• Elektronische detentie

      Kruissink, M. (WODC, 2006)
      Elektronische detentie (ED) is het tenuitvoerleggen van een vrijheidsstraf bij de gedetineerde thuis, waarbij de aanwezigheid van betrokkene gecontroleerd wordt door middel van technische voorzieningen. ED is in november 2003 als pilot in Nederland ingevoerd. Dit zijn de belangrijkste uitkomsten van het evaluatieonderzoek van deze pilot. Deze uitgave is verschenen in de nieuwe reeks Fact sheet (nr. 2006-25). De volledige tekst van het rapport is te vinden via het vak 'Links' aan de rechterkant.
    • Evaluatie detentieconcept Lelystad

      Post, B.; Stolz, S.; Miedema, F. (WODC, 2007)
      Het Detentieconcept Lelystad (DCL) is een pilotinrichting waar 150 kortverblijvenden in zespersoonscellen zijn ondergebracht. DCL is sinds januari 2006 operationeel. Het regime in DCL kenmerkt zich door een beperkte bevei_liging en een uitvoerig gebruik van elektronica. De hoofdvraag in dit onderzoeksrapport luidt als volgt: In hoeverre draagt het DCL bij aan de vier uitgangspunten zoals die zijn geformuleerd in De Nieuwe Inrichting en voldoet DCL aan de normen van Detentie en Behandeling op Maat (DBM) en de vijf detentieprincipes van de Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI).
    • Evaluatie Penitentiaire beginselenwet en Penitentiaire maatregel

      Laemers, M.T.A.B.; Vegter, P.C.; Fiselier, J.P.S. (Katholieke Universiteit Nijmegen - ITS, 2001)
      Op 1 januari 1999 zijn de Penitentiaire beginselenwet (PBW), ter vervanging van de Beginselenwet gevangeniswezen, en de Penitentiaire maatregel (PM), ter vervanging van de Gevangenismaatregel, van kracht geworden. Aan de Tweede kamer is toegezegd dat de uitvoering van de regelgeving nauwgezet gevolgd zal worden en dat daartoe de eerste twee jaar na inwerkingtreding geëvalueerd zou worden. In dit rapport wordt van deze evaluatie verslag gedaan. De hoofdstukindeling correspondeert in grote lijnen met de geselecteerde onderwerpen van de vragenlijst voor unitdirecteuren. De clusters binne die vragenlijst zijn:Bekendheid met inhoud en gedachtegoed van de regelgeving;Differentiatiestelsel;Disciplinaire straffen;Dwangbehandeling;Beklag en beroep en;Penitentiaire programma's.
    • Evaluatie pilot zorgcontinuïteit - ketensamenwerking in Rotterdam

      Goedvolk, M.; Walberg, A. (Significant, 2013)
      In de periode van september 2012 tot en met juni 2013 is een evaluatie uitgevoerd van de pilot zorgcontinuïteit in locatie De Schie van PI Rotterdam. De pilot zorgcontinuïteit bestaat uit twee belangrijke elementen: het inzetten van een trajectregisseur van de GGD Rotterdam en gezamenlijke inkoop. De zorg richt zich op de groep kortgestraften en preventief gehechten met Rotterdam-binding. De doelstelling van dit onderzoek is het inzichtelijk maken van de mate waarin de pilot in de praktijk wordt uitgevoerd zoals beoogt, het benoemen van de succesfactoren en knelpunten en het vaststellen van de mate waarin zorgcontinuïteit is bevorderd door uitvoering van de pilot. INHOUD: 1. Achtergrond en aanleiding 2. Onderzoeksopzet 3. Succesfactoren voor zorgcontinuïteit uit de literatuur 4. De pilot zorgcontinuïteit 5. Conclusies
    • Evaluatie pilots zelfredzaamheid gedetineerden

