• Interne criminaliteit in de logistieke sector

      Rovers, G.B.; Vries Robbé, E. de (WODC, 2005)
      Onderzoek naar de aard, omvang en daders van criminaliteit door eigen medewerkers binnen bedrijven in de logistieke sector en de manier waarop bedrijven zich wapenen tegen en reageren op criminaliteit door medewerkers. INHOUD: 1. Achtergrond, probleemstelling en opzet van het onderzoek 2. Beschrijving van de bedrijven en respondenten 3. Aard en omvang van interne criminaliteit bij logistieke dienstverleners 4. Kenmerken van slachtoffers en daders van interne criminaliteit 5. Preventieve maatregelen en de reactie op incidenten 6. Afhandeling van aangiften door politie en justitie 7. Conclusie
    • Je bedrijf of je leven - Aard en aanpak van afpersing van het bedrijfsleven

      Leiden, I. van; Vries Robbé, E. de; Ferwerda, H. (WODC, 2007)
      Het onderwerp afpersing bij het bedrijfsleven is het afgelopen jaar diverse malen in de (politieke) aandacht geweest. Er zijn diverse malen kamervragen over gesteld. In juni 2005 heeft de Minister van Justitie aan de Tweede Kamer toegezegd dat een onderzoeksvoorstel over afpersing in het Nationaal Platform Criminaliteitsbeheersing aan de orde gesteld zou worden. Het doel van het onderzoek is het verkrijgen van inzicht in de wijze waarop afpersing van het bedrijfsleven plaatsvindt en zich ontwikkelt om vervolgens te kunnen komen tot mogelijkheden voor een succesvolle aanpak van de problematiek. De volgende vragen komen aan de orde: Welke verschijningsvormen van afpersing zijn er te onderscheiden?Wat is de aard van (vormen van) afpersing van het bedrijfsleven?Hoe kan afpersing van het bedrijfsleven effectief worden aangepakt?
    • Kriminaliteit bij de detailhandel

      Steenhuis, D.W.; Coenen, A.W. (WODC, 1976)
      Doel van dit onderzoek was primair een overzicht te bieden van wat er op dit terrein werkelijk aan de hand was teneinde op die manier te kunnen vaststellen of extra aandacht van de overheid voor dit probleem op zijn plaats is. Bij de technische aspekten van het onderzoek, met name ten aanzien van steekproeftrekking, is de medewerking verkregen van het Instituut voor het Midden- en Kleinbedrijf en van het Centraal Registratiekantoor Detailhandel-Ambacht. Dit overleg heeft ertoe geleid dat in de enquete de volgende vraaggebieden zijn opgenomen:Wat is de omvang van het probleem? In welke mate hebben detailhandelaren last van diverse vormen van kriminaliteit? Welke delikten komen relatief veel voor, welke zijn betrekkelijk zeldzaam? Wat is de aard van het probleem? Aan deze vraag ziin 3 aspekten te onderscheiden t.w.: a. Wat is de toedracht van de delikten? Wordt er geweld gebruikt, wordt de politie gewaarschuwd, wordt er aangifte gedaan etc.? b. Zijn er bepaalde bedrijven of groepen van bedrijven, die meer hinder van kriminaliteit ondervinden dan andere? Zo ja, waardoor worden deze bedrijven dan gekenmerkt? c. Is het probleem seizoengebonden, d.w.z. heeft men in bepaalde perioden van het jaar meer last dan in andere?
    • Meldingsbereid door tip- en beloningsgelden? - Een verkenning

