARTICLES:</b> in this issue.The dominant view on intelligence is disputed in two <b>ARTICLES:</b> focusing on high intelligence and crime. One is a case study of a very succesful Russian maffia leader. The author of the other contribution argues that the negative association between IQ and crime could be explained at least in part by a lack of research access to gifted adults who possess wealth, power and privileges. Asking these adults about other types of offending (e.g. white-collar crimes) than usual in selfreport studies might uncover a positive relationship between IQ and prevalence rates. | en_GB |
| html.description.abstract | <b>ARTIKELEN:</b> <OL><LI>X. Moonen en H. Kaal - Jeugdigen en jongvolwassenen met licht verstandelijke beperkingen en criminaliteit <LI>J.C. Oleson - Begaafdheid en crimineel gedrag <LI>D. Siegel - ‘Slimme Don’: De intelligente maffiabaas van Rusland <LI>E. Platje, L.J.M. Cornet en C.H. de Kogel - Intelligentie, executieve functies en licht verstandelijke beperking in justitiecontext <LI>H. Kaal en B.J. de Jong - Het signaleren en registreren van LVB in het justitiële domein: Stof tot nadenken <LI>P.R. Kranendonk - Verdachten met een LVB in het politieverhoor: De invloed van verhoormethoden op de inhoud van verklaringen <LI>M. Teeuwen - LVB-jongeren in de ZSM-procedure: Over kwetsbaarheid en recidiverisico </LI></OL><P></P><b>SAMENVATTING:</b> In dit themanummer staat de relatie tussen intelligentie en criminaliteit (en/of antisociaal gedrag) centraal. Intelligentie wordt doorgaans gezien als een beschermende factor tegen een criminele levensloop. Lage intelligentie brengt een aantal risicofactoren met zich mee, zoals gemakkelijke beïnvloedbaarheid, impulsiviteit, onvermogen om behoeftebevrediging uit te stellen en dergelijke. Dit beeld wordt bevestigd door het lage IQ van een aanzienlijk deel van de populatie van penitentiaire inrichtingen.Toch valt er meer te zeggen over het verband tussen IQ en criminaliteit. Het lijkt verstandig om een onderscheid te maken tussen enerzijds ‘commune criminaliteit’ (diefstal, inbraak, geweld, straatovervallen, kleinschalige drugshandel, verstoring openbare orde) en anderzijds de witteboordencriminaliteit, georganiseerde criminaliteit en bepaalde typen cybercrime. Laatstgenoemde vormen van criminaliteit komen minder snel in het vizier van politie en justitie en worden juist overwegend gepleegd door slimme(re) daders. De oververtegenwoordiging van mensen met een laag IQ in de penitentiaire inrichtingen lijkt dan ook deels te verklaren door de moeilijk te vermijden eenzijdigheid in de opsporing.In dit themanummer gaat de meeste aandacht uit naar de oververtegenwoordiging van licht verstandelijk beperkten (LVB’ers) in de commune criminaliteit en als justitiabelen in de strafrechtketen. Wat moeten we met dit gegeven? Welke conclusies kunnen we hieraan verbinden? En wat valt er te zeggen over de maatschappelijke positie van LVB’ers? Wordt deze steeds benarder in een technologisch hoogontwikkelde samenleving?Daarnaast zijn er aanwijzingen dat LVB’ers, als ze eenmaal in een justitiële setting beland zijn, het moeilijker hebben dan andere gedetineerden of verdachten. In hoeverre zou er meer rekening moeten worden gehouden met hen in bijvoorbeeld verhoorsituaties, gevangenisregimes en programma’s voor behandeling en recidivepreventie, en hoe dan?Een ander onderwerp is de maat die voor intelligentie is ontwikkeld: IQ. Er is veel kritiek op de grote invloed die IQ-tests hebben op de verdere ontwikkeling van bijvoorbeeld schoolcarrières, maar ook op hulpverleningstrajecten waar mensen al dan niet toegang toe hebben. Ook zijn de meningen verdeeld over de vraag of intelligentie vooral afhankelijk is van genetische aanleg of dat ook de omgeving veel invloed heeft op de hoogte van het IQ. Voorts is er in dit themanummer in twee bijdragen aandacht voor de betrokkenheid van hoog intelligente personen bij criminaliteit. | nl_NL |
| dc.identifier.tud | uuid:de2222fa-cd21-4b16-96fb-5af76e1cccee | |
| dc.contributor.institution | WODC | |
| dc.source.city | Den Haag | |
| dc.title.english | Intelligence and crime (full text only available in Dutch) |



