• Georganiseerde criminaliteit en ICT - Rapportage in het kader van de vijfde ronde van de Monitor Georganiseerde Criminaliteit

      Kruisbergen, E.W.; Leukfeldt, E.R.; Kleemans, E.R.; Roks, R.A.; Kouwenberg, R.J. (medew.); Nabi, S.S. (medew.); Fiorito, T. (medew.); Ruitenburg, T. van (medew.) (WODC, 2018)
      Het doel van deze studie is het vergroten van het inzicht in hoe daders binnen de georganiseerde criminaliteit ICT gebruiken en welke invloed dat gebruik heeft op hun criminele bedrijfsprocessen. De onderzoekers richten zich daarbij niet uitsluitend op cybercrime, maar verkennen juist het gebruik van ICT én de consequenties daarvan voor een breder scala van soorten georganiseerde criminaliteit, dus ook ‘traditionele’ georganiseerde criminaliteit zoals drugssmokkel. De probleemstelling van deze deelstudie luidt: Hoe gebruiken dadergroeperingen in de georganiseerde criminaliteit ICT en welke gevolgen heeft dit voor de wijze waarop zij opereren?Deze probleemstelling bevat drie deelthema’s: - Het gebruik van ICT in relatie tot het ontstaan en groeien van criminele samenwerkingsverbanden. - Het gebruik van ICT in relatie tot de logistieke keten van criminele processen. - Het gebruik van ICT in relatie tot criminele geldstromen.Dit onderzoek maakt onderdeel deel uit van de Monitor Georganiseerde Criminaliteit. INHOUD: 1. Inleiding 2. Criminele samenwerking en het gebruik van ICT 3. De logistiek van het criminele bedrijfsproces en het gebruik van ICT 4. Criminele geldstromen en het gebruik van ICT 5. Slotbeschouwing
    • Georganiseerde criminaliteit in Nederland: daders, verwevenheid en opsporing - Rapportage in het kader van de vijfde ronde van de Monitor Georganiseerde Criminaliteit

      Kruisbergen, E.W.; Roks, R.A.; Kleemans, E.R.; Kouwenberg, R.F. (medew.); Knol, D. (medew.); Nabi, S.S. (medew.); Fiorito, T. (medew.); Leukfeldt, E.R. (medew.); Ruitenburg, T. van (medew.) (WODC, 2019)
      Dit rapport is het resultaat van de meest recente, vijfde ronde van de monitor georganiseerde criminaliteit. Om dieper op bepaalde thema’s in te kunnen gaan, is ervoor gekozen om de vijfde ronde uit te laten monden in drie afzonderlijke deelrapporten. In oktober 2017 is het eerste deelrapport verschenen (Van Wingerde & Van de Bunt, 2017). Dat rapport richtte zich op de strafrechtelijke afhandeling van georganiseerde criminaliteit, met name de geëiste en opgelegde straffen. Het tweede deelrapport verscheen in 2018 en behandelde het gebruik van ICT (informatie- en communicatietechnologie) door dadergroepen in de georganiseerde criminaliteit (Kruisbergen e.a., 2018). In het derde deelrapport staan daders centraal. Het behandelt de volgende onderwerpen: de criminele carrière van daders in de georganiseerde criminaliteit; hoe de verwevenheid van daders met hun omgeving hen in staat stelt hun criminele activiteiten af te schermen; en de opsporing van de daders. Georganiseerde criminaliteit kan haar schadelijke werking alleen maar hebben wanneer daders de aanpak in zekere zin weten te trotseren. Dat ‘trotseren’ kan bestaan uit het langdurig buiten beeld blijven van de opsporing, maar het betreft ook daders die ondanks intensieve aandacht van justitie en politie doorgaan met criminele activiteiten. Het ‘trotseren’ wordt bovendien mogelijk gemaakt doordat de omgeving van daders hen faciliteert of op zijn minst niet te veel hindert. INHOUD: 1. Inleiding 2. Criminele carrières in de georganiseerde criminaliteit 3. De afscherming van daders en hun criminele activiteiten 4. Opsporing van georganiseerde criminaliteit 5. Slotbeschouwing