      Jong, B.J. de; Willems, P.J.H.; Burik, A.E. van (VanMontfoort, 2015)
      De probleemstelling van het onderzoek luidt: ‘Waar zit ruimte om gedetineerden en personeel (zelfredzame teams) meer eigen verantwoordelijkheden te geven bij het dagelijks leven en werken in een penitentiaire inrichting (PI) en in hoeverre leiden de genomen maatregelen in de pilots tot kostenbesparing?’ Dit alles bij gelijkblijvende kwaliteit en veiligheid. Op basis van deze probleemstelling is een tweeledige doelstelling geformuleerd: (1) onderzoeken in hoeverre in de pilots gedetineerden en personeel zelfredzaam/zelfsturend kunnen zijn en waar deze zelfredzaamheid wordt begrensd door kaders die worden gesteld vanuit veiligheid, de wet- en regelgeving, kosten, mogelijkheden van (zwakke) gedetineerden en detentiekwaliteit en (2) onderzoeken of de maatregelen die op dit gebied zijn genomen in de pilots tot een kostenbesparing leiden. INHOUD: 1. Inleiding en achtergrond 2. Onderzoeksverantwoording 3. Context pilots en beschrijving pilots en projecten 4. Zelfredzaamheid gedetineerden 5. Zelfsturing 6. Veranderingsproces 7. Veiligheid 8. Financiën 9. Vooruitblik naar de toekomst 10. Conclusies
    • Evaluatie projecten 'Detentie lokaal en flexibel

      Kuin, M.; Verbeek, E.; Mulder, E.; Homburg, G. (Regioplan beleidsonderzoek, 2021-09-17)
      Het doel van dit onderzoek is om de vijf projecten, gericht op lokale en flexibele detentie, te evalueren en te ondersteunen in hun doorontwikkeling, en om een basis te leggen voor een toekomstige effect-evaluatie. Concreet biedt het onderzoek: - inzicht in de gestelde doelen, opzet en werkzame elementen van de vijf projecten; - (tussentijdse) suggesties ter verbetering en doorontwikkeling van de projecten; - indicatoren voor een toekomstige proces- en effectevaluatie van de projecten; - inzicht in de realisatie, knelpunten, succesfactoren en leerpunten van de projecten. Het onderzoek bestaat uit twee onderdelen: A. De planevaluaties en indicatoren voor toekomstige evaluaties. B. Evaluatie van de realisatie en leerpunten. INHOUD: 1. Inleiding 2. Planevaluaties 3. Evaluatie realisatie en leerpunten 4. Samenvatting en conclusies
    • Evaluatie van het beleidsplan 1983 van het Huis van Bewaring te Rotterdam - verslag van een onderzoek naar de mening van bewaarders en gedetineerden over het beleidsplan en de regiemsdifferentiatie

      Bartelds, J.I.M.W.; Ginkel, A.J.H. van; Grapendaal, M.; Nijhof, R.C.F. (Directie Gevangeniswezen, 1987)
      Dit onderzoek richt zich op de mening van bewaarders en gedetineerden over de gang van zaken in de inrichitng in het algemeen en over de regiemsdifferentiatie in het bijzonder.
    • Evidence-based interventies tijdens detentie

      Ljujic, V.; Homburg, G.; Zoetelief, I. (Regioplan beleidsonderzoek, 2021-06-15)
      Het doel van dit onderzoek is om meer inzicht te krijgen in het aanbod van effectieve (bij voorkeur evi-dence-based) justitiële interventies voor het verbeteren van de basisvoorwaarden voor succesvolle re-integratie en het terugdringen van recidive onder volwassen gedetineerden. De centrale vraag is: welke evidence-based interventies worden in Nederlandse penitentiaire instellingen ingezet (of zouden inge-zet kunnen worden) tijdens detentie en wat zijn de randvoorwaarden voor een effectieve uitvoering? Evidence-based geldt als een strenge eis en daarom richt het onderzoek zich ook op interventies die niet evidence-based zijn, maar wel een goede onderbouwing hebben met wetenschappelijke of praktijkken-nis en waarnaar bij voorkeur procesevaluaties zijn uitgevoerd. INHOUD: 1. Inleiding 2. Afbakening en methode van onderzoek 3. Inventarisatie 4. Uitvoering en randvoorwaarden 5. Conclusie.
    • Exodus: naar een leven zonder criminaliteit? - Recidiveonderzoek onder ex-gedetineerden die tussen 1999 en 2012 een periode in een Exodushuis verbleven

