• Coffeeshops, toerisme, overlast en illegale verkoop van softdrugs, 2014 - verdiepende studie in vijf gemeenten

      Nabben, T.; Wouters, M.; Benschop, A.; Korf, D.J.; Liebregts, N. (medew.) (Universiteit van Amsterdam - Bonger Instituut voor Criminologie, 2015)
      Sinds de introductie van het aangescherpte coffeeshopbeleid werd de minister van Veiligheid en Justitie middels evaluatieonderzoek en voortgangsrapportages geïnformeerd over ontwikkelingen op het gebied van coffeeshops, toerisme, overlast en illegale verkoop van softdrugs (TK 2012-2013, 24077, nr. 310). Het evaluatieonderzoek was landelijk en combineerde meerdere informatiebronnen en onderzoeksmethodieken. De voortgangsrapportages waren echter gericht op de drie zuidelijke provincies en vooral gebaseerd op registratiecijfers van politie en Openbaar Ministerie. Deze registratiecijfers zijn soms weinig specifiek voor softdrugs en mede afhankelijk van meldingsbereidheid en personele opsporings- en handhavingsinzet, wat de interpretatie bemoeilijkt. Vanuit de behoefte aan een landelijk beeld en aan duiding van de registratiecijfers, zijn de ontwikkelingen in kaart gebracht die zich voordoen in coffeeshop- en softdrugstoerisme, softdrugsgerelateerde overlast, verkoop van cannabis aan gebruikers buiten de coffeeshop en drugsrunnen, alsmede de geografische spreiding van deze fenomenen. Hiertoe zijn niet alleen cijfers van politie en OM geanalyseerd, maar is ook systematisch en onafhankelijk informatie verzameld middels interviews en lokaal veldwerk om de cijfers te duiden.
    • Effecten van voorlichting en controle - een experiment bij de motorrijtuigenbelasting

      Berghuis, A.C.; Kommer, M.M. (WODC, 1982)
      In het eerste hoofdstuk worden een aantal meer technische aspecten van het experiment behandeld. De volgende twee hoofdstukken zijn gewijd aan de metingen van - wijziging in - het betalingsgedrag; met behulp van het aantal z.g. eerste aangiften en met behulp van een koppeling tussen de CV-administratie en het kentekenregister. Hoofdstuk 5 behandelt de uitkomsten van de onder belastingplichtigen gehouden enquête, waarna in hoofdstuk 6 ingegaan zal worden op de conclusies die uit de in dit rapport neergelegde bevindingen getrokken kunnen worden voor de effectiviteit van het overheidsoptreden in de vorm van voorlichting en controle op het bredere terrein waarop de werkzaamheden van ISMO betrekking hebben.
    • Ernstige verkeersdelicten

      Wolswijk, H.D.; Postma, A.; Keulen, B.F. (Rijksuniversiteit Groningen - Faculteit der Rechtsgeleerdheid, 2017)
      Over de straftoemeting in verkeerszaken is veel maatschappelijke en politieke discussie. Ook in de wetenschap is het een onderwerp van discussie. Op 18 februari jl. heeft de minister van V&J in een brief naar de Tweede Kamer over verkeershandhaving aangegeven dat er onderzoek zal plaatsvinden naar de straftoemeting in ernstige verkeerszaken (Tweede Kamerstukken, Vergaderjaar 2015-2016, 29398, nr. 495). Dit onderzoek betreft de straftoemeting in ernstige verkeerszaken. Daarbij wordt gekeken naar het 'strafgat' bij (kort gezegd) roekeloos rijgedrag. Bezien wordt of de opsporingsbevoegdheden bij het doorrijden na een ongeval met ernstig letsel of de dood als gevolg dienen te worden uitgebreid. De onderzoeksvragen betreffen de straftoemeting bij ernstige verkeersdelicten, de opvattingen van praktijkjuristen over die straftoemeting, en knelpunten van juridische of praktische aard bij de afdoening van ernstige verkeersdelicten. INHOUD: 1. Inleiding 2. De strafbaarstelling en het kader voor straftoemeting 3. Straftoemeting bij ernstige verkeersdelicten 4. Interviews 5. Conclusies en aanbevelingen
    • Evaluatie-onderzoek

      Unknown author (WODC, 1975)
      Onderwerp van dit themanummer is het onderzoek, dat tot doel heeft de effectiviteit van overheidsmaatregelen vast te stellen. Dit betekent. dat gepoogd zâl worden aan te tonen, welke betekenis weten schappelijk evaluatie-onderzoek kan hebben. In de inleiding wordt gebruik gemaakt van een aantal voorbeelden op het terrein van de generale preventie. De acht verkort weergegeven buitenlands artikelen die daarna volgen, dienen in de eerste plaats om te laten zien op welke manieren dit onderzoek kan worden verricht. Tegelijkertijd bieden zij een aantal resultaten van onderzoek naar d werking van de generale preventie.
    • Geweld: gemeld en geteld - Een analyse van aard en omvang van geweld op straat tussen onbekenden

