• Restorative Justice and Mediation

      Boutellier, J.C.J.; Marshall, T.F.; Dinkel, F.; Walgrave, L.; Aertsen, I.; Dullum, J.; Zandbergen, A.; Lopez, M.J.J.; Bequai, A. (WODC, 1996)
      ARTICLES: 1. Editorial 2. J.C.J.Boutellier - Beyond the criminal justice paradox; Alternatives between law and morality 3. T.F. Marshall - The evolution of restorative justice in Britain 4. F. Dinkel - Töter-Opfer-Ausgleich; German experiences with mediation in a European perspective 5. L. Walgrave and I. Aertsen - Reintegrative shaming and restorative justice; Interchangeable, complementary or different? 6. J. Dullum - The Norwegian mediation boards 7. A. Zandbergen - Shaming in a Dutch diversion project 8. Manuel J.J. Lopez - Crime prevention within metro systems; 9. A. Bequai Cyber crime: the US experience; 10. Penal justice information from France (CESDIP) 11. Crime institute profile: Institute of Justice, Warsaw, Poland
    • Toedeling van zaken aan en binnen gerechten (2 delen)

      Langbroek, P.M.; Fabri, M. (Universiteit Utrecht - Faculteit Rechtsgeleerdheid, 2004)
      De doelstelling van dit project is om inzicht te verkrijgen in de wijze waarop andere landen hun stelsel van rechtspraak hebben ingericht (absolute en relatieve competentie). De huidige bepalingen over relatieve competentie worden als knellend ervaren. Zij raken aan belangrijke vragen over het rechtsbestel, bijvoorbeeld betreffende toegankelijkheid, beheersmatig optimale omvang, aansluiting bij competentie ketenpartners (politie, OM, deurwaarder, advocaten). Vragen: Hoe hebben te selecteren landen hun stelsel van rechtspraak ingericht? Welke knelpunten doen zich daarbij voor? Worden deze opgelost en zo ja hoe?
    • Varianummer

      Unknown author (WODC, 1975)
    • Vergroting van de slagvaardigheid van het strafrecht - een rechtsvergelijkend perspectief

      Bleichrodt, F.W.; Mevis, P.A.M.; Volker, B.W.A. (Erasmus Universiteit Rotterdam - Faculteit der Rechtsgeleerdheid, 2011)
      In dit rapport wordt verslag gedaan van een inventariserend onderzoek naar wettelijke voorzieningen om een snellere en effectievere reactie op een strafbaar feit mogelijk te maken en daarmee de slagvaardigheid van het strafrecht te vergroten. Het rapport bevat in de eerste plaats een inventarisatie van vrijheidsbenemende en vrijheidsbeperkende mogelijkheden gedurende het strafvorderlijk onderzoek. Daarnaast wordt ingegaan op vrijheidsbeperkende strafrechtelijke sancties. Ten slotte wordt aandacht besteed aan mogelijkheden van snelrecht en vormen van dadelijke uitvoerbaarheid van beslissingen van de strafrechter. De inventarisatie betreft het recht van Duitsland, Engeland en Wales, Frankrijk en Noorwegen. INHOUD: 1. Inleiding 2. Engeland en Wales 3. Frankrijk 4. Duitsland 5. Noorwegen 6. Confrontatie van de bevindingen uit de vier landen met het EVRM 7. Slotbeschouwing
    • Vervroegde Invrijheidstelling Onder Voorwaarden (VIOV)

      Nijboer, J.F.; Asten, M.H.M. van; Marsé, C.E.M.; Boonen, K. (medew.); Breur, C.M. (medew.); Wolters, J.R.M. (medew.); Wurzer-Leenhouts, S.M. (medew.); Roos, Th.A. de (medew.) (Universiteit Leiden - Seminarium voor Bewijsrecht, 2001)
      Het rapport geeft inzicht in de vormen van vervroegde invrijheidstelling in Belgie, Frankrijk, Engeland & Wales, Noorwegen en Canada. Tevens is in Nederland nagegaan welke opvattingen bestaan over mogelijke herzieningen van het VI-stelsel in Nederland bij sleutelfiguren in gevangeniswezen, politie, reclassering, ZM, OM, advocatuur en wetenschap. In het buitenland ligt veel nadruk op toezicht op de gedetineerde tijdens de proeftijd en op het voorkomen van recidive (o.a. door risicotaxatie-instrumenten). Over het effect (in termen van recidive) van de regelingen in deze landen zijn echter weinig onderzoeksgegevens beschikbaar. Uit het onderzoek in Nederland komt naar voren dat sleutelfiguren unaniem wijziging van de huidige VI-praktijk wensen maar dat de meningen verschillen over de exacte invulling daarvan.
    • Vitale vennootschappen in veilige handen