      Wingerden, S. van; Verweij, S.; Wartna, B.; Moerings, M. (Universiteit Leiden, 2017)
      Vereniging Samenwerkingsverband Exodus Nederland is een organisatie die (ex-) gedetineerden opvangt en helpt te resocialiseren. Exodus wil zo bijdragen aan een veiligere maatschappij. Om te kunnen reflecteren op haar functioneren is het voor Exodus van belang om inzicht te hebben in de recidive onder haar oud-bewoners. In deze studie, een vervolgstudie op een onderzoek uit 2010, staat de vraag centraal hoe het gesteld is met de recidive onder de oud-bewoners van Exodus.
    • Forensische zorgtrajecten in het gevangeniswezen - Onderzoek in zes penitentiaire inrichtingen naar signalering, indicatiestelling en plaatsing

      Roorda, W.; Buysse, W.; Verwest, A. (medew.); Scherders, S. (medew.) (DSP-groep, 2016)
      In detentie verblijven veel gedetineerden met psychische problematiek: psychiatrische symptomen, verslaving, een (licht) verstandelijke beperking ((L)VB) of een combinatie van deze problemen. Met het ontwikkelen van zorgtrajecten tijdens en in aansluiting op detentie wordt gepoogd voor deze gedetineerden een zorgaanbod en -continuïteit te realiseren, vanuit de overtuiging dat het realiseren van tijdige, passende en kwalitatief hoogwaardige forensische zorg bijdraagt aan de vermindering van recidive. Om beter invulling te kunnen geven aan het ‘forensisch’ zorgproces binnen het gevangeniswezen en het plaatsingsproces te optimaliseren is een kwalitatief onderzoek uitgevoerd naar de besluitvorming over en het verloop van zorgtrajecten van gedetineerden in zes penitentiaire inrichtingen. Het onderzoek richt zich op de forensische zorg en de psychische basiszorg aan gedetineerden (preventief gehechten, afgestraften en ISD'ers) vanaf het moment van binnenkomst in de penitentiaire inrichting (PI) tot het moment dat de gedetineerde de PI verlaat. Het onderzoek geeft antwoord op vier centrale onderzoeksvragen: Hoe verloopt de besluitvorming in het Psycho-Medisch Overleg (PMO)? Is de plaatsing verlopen volgens de daarvoor opgestelde procedures? Wat gebeurt er met gedetineerden die niet instromen in een zorgtraject en bij wie dat wel wenselijk is? Hoe verloopt het zorgtraject van gedetineerden? INHOUD: 1. Inleiding 2. Beleidscontext 3. Onderzoeksvragen en methode 4. Forensische zorgtrajecten HvB en gevangenissen 5. Forensische zorgtrajecten ISD-maatregel 6. Knel- en verbeterpunten en mogelijke oplossingen 7. Conclusies
    • Frankes Twee eeuwen gevangen: dertig jaar later

