• Particuliere recherche - Een verkenning van enige ontwikkelingen

      Hoogenboom, A.B. (WODC, 1988)
      In dit onderzoek wordt voortgebouwd op twee in de literatuur uitgewerkte theoretische modellen: de Junior-Partner Theorie en de Economische Theorie. Het onderzoek is gebaseerd op een zestigtal interviews met sleutelpersonen uit de particuliere recherchewereld en de reguliere politie aangevuld met literatuur over dit onderwerp. In de hoofdstukken 2 t/m 6 wordt een aantal sectoren besproken waarbinnen zich ontwikkelingen hebben voorgedaan op het terrein van de particuliere recherche. In hoofdstuk 7 wordt een vergelijking getrokken tussen de particuliere recherche en de reguliere recherche. Over vormen van private justiche, met name bij verzekeringsfraude en interne fraude binnen een bedrijf, wordt in hoofdstuk 8 geschreven.
    • Particuliere recherche - Werkwijzen en informatiestromen

      Klerks, P.; Meurs, C. van; Scholtes, M. (ES&E, 2001)
      Dit is het verslag van een onderzoek in opdracht van het Ministerie van Justitie om inzicht in de particuliere recherchebranche te verschaffen. Met name in de aard en zo mogelijk de omvang van de werkzaamheden die door private recherche-instellingen worden verricht, alsmede in de vraag in hoeverre politie en OM gebruik maken van de door deze instellingen gelverde informatie. Dit inzicht moet het ministerie in staat stellen om te bepalen of, en zo ja welke, specifieke eisen aan de particuliere en bedrijfsrecherche moeten worden gesteld, in het bijzonder ten aanzien van de uitwisseling van informatie met de reguliere opsporingsinstanties (politie en BOD-en).