• A Century of Juvenile Justice

      Trépanier, j.; Weijers, I.; Schuler-Springorum, H.; Beaulieu, L.; Cesaroni, C.; Giller, H.; Hees, A. van (WODC, 1999)
      ARTICLES: 1. Editorial 2. Jean Trépanier - Juvenile Courts after 100 Years: Past and Present Orientations 3. Ido Weijers - The Double Paradox of Juvenile Justice 4. Horst Schuler-Springorum - Juvenile Justice and the Shift to the Left 5. Lucien Beaulieu and Carla Cesaroni - The Changing Role of the Youth Court Judge 6. Henry Giller - From Centre Stage to Spear Carrier: The Repositioning of the English Juvenile Court 7. Current Issues: Alma van Hees - Halt: Early Prevention and Repression; Recent developments and Research
    • Adoptie van buitenlandse kinderen

      Unknown author (WODC, 1979)
      Voor een bijdrage aan het Internationale Jaar van het Kind heeft de redactie van Justitiële verkenningen de keus laten vallen op het thema: 'Adoptie van buitenlandse kinderen', waarbij in het bijzonder gedacht is aan die kinderen die uit verre landen afkomstig zijn. Het is een controversieel en politiek gevoelig onderwerp. Het feit dat naast de belangen van deze kinderen ook de belangen van de, veelal kinderloze, adoptiefouders in het geding zijn, maakt dat het bovendien een emotioneel beladen onderwerp is. Op dit netelige terrein opereren de instanties die met het toelatingsbeleid, de selectie van de aspirant-adoptiefouders en de bemiddeling zijn belast. De belangrijkste zijn: het Ministerie van Justitie, de Raad voor de Kinderbescherming en het Bureau Interlandelijke Adoptie. In dit themanummer wordt geprobeerd een zo veelzijdig mogelijk beeld te geven van deze problematiek.
    • Agressie en geweld

      Unknown author (WODC, 1976)
      Gewelddadige criminaliteit vormt een in de literatuur steeds terugkerend onderwerp, dat in brede kring belangstelling geniet. Een drietal hoofdvragen treedt daarbij steeds aan de orde: Wat is de omvang van deze vormen van criminaliteit en welke ontwikkelingen zijn erin te onderkennen? Wat zijn de oorzaken van de geweldsmisdrijven? Hoe kunnen deze misdrijven worden voorkomen? Deze drie punten worden in de inleiding behandeld, waarbij de aandacht toegespitst wordt op enkele specifieke soorten van geweld. Tevens wordt hierbij aandacht besteed aan de reacties vanuit diverse sectoren van de samenleving op het verschijnsel agressie. In de volgende twee artikelen wordt ingegaan op de oorzaken van geweld in een meer algemene zin. Dan volgt een artikel over de rol van alcohol bij agressief gedrag, waarna in drie artikelen ingegaan wordt op een aantal van de in de inleiding onderscheiden soorten geweld. Tot slot wordt in het laatste artikel de rol van het slachtoffer bij geweldsmisdrijven aan de orde gesteld.
    • Alcohol en criminaliteit

      Unknown author (WODC, 1980)
      Over alcohol en criminaliteit gaat het onderhavige themanummer. Dr. D. W. Steenhuis opent deze aflevering met een inleidend artikel getiteld: Alcohol, criminaliteit en Justitie: een problematische driehoeksverhouding. Na behandeling van de maatschappelijke en justitiele facetten van het alcoholprobleem gaat de auteur in op de relatie alcohol — 'gewone' criminaliteit. Hierbij wordt onder meer uiteengezet op welke (methodologische) problemen men stuit bij het onderzoeken van de relatie alcoholgebruik — crimineel gedrag. Aan het eind van dit inleidende artikel wordt aandacht besteed aan de — volgens de 3 schrijver — te belangrijke plaats die Justitie ten opzichte van de andere departementen inneemt bij het bestrijden van het alcoholprobleem. Genoemd worden o.a.: een te zware belasting van het strafrechtelijk apparaat en ook wordt een vraagteken gezet bij de effectiviteit van straffen. Gepleit wordt ten slotte voor een daadwerkelijk preventie- en ontmoedigingsbeleid, teneinde tot een zinvolle repressieve aanpak van het alcoholprobleem te komen.
    • Alternatieve sancties voor jeugdigen - Meningen en verwachtingen: 1e deelrapport