      Brinkhoff, S.; Kolthof, E.; Mensink, J.W.; Malsch, M. (Open Universiteit - Faculteit Rechtswetenschappen, 2021-05)
      Het doel van dit verkennende onderzoek is om meer inzicht te verkrijgen in de meldingsbereidheid van burgers in relatie tot (de hoogte van) tip- en beloningsgelden. Het voorgaande mondt dan ook uit in de volgende hoofdvraag: Wat is er, op basis van (inter)nationale literatuur en interviews met een aantal deskundigen, bekend over de invloed van tip- en beloningsgelden op de bereidheid van burgers tot het geven van tips aan opsporingsdiensten in Nederland en in (enkele) andere landen (Australië, België en Duitsland)? Welke zijn de meest relevante onderwerpen om te bespreken in een expertmeeting en met wie? INHOUD: 1. Inleiding 2. Tip- en beloningsgelden; procedures en praktijken 3. Meldingsbereidheid in Nederland: gedragswetenschappelij ke literatuur, interviews en expertmeeting 4. Bevindingen verkennend onderzoek Australië, België en Duitsland 5. Conclusie.
    • Mensenhandel en -smokkel

      Unknown author (WODC, 1996)
      Volgens de Internationale Organisatie voor Migratie heeft de handel in vrouwen uit Oost-Europa zich de laatste jaren in Nederland verdrievoudigd. De marechaussee wijst er op dat Nederland zich meer en meer tot een aantreldcelijk `transitoland' ontwilckelt omdat smokkelaars hier relatief weinig risico lopen. Handel en smoklcel worden vaak met elkaar verward. Dat is met verwonderlijk gezien de raalcvlaldcen met andere vraagstuldcen zoals armoede, migratie en werving voor (informele) arbeid. De auteurs in dit nwnmer doen ons inziens geslaagde pogingen begripsmatige helderheid te verschaffen. Hun defmities kunnen alsvolgt worden verwoord. Van mensensmokkel is sprake wanneer men mensen uit winstbejag behulpzaam is bij het wederrechtelijk verschaffen van toegang tot of verblijf in Nederland. Van mensenhandel is spralce wanneer mensen onder dwang (of door misleiding) in de macht van andere personen belanden. Hoewel mensenhandel van oudsher gereserveerd wordt voor het domein van prostitutie (vrouwenhandel), ligt het meer in de rede alle vormen van gedwongen arbeid zoals huishoudelijke arbeid of werk in de horeca er onder te laten vallen. Een ander verschil is het volgende. Bij bestrijding van mensenhandel gaat het om bescherming van de verhandelde persoon. Bij de bestrijding van mensensmoldcel gaat het echter niet om bescherming van de illegale vreemdeling tegen malafide pralctijken maar om bescherrning van de staat tegen deze vreemdeling.
    • Monitor Bedrijven en Instellingen - Adviesrapport

      Korpel, J.; Hermans, E. (NIPO Consult, 2000)
      Dit is een adviesrapport over de mogelijke invulling van de complete Monitor Bedrijven en Instellingen in alle sectoren van het Nederlandse bedrijfsleven. Bij dit rapport is ook een afzonderlijk handboek beschikbaar. Van drie sectoren zijn afzonderlijke rapportages gepubliceerd (zie links bij: Meer informatie), te weten:Bouwnijverheid tabellenbijlageVervoer, opslag, communicatie tabellenbijlageCultuur, recreatie en overige dienstverlening tabellenbijlage
    • Monitor bedrijven en instellingen - Sector bouwnijverheid

      Hermans, E.; Frederikse, R.; Korpel, J.; Meurs, C. van (NIPO Consult, 2000)
      De ministeries van Justitie en van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties hebben opdracht gegeven een 'Monitor Bedrijven en Instellingen' (MBI) te ontwikkelen. Deze rapportage bevat de resultaten van een eerste meting (nulmeting) voor de sector bouwnijverheid. Binnen de sector bouwnijverheid worden vijf categorieën of branches onderscheiden:burgerlijke en utiliteitsbouw;grond, water, wegenbouw;afwerking (schilders, stukadoors, etc.);installatiebedrijven;klusbedrijven.Aan de orde komen o.a. preventiemaatregelen, inbraak, diefstal, vernieling, brandstichting en graffiti, fraude, overige criminaliteit, tevredenheid over de politie bij melding van criminaliteit, adviseren over criminaliteit en veiligheid en participatie in projecten.
    • Monitor bedrijven en instellingen - Sector vervoer, opslag en communicatie