      Swaaningen, R. van; Molleman, T.; Boone, M.; Serrarens, J.; Beijerse, J. uit; Otten, Chr.; Fijnaut, C.; Ippel, P. (WODC, 2021-07-28)
      ARTIKELEN: 1. Inleiding 2. René van Swaaningen - Civilisatie en emancipatie, maar van wie precies? Twee eeuwen gevangen dertig jaar later 3. Toon Molleman - Toen en nu: heeft het gevangeniswezen de middelen om zijn doelen te bereiken? 3. Miranda Boone - Van zelfdwang naar zachte macht. Civilisatie slokt emancipatie op 4. Judith Serrarens - Over emancipatie en de rechtspositie van gedetineerden. Levensomstandigheden in gevangenis ernstig verslechterd tijdens corona 5. Jolande uit Beijerse - Broze fundamenten en alarmerende signalen. Lessen uit het ‘cellulaire drama’ voor gesloten jeugdhulp 6. Christine Otten - In de roman kun je iedereen zijn. Over creatief schrijven in gevangenschap 7. Cyrille Fijnaut - De betekenis van Herman Frankes proefschrift in een internationaal vergelijkende context 8. Pieter Ippel - Macht, emancipatie, onmacht. Over de geschiedenis van het lijden van gedetineerden en gekken SAMENVATTING: Dit themanummer van Justitiële verkenningen (nr. 2/20021) is gewijd aan de recente heruitgave van Herman Frankes proefschrift Twee eeuwen gevangen. Misdaad en straf in Nederland. De vermaarde criminoloog, die zich later zou ontwikkelen tot romanschrijver, leverde destijds, in 1990, een dissertatie van bijna duizend pagina’s af. Onder studenten werd het wel ‘de baksteen’ genoemd. Niettemin leest het boek als een roman. Met veel gevoel voor detail wordt een beeld geschetst van de praktijk van het straffen gedurende twee eeuwen, de veranderingen die daarin optraden, en de politieke en maatschappelijke discussies die erover werden gevoerd. Er verscheen ook een publieksversie en de verkorte Engelse uitgave werd door de American Society of Criminology bekroond als beste buitenlandse studie. Het theoretisch fundament voor de beschouwing van Franke vormt de civilisatietheorie van Norbert Elias. De verschuiving van externe naar interne dwang, zoals die zich in de hele samenleving voltrok, maakte in de gevangenis ruimte voor varianten van straf die een groter beroep deden op de zelfdiscipline van gedetineerden (verlof, voorwaardelijke straf en voorwaardelijke veroordeling). Franke zette zich af tegen op dat moment dominante theoretische perspectieven, zoals de disciplineringsthese van Foucault (1975) en de arbeidsmarkthypothese van Rusche en Kirchheimer (1939). Een van zijn belangrijkste bezwaren tegen deze verklaringen is dat ze het doen voorkomen of veranderingen het gevolg zijn van menselijke bedoelingen. Zijn analyse laat juist zien dat veranderingen niet worden gestuurd, maar ontstaan. Ze zijn veel meer het gevolg van toevalligheden en tekortkomingen van menselijke strevingen en ze zijn ingebed in grotere maatschappelijke processen. In deze aflevering van Justitiële verkenningen wordt in acht artikelen gereflecteerd op het hedendaagse gevangeniswezen vanuit de optiek van het boek. Aldus biedt dit themanummer handvatten om in publieke en wetenschappelijke discussies over straf en detentie boven de waan van de dag uit te stijgen en nieuwe ontwikkelingen te relateren aan de theoretische concepten die Franke heeft geïntroduceerd.
    • Gaming en gamification voor justitiële inrichtingen

      Velde, R. te; Steur, J.; Vrankan, A. (Dialogic, 2015)
      Een van de ICT-toepassingen die de Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI) overweegt zijn Serious games. Serious games hebben primair een educatief doel, het opdoen van kennis of vaardigheden. Het entertainment aspect dat gepaard gaat met het spelen van de game dient als motivationele prikkel voor het bereiken van de leerdoelen. DJI is geïnteresseerd in toepassingsmogelijkheden van serious gaming (ervaringsleren). Dit verkennende onderzoek maakt duidelijk welke toegevoegde waarde serious games nu echt voor DJI kunnen hebben in het kader van het Masterplan. De volgende hoofdvragen worden behandeld: Welke doelen kunnen met serious gaming gerealiseerd worden? Voor welke doelgroepen binnen DJI is serious gaming het meest interessant? In hoeverre kan serious gaming voor DJI een effectief instrument zijn (om de doelstellingen van het Masterplan te bereiken)? INHOUD: 1. Inleiding 2. Games, video games, serious gaming en gamification 3. Inzet gaming in context Dienst Justitiële Inrichtingen 4. Case studies 5. Conclusies en aanbevelingen
    • Gedragsinterventies voor volwassen justitiabelen - stand van zaken en mogelijkheden voor innovatie

      Fischer, T.F.C.; Captein, W.J.M.; Zwirs, B.W.C. (Erasmus Universiteit Rotterdam - Faculteit der Rechtsgeleerdheid, 2012)
      Sinds 2005 worden alle gedragsinterventies die door de drie reclasseringsorganisaties worden aangeboden door de Erkenningscommissie Gedragsinterventies getoetst op hun kwaliteit. Doel van dit onderzoek is om na te gaan of het huidige aanbod (en aanbod in ontwikkeling) van gedragsinterventies voldoet  en - zo niet - op welke manier innovatie mogelijk is. Dit onderzoek betreft het in kaart brengen van 1) criminogene factoren die in de huidige praktijk niet voldoende aan bod komen en 2) bepaalde groepen justitiabelen die met het huidige aanbod niet bereikt worden. INHOUD: 1. Inleiding 2. Dataverzameling en analysetechnieken 3. Inventarisatie gedragsinterventies: afgedekte en onafgedekte factoren 4. Inventarisatie gedragsinterventies: exclusie 5. Non-participatie: no show en uitval 6. Mogelijkheden voor innovatie van het aanbod 7. Conclusies
    • Geestelijke verzorging in detentie - visie van ingeslotenen op behoefte en aanbod

