• Focus in de opsporing - Een onderzoek naar de implementatie en uitvoering van de maatregelen uit het Programma Versterking Opsporing en Vervolging en het Programma Permanent Professioneel tegen de achtergrond van het voorkomen van tunnelvisie

      Liedenbaum, C.M.B.; Poot, C.J. de; Straalen, E.K. van; Kouwenberg, R.F. (WODC, 2015)
      In 2005 verscheen het Evaluatierapport van de Commissie-Posthumus naar aanleiding van de Schiedammer Parkmoord. Dit rapport maakte vele kwetsbaarheden zichtbaar in het proces van de opsporing en vervolging. Op basis van de aanbevelingen van de Commissie-Posthumus is al kort na het verschijnen van het Evaluatieonderzoek (september 2005) het Programma Versterking Opsporing en Vervolging (PVOV) tot stand gekomen (november 2005). Dit verbeterprogramma omvat vele maatregelen die in brede zin moeten bijdragen aan het vergroten van de kwaliteit en professionaliteit binnen de opsporing en vervolging. Na de invoering van de PVOV-maatregelen zijn met de komst van het Programma Permanent Professioneel (PP) in november 2010 verdere investeringen gedaan in de kwaliteitsverbetering en professionalisering bij het OM. De maatregelen uit PP kunnen als een aanvulling en verdieping worden gezien op de maatregelen die voor het OM in het Programma Versterking Opsporing en Vervolging zijn getroffen. Zij richten zich onder meer op het monitoren van lopende onderzoeken door actief te kijken naar kwetsbaarheden en afbreukrisico’s. Daarnaast wordt in PP aandacht besteed aan de evaluatie en reflectie van zaken. Centrale vraagstelling van het onderzoek is: Welke gevolgen hebben de maatregelen uit het Programma Versterking Opsporing en Vervolging (PVOV) en uit Permanent Professioneel (PP) die gericht zijn op het voorkomen van tunnelvisie voor de praktijk van de opsporing en in welke mate scheppen zij voorwaarden om tunnelvisie te voorkomen? INHOUD: 1. Inleiding 2. Opzet en uitvoering onderzoek 3. Tunnelvisie 4. Tunnelvisie in afgesloten strafzaken 5. Maatregelen bij politie en OM 6. Implementatie maatregelen bij politie en OM 7. Omgang met informatie 8. Sturing en besluitvorming 9. Reflectie en tegenspraak 10. Meerwaarde, neveneffecten, waarborgen en uitdagingen 11. Conclusie
    • Internationale politiële informatie-uitwisseling

      Boer, M. den (SeQure R&C, 2014)
      Het belang van informatie voor de politie is groot. Voor een effectieve uitvoering van haar taak is de politie afhankelijk van tijdige, betrouwbare en correcte informatie, zowel nationaal als internationaal. Dit rapport presenteert de bevindingen van een onderzoek naar de kanaalkeuze bij de internationale politiële informatie-uitwisseling. In het onderzoek is geprobeerd tot een mapping te komen van de huidige stand van zaken ten aanzien van internationale politiële informatie-uitwisseling vanuit Nederlands perspectief. De politie in Nederland wisselt onder meer informatie uit met politieorganisaties in de lidstaten van de Europese Unie. Internationale politiële informatie-uitwisseling verloopt via vele kanalen. De Nederlandse wetgeving stelt politiediensten in staat informatie uit te wisselen met diensten in het buitenland. In Nederland bestaat de organisatorische structuur voor de internationale politiële informatie-uitwisseling met name uit de Internationale Rechtshulpcentra (IRC’s) die de verbindende schakels vormen tussen de Eenheden van de Nationale Politie, het Landelijk IRC en de beschikbare kanalen. INHOUD: 1. Inleiding 2. Verantwoording 3. Rechtsinstrumenten 4. Kanalen 5. Inleiding 6. Evaluatie, belemmeringen en ontwikkelingen 7. Sturing van internationale politiële informatie-uitwisseling 8. Positionering van Nederlandse Politiële informatie-uitwisseling 9. Kanaalkeuze 10. Conclusie 11. Aanbevelingen 12. Literatuur