• Artikel 2.3 Wet forensische zorg in de praktijk - Toepassing en ervaringen van ketenpartners in de eerste anderhalf jaar na inwerkingtreding

      Kogel, C.H. de; Ree, J.J. van der; Burger, A.M.; Oosterhuis, V. (medew.); Marel, M. van der (medew.) (WODC, 2021-12-16)
      Artikel 2.3 van de Wet forensische zorg (Wfz) is per 1 januari 2020 in werking getreden, een jaar na inwerkingtreding van de overige delen van de Wfz en gelijktijdig met de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) en de Wet zorg en dwang (Wzd). Met dit zogeheten schakelartikel wordt beoogd de forensische en reguliere zorg beter op elkaar aan te laten sluiten, met als doel om de continuïteit van zorg tijdens en na afloop van het strafrechtelijk kader te versterken. Artikel 2.3 Wfz biedt de strafrechter de mogelijkheid om, op verzoek van de officier van justitie of ambtshalve, een civielrechtelijke machtiging voor verplichte zorg volgens de Wvggz of de Wzd af te geven. Het doel van het onderzoek is om een beeld te geven van de werking van artikel 2.3 Wfz in de eerste anderhalf jaar na inwerkingtreding. Daartoe onderzoeken wij de toepassing van artikel 2.3 Wfz en de ervaringen van ketenpartners met dit artikel. De onderzoeksvragen luiden: 1 Hoe vaak is artikel 2.3 Wfz in de eerste anderhalf jaar na inwerkingtreding toegepast? 2 Welke ervaringen hebben ketenpartners met artikel 2.3 Wfz gedurende de eerste anderhalf jaar na inwerkingtreding? INHOUD: 1. Inleiding en methoden 2. Artikel 2.3 Wet forensische zorg 3. Artikel 2.3 Wfz in cijfers 4. Doelgroep zorgmachtiging artikel 2.3 Wfz 5. Voorbereiding zorgmachtiging artikel 2.3 Wfz 6. Uitvoering zorgmachtiging artikel 2.3 Wfz 7. Artikel 2.3 Wfz in combinatie met de Wzd 8. Slothoofdstuk