      Oliemeulen, L.; Luijtelaar, M. van; Shamma, Sara al; Wolf, J. (WODC, 2010)
      Doel van dit onderzoek is het verkrijgen van inzicht in: De behoefte van verschillende groepen ingeslotenen aan geestelijke verzorging;De aansluiting van de geboden geestelijke verzorging in de inrichtingen op de gearticuleerde vraag naar geestelijke verzorging van verschillende groepen;Belemmerende en bevorderende factoren bij het gebruik van geestelijke verzorging. De achtergronden, doelen, uitvoering en organisatie van geestelijke verzorging in detentie in Nederland. INHOUD: 1. Aanleiding en opzet van het onderzoek 2. Behoefte van ingeslotenen aan geestelijke verzorging, een literatuuroverzicht 3. Concept map; "Voor Godsdienst of levensovertuiging is nodig..." 4. Profiel ingeslotenen in de steekproef 5. Behoefte aan ondersteuning door godsdienst/levensovertuiging en geestelijke verzorging 6. Belemmerende en bevorderende factoren 7. Behoefte aan en aanbod van geestelijke verzorging 8. Samenvatting en conclusies
    • Gevangen in de EBI - Een empirisch onderzoek naar de Extra Beveiligde Inrichting (EBI) in Vught

      Bunt, H.G. van de; Bleichrodt, F.W.; Struijk, S.; Leeuw, P.H.P.M. de; Struik, D. (Erasmus Universiteit Rotterdam - School of Law, 2013)
      De centrale vraag van dit onderzoek is: Welke prijs wordt betaald voor het bereiken van de doelstelling van de Extra Beveiligde Inrichting (geen gijzelingen, geen ontvluchtingen)? Om deze centrale vraag te beantwoorden, komen de volgende onderzoeksvragen aan de orde: Wat is de ontstaansgeschiedenis van de EBI, wat zijn de specifieke kenmerken van het EBI-regime en wat zijn de financiële kosten van de EBI? Wat is de rechtspositie van de EBI-gedetineerden en wat zijn de juridische 'kosten' van het regime? Hoe voeren penitentiaire inrichtingswerkers het regime in de praktijk uit en welke 'kosten' brengt dit mee? Hoe ervaren gedetineerden hun verblijf in de EBI en welke 'kosten' ondervinden zij? INHOUD: 1. Onderzoek naar de Extra Beveiligde Inrichting (EBI) 2. De EBI in Vught 3. De rechtspositie van EBI-gedetineerden 4. Werken in de EBI 5. Gedetineerd in de EBI 6. De EBI in balans? Conclusies en aanbevelingen
    • Gevangeniswezen: enkele problemen

      Unknown author (WODC, 1980)
      In dit themanummer wordt aandacht besteed aan enkele probleemcategorieen in penitentiaire inrichtingen. Daarbij wordt niet gestreefd naar een behandeling van alle denkbare categorieen. De keuze is gevallen op die groepen gedetineerden, ten aanzien van wie zich recentelijk ontwikkelingen hebben voorgedaan, of waarover kortelings interessante informatie is verschenen. De aard van de problematiek bij de in dit nummer behandelde categorieen loopt uiteen. In enkele bijdragen gaat het om problemen die gedetineerden binnen de inrichting ervaren of veroorzaken: psychische problemen, gewelddadig gedrag, nadelige effecten van een zeer lange detentie en de problemen rondom de opvang van drugsverslaafden. In een andere bijdrage staat de terugkeer naar de maatschappij meer centraal, terwlil ook aandacht gegeven wordt aan gedifferentieerde behandeling van delinquenten. In totaal telt dit nummer zeven artikelen. Drie daarvan zijn oorspronkelijke artikelen en vier zijn bewerkingen van elders verschenen artikelen.
    • Gezondheidsprofiel justitiabelen