      Laan, P. van der; Lindt, H. van; Erftemeijer, L. (medew.); Mertens, M. (medew.); Nabben, A. (medew.); Osterhaus, M. (medew.); Vermeer, M. (medew.) (WODC, 1983)
      Dit is het eerste rapport van het onderzoekproject “Alternatieve sancties voor jeugdigen”. De alternatieve sancties kennen twee vormen: werkprojecten of dienstverlening en leerprojecten. In dit rapport wordt verslag van het eerste deel van het onderzoek. Dit eerste deel bestaat uit een peiling onder personen en instanties die mogelijkerwijs betrokken raken bij alternatieve sancties voor jeugdigen. Hun werd naar meningen en verwachtingen gevraagd aangaande een aantal aspecten van deze alternatieve sancties. INHOUD: Deel I: Verslag van het vooronderzoek 1. Kader 2. Resultaten Deel II: Enige leerprojecten 1. Leerprojecten in Engeland 2. Leerprojecten in de Verenigde Staten 3. Leerprojecten in Nederland 4. Literatuur
    • Alternatieve strafrechtelijke sancties

      Unknown author (WODC, 1976)
      De gevangenisstraf draagt niet bij tot een afname van de criminaliteit. Bovendien stigmatiseert zij de delinquent en kost zij de staat veel geld. Dit alles heeft teweeggebracht, dat in en buiten Nederland de roep om alternatieven steeds luider is geworden. In dit themanummer wordt getracht om verschillende pogingen die tot nu toe zijn verricht om met name de korte onvoorwaardelijke vrijheidsstraf terug te dringen eens duidelijk op een rij te zetten, zodat wellicht de toegang tot het onderwerp eenvoudiger wordt. In aansluiting op het inleidende artikel zijn buitenlandse artikelen in verkorte vorm weergegeven.
    • Alternatives to prison sentences - Experiences and development

      Junger-Tas, J. (WODC, 1994)
      This study presents an overview of experiences with alternative sanctions in other countries with a view to the future development of the Dutch sanctioning system. The principal objective of the study was to examine the use of alternatives to prison with respect to their effectiveness and efficiency.
    • Amerikaanse kampementen - Een literatuurverkenning naar 'boot camp prisons' in de Verenigde Staten

      Beenakkers, E.M.Th. (WODC, 1993)
      Literatuuronderzoek naar 'correctional boot camps' in de Verenigde Staten. Na de beschrijving van de programma's, worden de doelen aangegeven en de resultaten. Aan de orde komen: afvallers, attitudes van gedetineerden, recidive/gedrag tijdens reclasseringstoezicht, drugverslaafden, alcoholgebruikers. kosten en vermindering gevangenisoverbevolking. De effecten blijken zeer beperkt te zijn. Ook kritiek op de boot camps komt aan de orde.
    • Amerikaanse toestanden

      Unknown author (WODC, 1995)
      Ook in justitiele kringen wordt vaak gewaarschuwd voor 'Amerikaanse toestanden'. De realiteit in de Verenigde Staten geeft daartoe alle aanleiding: vrije wapenverkoop, drive by shootings, serial killers, buitensporige media-aandacht voor moord en doodslag, de verkoop van true crime stories en tijdschriften als Murder Can Be Fun, de aasgier-advocatuur en show-processen, en de grimmige war on drugs. Amerikaanse politici lijken vastberaden het kwaad van de misdaad uit te roeien: ze hameren op het principe van het 'verdiende loon' en overbieden elkaar met strengere strafmaatregelen. De strafbepaling die bekend is onder de baseball frase 'Three Strikes and You're Out' toont aan dat Amerikaanse strijd tegen misdaad draconische vormen heeft aangenomen. samenleving - bijna de helft van de gevangenispopulatie bestaat uit zwarten - in snel tempo te vergroten. Het contrast met Europese aanpak van het misdaadprobleem is dan ook, ondanks punitievere tendenzen, bijzonder groot. Maar is dat niet een zelfgenoegzame bevestiging van het eigen gelijk? En doen de Amerikaanse ontwikkelingen - vaak zonder dat we het willen - zich ook niet in Europa voor? Uiteenlopende Amerikaanse praktijken, zoals opsporingsmethoden, de introductie van meldpunten, de stijl van procederen (grote rol van experts; hoge schadevergoedingen) en alternatieve vormen van conflictbeslechting vinden immers ook in Europa ingang.
    • Arbeid in de gevangenis

      Unknown author (WODC, 1978)
      Draagt — al dan niet verplichte en/of betaalde — arbeid in de gevangenis bij tot resocialisatie van gedetineerden? Of staat zij deze juist in de weg en moet arbeid daarom voornamelijk worden gezien als tijdverdrijf? Deze en dergelijke vragen komen aan de orde in dit themanummer over arbeid in de gevangenis. De korte inleiding wordt gevolgd door een uitgebreid literatuuroverzicht. Verder vindt U drie buitenlandse artikelen over verschillende aspecten van arbeid in de gevangenis, en gezien de raakvlakken van het thema arbeid met dat van onderwijs en vorming voor gedetineerden, is in aansluiting daarop ook een Amerikaans artikel opgenomen over studieverlof voor gedetineerden. Tot slot een overzicht van de soorten bedrijven in Nederlandse gevangenissen, en hun bezetting.
    • Arbeidsmarktpositie van ex-gedetineerden in Nederland, andere Europese landen en de Verenigde Staten - Literatuuronderzoek

