• Cultuurspecifieke elementen in de strafrechtelijke hulpverlening aan allochtone jongeren - Inventariserend onderzoek

      Spapens , A.C.; Wersch, S.F.M. van (IVA Tilburg, 2000)
      De centrale vraag in het onderzoek is: Moet bij individuele begeleiding van jongeren uit etnische minderheden, rekening worden gehouden met cultuurspecifieke elementen en zo ja, op welke wijze kan dit gebeuren? Uit het onderzoek blijkt dat allochtone jongeren in het algemeen minder snel geneigd zijn hun problemen op tafel te leggen. Dit kan leiden tot onderschatting van de problematiek (vooral in de intakefase) en vormt een van de oorzaken van het feit dat hulpverlening aan allochtone jongeren gemiddeld meer tijd vergt. De houding (open en respectvol) van de hulpverlener ten aanzien van de jongere en diens cultuur is cruciaal in de begeleiding, maar de problematiek van de individuele jongere moet het uitgangspunt voor de hulpverlener zijn. Allochtone hulpverleners kunnen een belangrijke rol spelen als vraagbaak of adviseur en zo bijdragen aan deskundigheidsbevordering. De in Nederland geldende normen en waarden dienen het uitgangspunt te zijn bij de hulpverlening. De jongeren zijn vaak dermate vernederlandst dat zij ook nadrukkelijk op in Nederland geldende normen en waarden kunnen worden aangesproken. Bij het betrekken van de ouders (een cruciale succesfactor) moet de hulpverlener echter wel rekening houden met problemen als gebrekkige integratie, taalproblematiek en informatie-achterstand.