      Martens, L.; Kruizenga, H.; Weijs, J.M. (Vrij Universiteit - Medisch Centrum (VUMC), 2019)
      Het doel van het onderzoek is inzicht te verkrijgen in de algehele lichamelijke gezondheidstoestand van justitiabelen. De focus is tweeledig en gericht op zowel de medische toestand van justitiabelen als ook op hun voedingstoestand. De resultaten moeten DJI beter in staat stellen om een op de bestaande zorgvraag afgestemd medisch aanbod te organiseren en een meer onderbouwd beleid te formuleren rond voeding gerelateerde onderwerpen. Een adequaat zorg- en voedingsaanbod is niet alleen van belang voor een goede algehele gezondheid, maar is ook verweven met in detentie veel voorkomende problemen zoals verslaving, psychiatrische problemen en allerlei psychosociale problemen zoals dakloosheid.
    • Gezondheidsrisicogedrag onder mannelijke gedetineerden - tatoeages, piercings, boegroes, seks & injecteren van drugs en anabolen

      Wouters, M.; Doekhie, J.; Korf, D.J.; Benschop, A. (Universiteit van Amsterdam - Criminologisch Instituut Bonger, 2010)
      In de Nederlandse gevangenissen komen gedragingen voor die een riscio vormen voor de gezondheid van gedetineerden en voor anderen (bewakers, de maatschappij buiten detentie).  Er is nog weinig kennis over gezondheidsrisicogedrag onder gedetineerden in Nederlandse gevangenissen. Een quick scan uit 2007 wees uit dat risicogedrag zoals onbeschermd seksueel contact, tatoeëren en piercen regelmatig voorkomt. Dit onderzoek sluit daarop aan en inventariseert welke vormen van risicogedrag er zijn, in welke mate ze voorkomen en welke gedragingen het meest risicovol zijn. Het onderzoek focust op infectieziekten. Deze worden gedefinieerd als ziekten die worden veroorzaakt door een overdraagbare ziekteverwekker zoals een bacterie, virus, schimmel of prion. Infectieziekten zijn per definitie besmettelijk. Voorbeelden zijn SOA’s, Hiv, Hepatitis B en C, tuberculose. Ook wordt een antwoord gegeven op de vraag welke preventieve maatregelen de voorkeur verdienen en naar verwachting het best zullen worden toegepast en opgevolgd door de gedetineerden.
    • Griffierecht bij beklag in detentie

      Cazemier, J.; Bergen, E. van; Woestenburg, N.; Wolf, M. van der; Winter, H. (Pro Facto, 2022-07-05)
      De Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming, afdeling advisering (RSJ) constateert in het advies ‘Spanning in detentie’ dat het aantal beklag- en beroepszaken van gedetineerden gestaag toeneemt. De RSJ heeft aanbevolen een pilot uit te voeren met griffierecht bij beklag in detentie. In de beleidsreactie op het advies van de RSJ heeft de minister voor Rechtsbescherming aangegeven te willen laten verkennen of het heffen van een griffierecht van toegevoegde waarde kan zijn ‘om de instroom van (futiele) zaken in het dichtgeslibde stelsel van beklag en beroep te doen verminderen.’ In dit onderzoek wordt gekeken of het heffen van een griffierecht mogelijk is en wat de te verwachten positieve en/of negatieve effecten van het invoeren van deze financiële prikkel zijn. INHOUD: Inleiding 2. Achtergrond beklagrecht 3. Invoering van griffierecht in het buitenland 4. Vergelijking griffierecht in het tuchtrecht 5. Mogelijkheden voor het invoeren van een griffierecht 6. Analyse en conclusie
    • Hepatitis C in penitentiaire inrichtingen - Een onderzoek naar prevalentie

      Leemrijse, C.J.; Bongers, M.; Nielen, M.; Devillé, W. (WODC, 2010)
      Exacte cijfers over de prevalentie van hepatitis C in de Nederlandse penitentiaire instellingen ontbreken. Dit onderzoek geeft een beeld van het aantal hepatitis C besmette gedetineerden en de gevolgen daarvoor voor het beleid van de Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI). Ook komen de kosten van eventuele behandeling aan de orde omdat deze niet meer onder de reguliere zorgverzekering vallen maar voor rekening van DJI komen.