      Netburg, C.J. van (WODC, 1996)
      In het kader van deze literatuurverkenning is in binnen- en buitenlandse publikaties gezocht naar informatie over de arbeidspositie van ex-gedetineerden. Om een duidelijk beeld te krijgen is ook gekeken naar de achtergronden van deze groep voordat zij in detentie gingen. Naast de situatie in Nederland is gekeken naar de situatie in Duitsland, Frankrijk, Zweden, Griekenland, Groot-Brittannië en de Verenigde Staten.
    • Bescherming van grondrechten in het digitale tijdperk - Verslag van een internationale discussie over concept-voorstellen van de Commissie Grondrechten in het digitale tijdperk

      Voermans, W.; Koekkoek, A.; Matthijssen, L. (Katholieke Universiteit Brabant - Schoordijk Instituut, 2000)
      In dit eindrapport wordt verslag gedaan van de toetsing door internationale experts van de voorstellen voor grondwetswijzigingen die door de Commissie-Franken zijn gedaan voor de aanpassing van een aantal artikelen in de grondwet. Algemene bevindingen op hoofdlijnen en enkele elementen uit de discussie met experts worden weergegeven. Aan de orde komen onder andere de vrijheid van meningsuiting (artikel 7) en de relatie tussen vrijheid van meningsuiting en recht op bescherming van de persoonlijke levenssfeer (artikel 10).
    • Bescherming van grondrechten in het digitale tijdperk - Een rechtsvergelijkend onderzoek naar informatie- en communicatievrijheid en privacy in Zweden, Duitsland, Frankrijk, België, de Verenigde Staten en Canada; interimrapport

      Koekkoek, A.; Zoontjens, P.; Vlemminx, F.; Leenknegt, G.-J.; Nouwt, S.; Koops, B.-J.; Schooten-van der Meer, H.; Bos, R.; Fens, D. (medew.); Veld, L. in 't (medew.) (Katholieke Universiteit Brabant - Schoordijk Instituut, 1999)
      Dit rapport doet verslag van de rechtsontwikkeling die grondrechten in een aantal landen doormaken bij een toenemende informatisering van de samenleving. Daarbij gaat het vooral om grondrechten betreffende informatie- en communicatievrijheid en privacy. In de Nederlandse Grondwet zijn dat art. 7 (vrijheid van meningsuiting), art. 10 (eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer), art. 12 (huisrecht) en art. 13 (brief-, telegraaf- en telefoongeheim). Als landen waarvan iets te leren is m.b.t. de aanpassing van grondrechten en de formulering van nieuwe grondrechten zijn gekozen Zweden, Duitsland, Frankrijk en België als landen in de traditie van de rechtsstaat -met een sterke rol voor de wetgever - en de Verenigde Staten en Canada, twee landen in de traditie van vooral de 'rule of (common) law', waarin de rechtsvorming door de rechter erg belangrijk is. Op basis van de onderlinge vergelijking van deze landen worden relevante overeenkomsten en verschillen aangegeven die mogelijk inspiratie kunnen opleveren bij de formulering of herformulering van grondrechten in de Nederlandse grondwet.
    • Bestrijding van discriminatie naar ras - enkele ervaringen met de bestrijding van raciale discriminatie in andere landen

      Duijne-Strobosch, A.J. van (WODC, 1983)
      In dit onderzoek wordt de nadruk gelegd op specifiek voor de bestrijding van discriminatie opgerichte organisatie. Daarnaast - en gedeeltelijk in verband daarmee - zullen ook wettelijke maatregelen en belangrijke rechterlijke uitspraken aan de orde komen.
    • Bewaarders in de knel

      Unknown author (WODC, 1984)
      De lezer wordt in dit themanummer geconfronteerd met de problemen die het bewarend personeel ondervindt in de werksituatie. Naast het inleidende artikel is een drietal bewerkingen van Amerikaanse artikelen opgenomen.
    • Bijzondere verhoormethoden - Een literatuurverkenning

      Beenakkers, E.M.Th. (WODC, 1998)
      Dit is een literatuurverkenning van verhoormethoden, en met name van verhoormethoden voor 'bijzondere situaties'. Hierbij moet gedacht worden aan situaties waarin een verdachte zwijgt, of anderszins heel moeilijk aanspreekbaar is en het gaat om een ernstig misdrijf. In dit rapport wordt o.a. beschreven welke verhoormethoden in bijzondere situaties voorkomen in de literatuur. Of deze methoden incidenteel of regelmatig worden toegepast. Betreft het dan bepaalde delicten in het bijzonder. En zijn er case-studies op dit terrein bekend? INHOUD: 1. Inleiding en verantwoording 2. Verhoormethoden 3. Beschrijving van de situatie in enkele landen 4. Conclusie
    • Blokkeringstechnieken tegen geweld via de audiovisuele media

