Show simple item record

dc.contributor.authorSteden, R. van
dc.contributor.authorMeijer, R.
dc.contributor.authorBroekhuizen, J.
dc.coverage.spatialNederland
dc.date.accessioned2021-01-22T13:13:51Z
dc.date.available2021-01-22T13:13:51Z
dc.date.issued2018
dc.identifier.urihttp://hdl.handle.net/20.500.12832/2367
dc.description.abstractIn recent years, Europe has been the stage of several terrorist attacks. Mostly soft targets were hit: open locations where large groups of people gather, making it hard to secure them. Examples are shopping areas, football stadiums, event grounds, public transport, airports, the hospitality industry, but also museums, universities, religious institutions and government buildings. The variety of potential targets and the diversity of potential perpetrators (organizations, networks or lone wolfs), their motives (think, for instance, of jihadism or right-wing extremism) and modus operandi (such as gun violence, explosives, trucks and stabbings) generate a diffuse threat.Since March 2013, the threat level in the Netherlands has been substantial, which means that the chance a terrorist attack will take place is real. Just like in other countries, the Dutch (national) government aims to prevent attacks. It also aims to prevent the social disruption caused by an attack or to shorten its duration as much as possible. The financial and personal means for keeping targets safe are scarce. As it is impossible for the government to carry out these responsibilities and tasks on its own, it looks for support among private parties. In this way, forms of public-private cooperation (PPC) on safety have evolved that can be found in public transport, at large events and around ‘sensitive’ religious institutions.The objective of this study is to gain insight into the relevant working methods and experiences regarding PPC for guarding and securing soft targets in times of an (increasing) diffuse threat.
dc.description.abstractDe afgelopen jaren is Europa het toneel geweest van meerdere terroristische aanslagen. Daarbij waren vooral ‘soft targets’ het doelwit: open plaatsen waar grote groepen mensen komen en die moeilijk te beveiligen zijn. Voorbeelden zijn winkelgebieden, voetbalstadions, evenemententerreinen, openbaar vervoer, luchthavens, horeca, uitgaansgelegenheden, maar ook musea, universiteiten, religieuze instellingen en overheidsgebouwen. De verscheidenheid aan mogelijke doelwitten en de diversiteit aan potentiële daders (organisaties, netwerken of eenlingen), hun motieven (denk bijvoorbeeld aan jihadisme of rechtsextremisme) en modus operandi (onder andere vuurwapengeweld, explosieven, vrachtwagens en steekpartijen) zorgen voor een diffuse dreiging. Publiek-private samenwerking (PPS) bij het bewaken en beveiligen van ‘soft targets’ vindt zowel op nationaal als op lokaal niveau plaats. In Nederland en in andere landen zijn er praktijkvoorbeelden (en daarmee ervaringen) voorhanden van samenwerking tussen publieke (overheid) en private (niet-overheid) partijen in het voorkomen van aanslagen en het inperken van de gevolgen daarvan. Het doel van dit onderzoek is om inzicht te krijgen in de relevante werkwijzen en ervaringen met betrekking tot PPS bij het bewaken en beveiligen van ‘soft targets’ in tijden van (toenemende) diffuse dreiging. De ervaringen en percepties van de door ons geïnterviewde respondenten staan daarbij centraal. Deze informatie kan de NCTV ondersteunen bij de afwegingen omtrent het bewaken en beveiligen van potentiële doelwitten ten behoeve van het vergroten van het algehele weerstandsniveau en de aanvullende rol die private actoren daarbij kunnen spelen. In het onderzoek komen drie cases aan de orde, de Johan Cruijff ArenA, de Nijmeegse Vierdaagse en het Diamantkwartier in Antwerpen. Deze drie cases zijn gekozen vanwege PPS op lokaal niveau die verder gaat dan camerabewaking, training en/of geringe informatieoverdracht vanuit de overheid. De hoofdvraag in dit onderzoek is: welke rol kunnen publieke (overheid) en private (niet-overheid) actoren vervullen binnen samenwerkingsverbanden bij het bewaken en beveiligen van ‘soft targets’ – en aldus bij het versterken van maatschappelijke weerbaarheid in tijden van diffuse dreiging? INHOUD: 1. Inleiding 2. Literatuurstudie 3. Een beknopt internationaal beleid 4. Johan Cruijf ArenA 5. Nijmeegse vierdaagse 6. Diamantkwartier Antwerpen 7. Samenvattende conclusies en reflectie
dc.publisherVerwey Jonker Instituut
dc.relation.ispartofseriesWODC Rapport 2858
dc.subjectAanslag
dc.subjectPolitiele bewaking
dc.subjectParticuliere beveiligingsdienst
dc.subjectCalamiteit
dc.subjectPubliek-private samenwerking
dc.subjectDuitsland
dc.subjectBuurt
dc.subjectBelgie
dc.subjectWest-Europa
dc.subjectScandinavie
dc.subjectFrankrijk
dc.subjectCanada
dc.subjectAustralie
dc.subjectVerenigde Staten
dc.subjectVergelijkend onderzoek
dc.subjectVeiligheid
dc.subjectLiteratuuronderzoek
dc.subjectBeveiliging
dc.subjectPreventie
dc.subjectTerrorismebestrijding
