• Schadevoorziening bij brand- en bouwveiligheid - een evenwichtig systeem?

      Hof, B.; Rosenboom, N. (SEO economisch onderzoek, 2013)
      Hoofdvraag van dit rapport is wie er opdraait voor de schade van bouwongevallen en van brand. Van belang is welke prikkels er van de schadeverdeling uitgaan: prikkels om schade te voorkomen, de gevolgen van schade te beperken en om schade af te dekken (bijv. middels verzekeringen). Een achterliggende vraag is voor welke (ongedekte) schade de overheid opdraait en of dat in relatie tot de andere partijen een evenwichtige verdeling inhoudt. INHOUD: 1. Inleiding 2. Schade en verdeling van de schadelast 3. Verzekeringen 4. Prikkels en beperkingen 5. Verbeteringen 6. Conclusies 7. Samenvatting
    • Slachtoffers en aansprakelijkheid - een onderzoek naar behoeften, verwachtingen en ervaringen van slachtoffers en hun naasten met betrekking tot het civiele aansprakelijkheidsrecht - Deel II : affectieschade

      Akkermans, A.J.; Hulst, J.E.; Claassen, E.A.M.; Boom, A. ten; Elbers, N.A.; Wees, K.A.P.C. van; Bruinvels, D.J. (WODC, 2008)
      Het onderzoek moet antwoord geven op de vraag van de Eerste Kamer of er onder naasten van slachtoffers die zijn overleden of ernstig letsel hebben opgelopen als gevolg van een gebeurtenis waarvoor een ander aansprakelijk is (verder naasten/nabestaanden te noemen), een behoefte bestaat aan (het recht op) vergoeding van affectieschade zoals voorgesteld in het wetsvoorstel Affectieschade.
    • Slachtoffers en aansprakelijkheid - Een onderzoek naar behoeften, verwachtingen en ervaringen van slachtoffers en hun naasten met betrekking tot het civiele aansprakelijkheidsrecht - Deel 1: terreinverkenning

      Huver, R.M.E.; Wees, K.A.P.C. van; Akkermans, A.J.; Elbers, N.A. (WODC, 2007)
      Bij herzieningen van het aansprakelijkheids- en schadevergoedingsrecht wordt er vaak veronderstellende wijze vanuit gegaan hoe slachtoffers en hun nabestaanden over een dergelijke herziening denken en in hoeverre het aan hun behoeftes tegemoet komt. Het zijn echter vaak niet meer dan hypotheses op basis waarvan nieuwe wetgeving mede vorm wordt gegeven. Hetzelfde geldt voor literatuur waarin kritiek op deze wetgeving wordt geuit. Doel van het onderzoek is inzicht te verkrijgen in de behoeften, verwachtingen en ervaringen van slachtoffers en hun naasten met betrekking tot het aansprakelijkheidsrecht.
    • The Dutch Collective Settlements Act and Private International Law - aspecten van internationaal privaatrecht in de WCAM

      Lith, H. van (Erasmus Universiteit Rotterdam, Faculteit der Rechtsgeleerdheid, 2010)
      This report analyses the relationship between private international law and collective settlements concluded for the benefit of foreign interested parties under the 2005 Dutch Collective Settlements Act (WCAM). The principal object of the research was to assess the suitability of existing private international law instruments at the national, European and international levels for the application of WCAM in transnational mass damage cases. CONTENT: 1. Introduction 2. International jurisdiction and 'collective settlements' under the WCAM 3. Notification of foreign interested parties 4. Representation of foreign interested parties 5. International recognition 6. Applicable law 7. Conclusions and recommendations
    • Verruiming van de aangifteplicht voor ernstige seksuele misdrijven?

      Kool, R.; Kristen, F.; Beekhuis, T.; Zanger, W. de; Kerssies, S. (medew.); Rijst, T. van der (medew.) (Universiteit Utrecht - Departement REBO, Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (Ucall), 2019)
      Het onderzoek strekt ertoe argumenten te bieden ten behoeve van de gedachtenvorming over de wenselijkheid van een verruiming van de aangifteplicht van artikel 160 Wetboek van Strafvordering (hierna: Sv) voor de ernstige seksuele misdrijven. In samenhang daarmee ligt de vraag voor naar een verruiming van artikel 136 Wetboek van Strafrecht (hierna: Sr), waarin het nalaten aangifte te doen van een voorgenomen verkrachting strafbaar is gesteld. Voorts is onderzocht of het mogelijk en wenselijk is te komen tot een verruiming van de strafrechtelijke aansprakelijkheid van organisaties wegens het nalaten aangifte te doen van seksueel misbruik binnen de eigen kring. Het onderzoek beperkt zich tot de sectoren zorg en onderwijs, waarnaast aandacht is besteed aan de actuele ontwikkelingen binnen de sport. Onderscheid is gemaakt tussen seksueel misbruik tussen burgers (het particuliere spoor) en seksueel misbruik door een beroepskracht jegens een burger (het institutionele spoor). INHOUD: 1. Achtergrond en opbouw van het onderzoek; begripsomschrijvingen 2. Methodologie 3. Overzicht nationale wet- en regelgeving 4. Ervaringen binnen de Nederlandse sectoren Gezondheidszorg & Jeugd, Onderwijs en Veilig Thuis met de meldcodes, het meldrecht en de meldplichten 5. Landenrapportage 6. Analyse en scenario's