      Baas, N.J. (WODC, 1996)
      Dit is een literatuurverkenning van blokkeringstechnieken tegen geweld via audiovisuele media. Eerst wordt een overzicht gegeven van maatregelen die in Nederland zijn genomen om het zien van geweld door kinderen via de audiovisuele media tegen te gaan. Daarna volgt een overzicht van (binnenkort) verkrijgbare blokkeringstechnieken. Ingegaan wordt op ontwikkelingen in Canada en de Verenigde Staten. Tot slot wordt ingegaan op mogelijk toekomstige ontwikkelingen in de techniek die controle van de ouders op het kijkgedrag van hun kinderen kunnen vergemakkelijken dan wel bemoeilijken. INHOUD: 1. Inleiding 2. Huidige maatregelen in Nederland 3. Huidige blokkeringstechnieken 4. Ervaringen met blokkeringstechnieken 5. Mogelijk toekomstige technische ontwikkelingen
    • Buurtpreventie

      Unknown author (WODC, 1985)
      Van de burgerwachten die november 1984 in enkele steden de kop opstaken, zijn er inmiddels weinig of geen meer overgebleven. Wel heeft het korte bestaan van deze in de meeste gevallen onwettige burgerinitiatieven het denken over andere — legale — vormen van inschakeling van de bevolking bij de misdaadpreventie binnen zeer korte tijd beinvloed. Reden voor de redactie van Justitiele Verkenningen om een themanummer te wijden aan het onderwerp buurtpreventie.
    • Community Justice and Community Policing

      Gramckow, H.; Wyvekens, A.; Boutellier, H.; Goris, P.; Aronowitz, A.A.; Jansen, F.E.; Bruinsma, G.J.N.; Tutt, N.; Dubois, P.; Normandeau, A.; et al. (WODC, 1997)
      ARTICLES: 1. Editorial 2. Heike Gramckow - Community prosecution in the United States 3. Anne Wyvekens - Mediation and proximity; community justice centres in Lyons, France 4. Hans Boutellier - Right to the community; neighbourhood justice in the Netherlands 5. Peter Goris - Justice closer to communities; two tracks in Belgian justice policy 6. Alexis A. Aronowitz - Progress in community policing 7. Frederik E. Jansen and Gerben J.N. Bruinsma - Community policing of organized crime: a new direction 8. Norman Tutt - Restorative justice in practice 9. Pierre Dubois and André Normandeau - Professional community policing in Canada: a new social contract 10. Lode Walgrave - Declaration of Leuven 11. Crime institute profile - Scandinavian Research Council for Criminology
    • Complianceprogramma's - Een brug tussen preventieve en repressieve rechtshandhaving

      Wempe, J.F.D.B.; Wiering, J.R.; Zwieten, M.J.A. van; Gelinck, H.W.J.; Schoof, N.A.C. (KPMG Forensic Accounting, 1999)
      Het WODC heeft KPMG de opdracht gegeven om door middel van literatuuronderzoek te inventariseren welke ervaringen men in het buitenland heeft met complianceregelingen en te beoordelen onder welke voorwaarden deze regelingen in Nederland bij de aanpak van organisatiecriminaliteit van waarde kunnen zijn. Een complianceprogramma wordt gedefinieerd als een weloverwogen ontwikkeld en geïmplementeerd (management)systeem dat erop gericht is om onrechtmatig handelen binnen een onderneming tijdig op te sporen en te voorkomen. De opbouw is als volgt. In H. 1 wordt de opzet van het onderzoek besproken. In H. 2 komen drie modellen in de rechtstheorie aan de orde met betrekking tot strafrechtelijk daderschap van rechtspersonen. Deze worden toegelicht aan de hand van de wet en de jurisprudentie, en toegelicht wordt hoe het daderschap van rechtspersonen in de onderzoekslanden (de VS, Australië, Denemarken en Zuid-Afrika) benaderd wordt. Complianceprogramma's komen aan bod in H. 3; de werking ervan wordt beschreven in de onderzoekslanden. In de VS is dit geregeld in de Federal Sentencing Guidelines; deze komen uitgebreid aan de orde. In H. 4 wordt belicht op welke wijze een effectief complianceprogramma tot stand komt, waarbij alle stappen in het proces worden toegelicht. In H. 5 wordt nagegaan of het gebruik van complianceregelingen in de rechtshandhaving in Nederland een bredere plaats zou kunnen krijgen. Na een korte toelichting op de bestuurlijke en privaatrechtelijke handhaving besluit het hoofdstuk met een verkenning van de gecombineerde handhaving. Het rapport eindigt met samenvatting en conclusies.