      Hermans, E.; Frederikse, R.; Korpel, J.; Meurs, C. van (NIPO Consult, 2000)
      De ministeries van Justitie en Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties hebben opdracht gegeven een 'Monitor Bedrijven en Instellingen' (MBI) te ontwikkelen. Deze rapportage bevat resultaten van een eerste meting (nulmeting) voor de sector vervoer, opslag en communicatie. Binnen deze sector worden vier categorieën of branches onderscheiden:vervoer over land;vervoer over water/door de lucht;dienstverlening ten behoeve van het vervoer;post en telecommunicatie.Aan de orde komen o.a. preventiemaatregelen in of bij gebouwen, inbraak, diefstal, vernieling, brandstichting en graffiti, fraude, overige criminaliteit, tevredenheid over de politie bij melding van criminaliteit, advisering over criminaliteit en veiligheid en participatie in projecten.
    • Monitor bedrijven en instellingen - Sector cultuur, recreatie en overige dienstverlening

      Hermans, E.; Frederikse, R.; Korpel, J.; Meurs, C. van (NIPO Consult, 2000)
      De ministeries van Justitie en van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties hebben opdracht gegeven een 'Monitor Bedrijven en Instellingen' (MBI) te ontwikkelen. Dit rapport bevat de resultaten van de pilotmeting voor de sector cultuur, recreatie en overige dienstverlening. Binnen deze worden drie categorieën of branches onderscheiden:sport;cultuur;overige dienstverlening.Aan de orde komen o.a. het registreren van criminaliteit, preventiemaatregelen, vernielingen, meldings- en aangiftegedrag per delicttype, advisering over criminaliteit en veiligheid en participatie in projecten.
    • Monitor Criminaliteit Bedrijfsleven 2005 - Feiten en trends inzake aard en omvang van criminaliteit in het bedrijfsleven

      Unknown author (WODC, 2005)
      De Monitor Criminaliteit Bedrijfsleven (MCB) heeft als doel het slachtofferschap van Nederlandse bedrijven vast te stellen en inzicht te verschaffen in de maatregelen die zij nemen om de criminaliteit terug te dringen. Aan de orde komen: de aard en omvang van de criminaliteit tegen bedrijven, de geleden schade, preventieve maatregelen, meldings- en aangiftegedrag en waardering van de politie.
    • Monitor Criminaliteit Bedrijfsleven 2006 - Feiten en trends inzake aard en omvang van criminaliteit in het bedrijfsleven

      Unknown author (WODC, 2006)
      Doel van het onderzoek is het schetsen van een betrouwbaar en nauwkeurig beeld van de aard en omvang van de criminaliteit tegen bedrijven, de interne criminaliteit, de preventieve maatregelen die zij nemen tegen criminaliteit, de ondervonden schade, het meldings- en aangiftegedrag, en ervaringen met en waardering van de politie. Verder worden de resultaten van dit onderzoek vergeleken met resultaten uit voorgaande jaren. Het tabellenrapport is uitgegeven in 2007.
    • Monitor Criminaliteit Bedrijfsleven 2007 - Feiten en trends inzake aard en omvang van criminaliteit in het bedrijfsleven

      Unknown author (WODC, 2008)
      Het doel van de Monitor Criminaliteit Bedrijfsleven (MCB) is een betrouwbaar en nauwkeurig beeld te schetsen van de aard en omvang van de criminaliteit tegen bedrijven in Nederland, de preventieve maatregelen die zij nemen tegen criminaliteit, de ondervonden schade, het meldingsgedrag van bedrijven en de ontwikkelingen daarin door de jaren heen. De MCB2007 is een exacte replicatie van de monitor die in 2004, 2005 en 2006 is uitgevoerd. Het telefonische veldwerk vond plaats van 17 september tot en met 12 december 2006. In totaal zijn bijna 38.000 bedrijven op vestigingsniveau ondervraagd over hun criminaliteits- en veiligheidssituatie gedurende de 12 maanden voorafgaand aan het onderzoek. Het responspercentage onder de benaderde bedrijven was 45%.
    • Monitor Criminaliteit Bedrijfsleven 2008 - Feiten en trends inzake aard en omvang van criminaliteit in het bedrijfsleven

