Genderneutrale formulering van wetgeving
| dc.contributor.author | Oomen-Delhaye, A. | |
| dc.contributor.author | Houwers, H. | |
| dc.contributor.author | Sappelli, M. | |
| dc.contributor.author | Benschop, J. | |
| dc.contributor.author | Verburg, A. | |
| dc.contributor.author | Post, D. | |
| dc.coverage.spatial | Nederland | nl_NL |
| dc.date.accessioned | 2025-01-27T14:00:41Z | |
| dc.date.available | 2025-01-27T14:00:41Z | |
| dc.date.issued | 2024-12-23 | |
| dc.identifier.uri | http://hdl.handle.net/20.500.12832/3431 | |
| dc.description.abstract | Artikel 3.8 van de Aanwijzingen voor de Regelgeving schrijft voor dat bij het opstellen van wet- en regelgeving, indien mogelijk, sekseneutrale persoonsaanduidingen worden gebruikt. Bij het opstellen van nieuwe wetten moet daar rekening mee worden gehouden. Voor wat betreft de huidige wetten is na een inventarisatie van het Burgerlijk Wetboek in 2022 gebleken dat daar nog regelmatig termen met een mannelijke connotatie in staan. De vraag is nu of dat ook geldt voor de overige wetboeken die vallen onder het ministerie van Justitie en Veiligheid en of die meer genderneutraal geformuleerd kunnen worden. Als dat duidelijk is, kan de staatssecretaris Rechtsbescherming vervolgens beslissen of en, zo ja, welke vervolgstappen moeten worden ondernomen bij het genderneutraler formuleren van wetgeving. Onderzoeksvragen Hoofdvraag In hoeverre is het mogelijk om wetgeving genderneutraal te formuleren? Deelvragen Wanneer zijn termen (mogelijk) genderspecifiek? Welke genderspecifieke termen komen voor in de grote wetboeken van het ministerie van Justitie en Veiligheid? Hoe vaak komen deze genderspecifieke termen voor? Welke genderneutrale alternatieven zijn er voor de genderspecifieke termen die worden aangetroffen? In hoeverre zijn er risico’s dat deze alternatieven de juridische betekenis van wetsartikelen wijzigen? INHOUD Inleiding Genderspecifiek taalgebruik Welke genderspecifieke termen komen voor in de wetboeken en hoe vaak? Welke genderneutrale alternatieven zijn er? Risico's van genderneutrale alternatieven Conclusie | |
| dc.description.abstract | Article 3.8 of the Drafting Instructions for Legislation (Aanwijzing voor regelgeving) requires the use of gender-neutral personal nouns where possible when drafting laws and regulations. This should be taken into account when drafting new laws. As far as current laws are concerned, an inventory of the Civil Code in 2022 revealed that it still regularly contains terms with a masculine connotation. The question now is whether the same applies to the other legal codes under the Ministry of Justice and Security, and whether they can be made more gender neutral. Once this is clear, the State Secretary for Legal Protection can decide what, if any, follow-up steps should be taken to make the legislation more gender neutral. | |
| dc.publisher | HAN University of Applied Sciences | nl_NL |
| dc.relation.ispartofseries | WODC Rapport 3416 | nl_NL |
| dc.relation.uri | https://www.wodc.nl/actueel/nieuws/2025/01/27/raadsman-of-advocaat-formulering-wetgeving-kan-genderneutraler | nl_NL |
| dc.subject | Bovenwindse eilanden | nl_NL |
| dc.subject | Vergelijkend onderzoek | nl_NL |
| dc.subject | Ministerie van justitie en veiligheid | nl_NL |
| dc.subject | Awb | nl_NL |
| dc.subject | Bestuursrechtspraak | nl_NL |
| dc.subject | Burgerlijk recht/procesrecht | nl_NL |
| dc.subject | Faillisement | nl_NL |
| dc.subject | Nederlandse Antillen | nl_NL |
| dc.subject | Strafprocesrecht | nl_NL |
| dc.subject | Gelijkheidsbeginsel | nl_NL |
| dc.subject | Geslacht | nl_NL |
| dc.subject | Seksualiteit | nl_NL |
| dc.subject | Strafrecht | nl_NL |
| dc.subject | Taal | nl_NL |
| dc.subject | Wet- en regelgeving | nl_NL |
| dc.title | Genderneutrale formulering van wetgeving | nl_NL |
| dc.type | Rapport | nl_NL |
| dc.identifier.project | 3416 | nl_NL |
| html.description.abstract | Artikel 3.8 van de Aanwijzingen voor de Regelgeving schrijft voor dat bij het opstellen van wet- en regelgeving, indien mogelijk, sekseneutrale persoonsaanduidingen worden gebruikt. Bij het opstellen van nieuwe wetten moet daar rekening mee worden gehouden. Voor wat betreft de huidige wetten is na een inventarisatie van het Burgerlijk Wetboek in 2022 gebleken dat daar nog regelmatig termen met een mannelijke connotatie in staan. De vraag is nu of dat ook geldt voor de overige wetboeken die vallen onder het ministerie van Justitie en Veiligheid en of die meer genderneutraal geformuleerd kunnen worden. Als dat duidelijk is, kan de staatssecretaris Rechtsbescherming vervolgens beslissen of en, zo ja, welke vervolgstappen moeten worden ondernomen bij het genderneutraler formuleren van wetgeving.<P></P>Onderzoeksvragen<P></P>Hoofdvraag<BR>In hoeverre is het mogelijk om wetgeving genderneutraal te formuleren?<P></P>Deelvragen<OL><LI>Wanneer zijn termen (mogelijk) genderspecifiek?<LI>Welke genderspecifieke termen komen voor in de grote wetboeken van het ministerie van Justitie en Veiligheid?<LI>Hoe vaak komen deze genderspecifieke termen voor?<LI>Welke genderneutrale alternatieven zijn er voor de genderspecifieke termen die worden aangetroffen?<LI>In hoeverre zijn er risico’s dat deze alternatieven de juridische betekenis van wetsartikelen wijzigen?</OL></LI><P></P>INHOUD<OL><LI>Inleiding<LI>Genderspecifiek taalgebruik<LI>Welke genderspecifieke termen komen voor in de wetboeken en hoe vaak?<LI>Welke genderneutrale alternatieven zijn er?<LI>Risico's van genderneutrale alternatieven<LI>Conclusie</OL></LI> | nl_NL |
| html.description.abstract | Article 3.8 of the Drafting Instructions for Legislation (Aanwijzing voor regelgeving) requires the use of gender-neutral personal nouns where possible when drafting laws and regulations. This should be taken into account when drafting new laws. As far as current laws are concerned, an inventory of the Civil Code in 2022 revealed that it still regularly contains terms with a masculine connotation. The question now is whether the same applies to the other legal codes under the Ministry of Justice and Security, and whether they can be made more gender neutral. Once this is clear, the State Secretary for Legal Protection can decide what, if any, follow-up steps should be taken to make the legislation more gender neutral. | en_GB |
| dc.contributor.institution | HAN University of Applied Sciences | nl_NL |
| dc.source.city | Nijmegen | nl_NL |
| dc.title.english | Gender-neutral formulation of legislation (full text only available in Dutch) | nl_NL |