dc.subjectBestuurlijke preventie
dc.subjectGroot-Brittannie
dc.titlePubliek-private samenwerking in tijden van diffuse dreiging
dc.title.alternativeEen onderzoek naar diversiteit in werkwijzen en kansen in de Nederlandse en Vlaamse context
dc.typerapport
dc.identifier.project2858
refterms.dateFOA2021-01-22T13:13:51Z
html.description.abstractIn recent years, Europe has been the stage of several terrorist attacks. Mostly soft targets were hit: open locations where large groups of people gather, making it hard to secure them. Examples are shopping areas, football stadiums, event grounds, public transport, airports, the hospitality industry, but also museums, universities, religious institutions and government buildings. The variety of potential targets and the diversity of potential perpetrators (organizations, networks or lone wolfs), their motives (think, for instance, of jihadism or right-wing extremism) and modus operandi (such as gun violence, explosives, trucks and stabbings) generate a diffuse threat.Since March 2013, the threat level in the Netherlands has been substantial, which means that the chance a terrorist attack will take place is real. Just like in other countries, the Dutch (national) government aims to prevent attacks. It also aims to prevent the social disruption caused by an attack or to shorten its duration as much as possible. The financial and personal means for keeping targets safe are scarce. As it is impossible for the government to carry out these responsibilities and tasks on its own, it looks for support among private parties. In this way, forms of public-private cooperation (PPC) on safety have evolved that can be found in public transport, at large events and around ‘sensitive’ religious institutions.The objective of this study is to gain insight into the relevant working methods and experiences regarding PPC for guarding and securing soft targets in times of an (increasing) diffuse threat.en_GB
html.description.abstractDe afgelopen jaren is Europa het toneel geweest van meerdere terroristische aanslagen. Daarbij waren vooral ‘soft targets’ het doelwit: open plaatsen waar grote groepen mensen komen en die moeilijk te beveiligen zijn. Voorbeelden zijn winkelgebieden, voetbalstadions, evenemententerreinen, openbaar vervoer, luchthavens, horeca, uitgaansgelegenheden, maar ook musea, universiteiten, religieuze instellingen en overheidsgebouwen. De verscheidenheid aan mogelijke doelwitten en de diversiteit aan potentiële daders (organisaties, netwerken of eenlingen), hun motieven (denk bijvoorbeeld aan jihadisme of rechtsextremisme) en modus operandi (onder andere vuurwapengeweld, explosieven, vrachtwagens en steekpartijen) zorgen voor een diffuse dreiging. Publiek-private samenwerking (PPS) bij het bewaken en beveiligen van ‘soft targets’ vindt zowel op nationaal als op lokaal niveau plaats. In Nederland en in andere landen zijn er praktijkvoorbeelden (en daarmee ervaringen) voorhanden van samenwerking tussen publieke (overheid) en private (niet-overheid) partijen in het voorkomen van aanslagen en het inperken van de gevolgen daarvan. Het doel van dit onderzoek is om inzicht te krijgen in de relevante werkwijzen en ervaringen met betrekking tot PPS bij het bewaken en beveiligen van ‘soft targets’ in tijden van (toenemende) diffuse dreiging. De ervaringen en percepties van de door ons geïnterviewde respondenten staan daarbij centraal. Deze informatie kan de NCTV ondersteunen bij de afwegingen omtrent het bewaken en beveiligen van potentiële doelwitten ten behoeve van het vergroten van het algehele weerstandsniveau en de aanvullende rol die private actoren daarbij kunnen spelen. In het onderzoek komen drie cases aan de orde, de Johan Cruijff ArenA, de Nijmeegse Vierdaagse en het Diamantkwartier in Antwerpen. Deze drie cases zijn gekozen vanwege PPS op lokaal niveau die verder gaat dan camerabewaking, training en/of geringe informatieoverdracht vanuit de overheid. De hoofdvraag in dit onderzoek is: welke rol kunnen publieke (overheid) en private (niet-overheid) actoren vervullen binnen samenwerkingsverbanden bij het bewaken en beveiligen van ‘soft targets’ – en aldus bij het versterken van maatschappelijke weerbaarheid in tijden van diffuse dreiging? <P></P><b>INHOUD:</b> 1. Inleiding 2. Literatuurstudie 3. Een beknopt internationaal beleid 4. Johan Cruijf ArenA 5. Nijmeegse vierdaagse 6. Diamantkwartier Antwerpen 7. Samenvattende conclusies en reflectienl_NL
dc.identifier.tuduuid:e37f4fae-614b-40b6-aa98-0c3b9611943b
dc.contributor.institutionVrije Universiteit - Institute of Societal Resilience
dc.contributor.institutionVerwey Jonker Instituut
dc.contributor.institutionWODC
dc.source.cityUtrecht


Files in this item

Thumbnail
Name:
2858_Volledige_Tekst_tcm28-349 ...
Size:
3.285Mb
Format:
PDF
Thumbnail
Name:
2858_Samenvatting_tcm28-349622.pdf
Size:
2.840Mb
Format:
PDF
Thumbnail
Name:
2858_Summary_tcm28-349623.pdf
Size:
2.839Mb
Format:
PDF

This item appears in the following Collection(s)

Show simple item record