      Terlouw, G.J.; Haan, W.J.M. de; Beke, B.M.W.A. (Rijksuniversiteit Groningen, 1999)
      In dit rapport wordt verslag gedaan van de eerste fase van onderzoek naar achtergronden en motieven van straatgeweld tussen onbekenden. In de eerste fase worden gegevens afkomstig uit politieregistraties verzameld en een aantal kwantitatieve analyses uitgevoerd teneinde een scherper beeld te krijgen van het geweld op straat. Deze gegevens vormen vervolgens de basis voor de tweede fase waarbij een beperkt aantal geweldsincidenten - representatief voor de verschillende vormen van geweld op straat - nader wordt onderzocht aan de hand van uitgebreide interviews met daders, slachtoffers en omstanders. In dit tussenrapport worden de voortgang en de resultaten van de eerste fase gerapporteerd. Onder andere wordt ingegaan op: inleiding en probleemstelling; opzet van onderzoek; aard en omvang van geweld op straat (in verschillende contexten: woonwijk-, verkeers-, uitgaansgerelateerd etc.); slachtoffers en daders (letsel, recidive, herhaald slachtofferschap); dader- en slachtoffercombinaties; samenvatting, conclusies en aanbevelingen.
    • Juridische aspecten van algoritmen die besluiten nemen - Een verkennend onderzoek - Met casestudy’s naar contentmoderatie door online platformen, zelfrijdende auto’s, de rechtspraak en overheidsincasso bij verkeersboetes

      Kulk, S.; Deursen, S. van; Snijders, Th. (medew.); Breemen, V. (medew.); Wouters, A. (medew.); Philipsen, S. (medew.); Boekema, M. (medew.); Heeger, S. (medew.) (Universiteit Utrecht - Montaigne Centrum voor Rechtsstaat en Rechtspleging, 2020)
      Iedereen heeft in het dagelijks leven te maken met beslissingen die worden genomen door of met behulp van algoritmen. De inzet van algoritmen kan kansen opleveren voor het verwezenlijken van publieke waarden en belangen. Zo kunnen algoritmen besluitvormingsprocessen efficiënter maken en bijdragen aan het vinden van oplossingen voor verschillende soorten maatschappelijke uitdagingen. Tegelijkertijd kan de inzet van algoritmen risico’s met zich brengen en vragen oproepen over de bestendigheid van de juridische kaders die beschikbaar zijn om publieke waarden en belangen te beschermen. De onderzoeksvraag van dit onderzoek is in dit verband als volgt gedefinieerd: Welke kansen en risico’s doen zich voor bij algoritmische besluitvorming met betrekking tot de bescherming en realisering van publieke waarden en belangen, en zijn de bestaande juridische kaders voldoende bestendig om kansen te verwezenlijken en het intreden van geïdentificeerde risico’s te voorkomen of de gevolgen daarvan te mitigeren? Centraal in het onderzoek staan de huidige toepassingen van algoritmen in besluitvormings-processen en de ontwikkelingen die in de komende vijf tot tien jaar op dat gebied te verwachten zijn. Voor de beantwoording van de onderzoeksvraag is onder meer gebruikgemaakt van casestudy’s naar de inzet van algoritmen in vier, door het WODC en de Directie Wetgeving en Juridische Zaken van het Ministerie van Justitie en Veiligheid geselecteerde domeinen: contentmoderatie, zelfrijdende auto’s, rechtspraak en overheidsincasso bij verkeersboetes. INHOUD: 1. Inleiding 2. Algoritmen: een introductie 3. Publieke waarden en belangen 4. Casestudy Contentmoderatie door online platformen 5. Casestudy Zelfrijdende auto's 6. Casestudy De rechtspraak 7. Casestudy Overheidsincasso bij verkeersboetes 8. Kansen en risico's 9. Bestendigheid van de juridische kaders 10. Conclusie
    • Legalisering van hennepprodukten - Argumenten pro en contra; een inventariserend literatuurrapport

      Vegt, C. van de (WODC, 1974)
      Overzicht van sociaal-politieke, filosofisch argumenten, criminologische argumenten, strafrechtelijke argumenten, argumenten met betrekking tot de effecten van het gebruik (empirische gegevens), schadelijkheid en gevaar.