      Bulten, C.; Jong, B. de; Breukink, E.-J.; Jettinghof, A. (Radboud Universiteit Nijmegen, Onderzoekcentrum Onderneming & Recht, 2017)
      Het komt geregeld voor dat buitenlandse investeerders belangrijke aandeelhoudersrechten in Nederlandse ondernemingen verwerven of trachten te verwerven. Buitenlandse investeringen leveren een materiële bijdrage aan de Nederlandse welvaart. Niettemin komt in de huidige geopolitieke context de vraag op of buitenlands aandeelhouderschap tevens een bedreiging kan vormen voor Nederlandse (publieke) belangen. De vraag is 'wat zijn de risico’s van (buitenlands) aandeelhouderschap voor de nationale veiligheid'? In dit onderzoek staat de vraag centraal hoe aandeelhouderschap in een Nederlandse naamloze of besloten vennootschap (mogelijke) toegang tot (vertrouwelijke) informatie en invloed op beslissingen biedt en op welke wijze dit gevolgen kan hebben voor de nationale veiligheid. Het onderzoek bevat een theoretisch en een empirisch gedeelte. De juridisch-theoretische methodologie bestond uit een studie van Nederlandse en buitenlandse regelgeving, rechtspraak en rechtsgeleerde literatuur. Het empirisch onderzoek vond plaats door middel van het houden van interviews.De volgende vitale sectoren komen aan bod: energie, ICT/Telecom, drinkwater en water, transport, chemie, de nucleaire sector, de financiële sector, de digitale overheid en defensie. Tevens is een analyse van in andere landen voorkomende regels die de nationale veiligheid tegen ongewenste buitenlandse investeringen pogen te beschermen, opgenomen. De onderzoekers bekeken achtereenvolgens het systeem in de Verenigde Staten van Amerika, in Duitsland, in Frankrijk, in het Verenigd Koninkrijk, in Noorwegen, in Zweden en in Zwitserland. INHOUD: 1. Inleiding 2. Kernbegrippen 3. Rechten van aandeelhouders 4. Analyse van vitale sectoren 5. Internationaal perspectief 6. Bevindingen, synthese en aanbevelingen 7. Summary
    • Voorkomen van vechtscheidingen - Een literatuurstudie naar effectiviteit van verplichte mediation en scheidingseducatie

      Geurts, T.; Sportel, I.D.A.; Beenakkers, E.M.Th. (medew.); Arikan, F.N. (medew.) (WODC, 2015)
      In het huidige onderzoek wordt gekeken naar wat er vanuit de wetenschappelijke evaluatieliteratuur bekend is over de effec-tiviteit van verplichte mediation en verplichte scheidingseducatie in het voorkomen van vechtscheidingen. Mediation gericht op ouders die in een vechtscheiding ver-wikkeld zijn, zoals therapeutische mediation, is geen onderwerp van het huidige onderzoek. Daarnaast wordt met het oog op de toepasbaarheid van mediation in Nederland een korte schets gegeven van de organisatiewijze van landen die naar voren zijn geko-men in de literatuurstudie. Aan de hand van wetteksten is verkend hoe mediation georganiseerd is in verschillende staten van de VS, te weten California, Colorado, Connecticut, Minnesota en Virginia. Tot slot is nog gekeken naar de effectuering van omgangsregelingen in het buiten-land. Omdat dit deel van het onderzoek qua onderwerp afwijkt van de rest van het onderzoek en het slechts een kleinschalige verkenning betreft, is dit gedeelte opgenomen in bijlage 3. INHOUD: 1. Inleiding 2. Onderzoek naar mediation 3. Onderzoek naar scheidingseducatie 4. Wet en regelgeving in de VS 5. Conclusie