      Unknown author (WODC, 2009)
      Het doel van de Monitor Criminaliteit Bedrijfsleven (MCB) is een betrouwbaar en nauwkeurig beeld te schetsen van de aard en omvang van de criminaliteit tegen bedrijven in Nederland, de preventieve maatregelen die zij nemen tegen criminaliteit, de ondervonden schade, het meldingsgedrag van bedrijven en de ontwikkelingen daarin door de jaren heen. De MCB 2008 is een exacte replica van de monitor 2004, 2005, 2006 en 2007 en is gericht op de sectoren: detailhandel, horeca, transport, bouw en zakelijke dienstverlening.
    • Monitor Criminaliteit Bedrijfsleven 2009 - Feiten en trends inzake aard en omvang van criminaliteit in het bedrijfsleven

      Unknown author (WODC, 2010)
      Het doel van de Monitor Criminaliteit Bedrijfsleven (MCB) is een betrouwbaar en nauwkeurig beeld te schetsen van de aard en omvang van de criminaliteit tegen bedrijven in Nederland, de preventieve maatregelen die zij nemen tegen criminaliteit, de ondervonden schade, het meldingsgedrag van bedrijven en de ontwikkelingen daarin door de jaren heen. De MCB 2009 is een exacte replica van het onderzoek dat in 2004, 2005, 2006, 2007 en 2008 is uitgevoerd en is gericht op de sectoren: bouwnijverheid, de detailhandel, de horeca, de sector transport en de zakelijke dienstverlening. INHOUD: 1. Samenvatting 2. Inleiding 3. Sectorrapport Bouw 4. Sectorrapport Detailhandel 5. Sectorrapport Horeca 6. Sectorrapport Transport 7. Sectorrapport Zakelijke dienstverlening
    • Monitor Criminaliteit Bedrijfsleven 2010 - feiten en trends inzake aard en omvang van criminaliteit in het bedrijfsleven

      Unknown author (TNS NIPO, 2011)
      Het doel van de Monitor Criminaliteit Bedrijfsleven (MCB) is een betrouwbaar en nauwkeurig beeld te schetsen van de aard en omvang van de criminaliteit tegen bedrijven in Nederland, de preventieve maatregelen die zij nemen tegen criminaliteit, de ondervonden schade, het meldingsgedrag van bedrijven en de ontwikkelingen daarin door de jaren heen. De MCB 2009 is (grotendeels) een exacte replica van het onderzoek dat sinds 2004 is uitgevoerd en is gericht op de sectoren: bouwnijverheid, detailhandel, horeca, transport en zakelijke dienstverlening.
    • Omvang en ontwikkeling van de criminaliteit - Slachtofferenquêtes 1974-1977

      Dijk, J.J.M. van; Vianen, A.C. (WODC, 1977)
      INHOUD: 1. Inleiding 2. Opzet en uitvoering van het onderzoek 3. Omvang en ontwikkeling van de criminaliteit 4. Wie zijn de slachtoffers? 5. Het doen van aangifte bij de politie 6. Het verbaliseringsbeleid van de politie 7. Samenvatting en conclusies SAMENVATTING: Een slachtofferenquête verschaft primair inzicht in het percentage van de ondervraagden dat slachtoffer is geweest van één of meer delicten. Op basis van dit percentage kan een schatting gemaakt worden van de werkelijke omvang van bepaalde vormen van criminaliteit. Dit tweede WODC-rapport over slachtofferenquêtes beoogt aan te tonen dat slachtofferenquêtes gegevens verschaffen die niet op andere wijze kunnen worden verkregen.
    • Omvang van huiselijk geweld in Nederland

