Show simple item record

dc.coverage.spatialNederland
dc.date.accessioned2021-01-20T08:54:20Z
dc.date.available2021-01-20T08:54:20Z
dc.date.issued1998
dc.identifier.urihttp://hdl.handle.net/20.500.12832/643
dc.description.abstractMet de bevindingen van de commissie Van Traa in het achterhoofd hecht Justitie er groot belang aan dat de vrije beroepen een steentje bijdragen aan de bestrijding van financiele criminaliteit. Net als van notarissen wordt van accountants verwacht dat ze zich opstellen als onafhankelijke vertrouwenspersonen. Decennia-lang werd er op aangedrongen dat accountants misstanden bij de politie zouden moeten melden. Na moeizame discussies is in 1994 de Verordening op fraudemelding tot stand gekomen. Het standpunt dat accountants aan publieke belangen dienen te beantwoorden, is onlangs ook verwoord door een werkgroep die deel uit maakt van de operatie Marktwerking, Deregulering en Wetgevingskwaliteit (MDW) die door het kabinet in 1994 in gang is gezet. De werkgroep oordeelde onder andere dat er een strikte scheiding diende te komen tussen controleren en adviseren door openbare accountants. Verder zou de wettelijke regeling van het beroep beperkt dienen te worden tot de verplichte controle. De aanbevelingen van de MDW-werkgroep zijn door de landelijke beroepsorganisaties, het Nivra en de NOvAA, niet in dank afgenomen. De keuzevrijheid van accountants zou worden beperkt en efficiënte marktwerking zou juist worden belemmerd. Deze reacties roepen een aantal vragen op. Is het beeld van de accountant als een vertrouwenspersoon met een sterk publieke orientatie wel reeel? Is het wel reeel te verwachten dat openbare accountants afzien van het lucratieve advieswerk? De feitelijke ontwikkelingen van de beroepsgroep wijzen in ieder geval in een andere richting. Accountantskantoren werpen zich op de vrije markt en leggen zich steeds minder toe op hun eigen vak, het controlewerk. Bij de grote kantoren groeit de omzet van organisatie- en fiscale advieswerk ieder jaar sneller. Dat doet op zijn beurt de vraag rijzen in welke mate het predicaat 'onafhankelijkheid' accountants nog toevalt. In hoeverre is de onafhankelijke status waarop de koopman-accountant zich beroept een holle frase aan het worden?nl_NL
dc.relation.ispartofseriesJustitiële verkenningen 1998/03
dc.subjectTuchtrecht
dc.subjectAccountants
dc.subjectEconomische criminaliteit
dc.subjectAccountantscontrole
dc.subjectAccountancy
dc.subjectGeschiedenis
dc.subjectForensische accountancy
dc.subjectBeroepsethiek
dc.titleOver accountants
dc.typerapport
dc.identifier.projectJV1998/03
refterms.dateFOA2021-01-20T08:54:20Z
dc.identifier.tuduuid:7534be7d-ec06-4edc-8d7d-0fec3a86c54e
dc.contributor.institutionWODC


Files in this item

Thumbnail
Name:
jv9803-voorwoord_tcm28-76516.pdf
Size:
11.92Kb
Format:
PDF
Thumbnail
Name:
jv9803-volledige-tekst_tcm28-7 ...
Size:
1.096Mb
Format:
PDF
Thumbnail
Name:
jv9803-summaries_tcm28-76518.pdf
Size:
11.16Kb
Format:
PDF

This item appears in the following Collection(s)

Show simple item record