      Heijden, P.G.M. van der; Cruyff, M.J.L.F.; Gils, G.H.C. van (WODC, 2010)
      De hoofdvragen voor het onderzoek zijn: Hoe groot is de geschatte omvang van het huiselijk geweld in Nederland?Hoe groot is de geschatte omvang van het huiselijk geweld in Nederland gedifferentieerd naar aantallen incidenten, slachtoffers en daders.
    • Ondergaan of ondernemen - Ontwikkeling in de aard en aanpak van afpersing van het bedrijfsleven

      Leiden, I. van; Appelman, T.; Ham, T. van; Ferwerda, H. (Bureau Beke, 2014)
      In dit onderzoek wordt het fenomeen afpersing van het bedrijfsleven uitgebreid beschreven. Aan bod komen de verschijningsvormen, daders en slachtoffers en de modus operandi. Het rapport kan gezien worden als een update van een eerdere publicatie over dit onderwerp onder de titel 'Je bedrijf of je leven' dat in 2007 verscheen (zie link bij: meer informatie). Naast de ontwikkelingen rond het fenomeen afpersing wordt ingegaan op het proces van signalering, melding en aangifte tot de opsporing en vervolging van afpersing. INHOUD: 1. Inleiding 2. Het fenomeen 3. Afpersing in beeld 4. Signalering, melding en aangifte 5. Opsporing en vervolging 6. De aanpak 7. Conclusies en slotbeschouwing
    • Papier en werkelijkheid - Een hypothesevormend onderzoek naar de invloed van registratie-effecten op de omvang van de geregistreerde jeugdcriminaliteit

      Ham, T. van; Bervoets, E.; Ferwerda, H. (Bureau Beke, 2015)
      Al enkele jaren is een daling waarneembaar in de door politie en Justitie geregistreerde jeugdcriminaliteit. Inzicht in de oorzaken van de daling van de jeugdcriminaliteit is noodzakelijk om te kunnen beoordelen welke organisatorische en beleidsmatige maatregelen al dan niet getroffen moeten worden op de korte en (middel)lange termijn. In het onderzoek staan de volgende vier vragen centraal:Op welke wijze vindt registratie bij politie en Openbaar Ministerie (OM) plaats?Welke factoren worden in de wetenschappelijke en grijze literatuur genoemd als (mogelijk) van invloed op de registratie van jeugdcriminaliteit?In welke richting, op welke wijze en in welke mate beïnvloeden deze factoren (mogelijk) de registratie van jeugdcriminaliteit? Op welke wijze is dit in de literatuur vastgesteld of onderbouwd?Wat is de reikwijdte (in tijd) van deze factoren? INHOUD: 1. Onderzoek naar de daling van jeugdcriminaliteit 2. Methoden van onderzoek 3. De registratie van criminaliteit 4. Opbrengsten literatuur- en documentstudie 5. Hypotheses nader onder de loep
    • Politiemonitor bevolking - Landelijke rapportage; meting 1999

      Unknown author (B&A Groep Beleidsonderzoek & -Advies, 1999)
      Het rapport bestaat uit drie delen. In deel A wordt een beschrijving gegeven van de (on)veiligheid en het feitelijk slachtofferschap in Nederland. Na buurtproblemen en onveiligheidsgevoelens (hoofdstuk 1 en 2) wordt aandacht besteed aan slachtofferschap (hoofdstuk 3). Deel B gaat in op de verhouding tussen de politie en de burgers. Achtereenvolgens komen aan de orde: contacten tussen politie en slachtoffers van misdrijven (hoofdstuk 4), contacten tussen politie en burgers (hoofdstuk 5), en de beschikbaarheid, zichtbaarheid en het optreden en functioneren van de politie in de woonbuurt (hoofdstuk 6). In deel C (hoofdstuk 7) wordt aandacht besteed aan de preventieve activiteiten die burgers ondernemen om slachtofferschap van woninginbraak te voorkomen.