• 'Collectieve' acties - Een interne rechtsvergelijking tussen privaatrecht en bestuursrecht

      Wiggers-Rust, L.F. (WODC, 2014)
      De aanleiding van het onderzoek is de toenemende vervlechting van privaat- en bestuursrecht in de nationale rechtsorde. Gevolgen hiervan zijn bijvoorbeeld vervagende grenzen; meer ruimte voor keuze van verschillende instrumentaria met onhelderheid in de argumentatie ter zake; afstemmingsproblemen (zowel materieel als op het gebied van rechtsmachtverdeling); complexiteit van regelgeving en rechtsmachtverdeling; en het ontstaan van kennislacunes bij juristen. Aan de hand van een actueel vraagstuk (‘collectieve’ acties) is in kaart gebracht wat de overeenkomsten en verschillen in vormgeving in privaatrecht en bestuursrecht zijn, waar sprake is van afstemmingsproblemen en wat kan gelden als de (basis voor) beargumenteerde keuzes met als uitgangspunt de bevordering van consistentie, harmonie, rechtseenheid en/of vereenvoudiging. Dit onderzoek sluit aan bij het wetsvoorstel modernisering rechtspraak. INHOUD: 1. Inleiding 2. Wettelijke bepalingen 3. Verschillen en achtergronden 4. Afstemmingsproblemen 5. Actuele ontwikkelingen in maatschappij/wetgeving 6. Actuele Europese ontwikkelingen 7. (Ir)relevantie van vastgestelde verschillen tussen de desbetreffende bepalingen/systemen, mede tegen de achtergrond van de gesignaleerde en geanalyseerde ontwikkelingen in maatschappij/wetgeving en/of Europa 8. Denkbare keuzes/oplossingen: welke wijze van regeling verdient aanbeveling, in welk geval en waarom? 9. Slotbeschouwing
    • De modernisering van het Nederlands procesrecht in het licht van big data - Procedurele waarborgen en een goede toegang tot het recht als randvoorwaarden voor een data-gedreven samenleving

      Sloot, B. van der; Schendel, S. van (Universiteit van Tilburg - Tilburg Institute for Law, Technology and Society (TILT), 2019)
      Big Data en data-gedreven toepassingen vormen een steeds structureler onderdeel van zowel de publieke als de private sector. Als steeds meer processen binnen de overheid data-gedreven worden, dan is het belangrijk een aantal aanpassingen te doen in recht en beleid. In deze studie is bekeken welke aanpassingen voor een betere en stevigere inbedding van Big Data in de Nederlandse publieke sector kunnen zorgen, waarbij algemene en maatschappelijke belangen zijn gewaarborgd, belanghebbenden op een effectieve wijze hun recht kunnen halen en de principes van procedurele rechtvaardigheid en procesrechtelijke randvoorwaarden een volwassen positie innemen. De kernvraag die beantwoord moest worden is: Hoe zouden de mogelijkheden voor burgers en belangenorganisaties om besluitvorming op basis van Big Data-toepassingen te laten toetsen door de rechter desgewenst kunnen worden uitgebreid? De kernopdracht was dus het verkennen van diverse mogelijke rechtsvormen die in het Nederlandse rechtsstelsel zouden kunnen worden geïntroduceerd, niet of dit wenselijk of noodzakelijk is. Daarbij is gekozen voor nadruk op een analyse van de rechtsvormen die in de Nederland omringende landen beschikbaar zijn. INHOUD: 1. Inleiding 2. Het Nederlandse rechtsstelsel 3. Internationale vergelijking 4. Reguleringsopties 5. Conclusies en aanbevelingen 6. Bijlagen
    • Individueel of collectief procederen bij massaschade? - experimenten naar het effect van opt-in-modellen en opt-out-modellen op het procesgedrag van benadeelden

      Dijck, G. van; Doorn, C.J.M. van; Tzankova, I.N. (WODC, 2010)
      Directe aanleiding voor het onderzoek vormt de taakstelling binnen de rechtshulp en de vraag of, in het kader van het programma Rechtsbijstand en geschiloplossing (het vervolg op het programma Duurzame en toegankelijke rechtsbijstand), collectief procederen vanuit dat oogpunt moet worden gestimuleerd (dit is echter vanzelfsprekend geen onderzoeksvraag). Meer algemeen kan dit onderzoek relevant zijn om inzicht te krijgen in de werking van verschillende vormen van collectief procederen/collectieve actie en het keuzegedrag van betrokkenen. Er worden bij collectief procederen in Nederland verschillende vormen onderscheiden: de regeling voor massaal bezwaar in fiscale zaken, de WECAM/Wet collectieve afhandeling van massaschade, het traditionele proefproces, prejudiciële vragen aan de HR etc. In dit soort gevallen kan de behandeling van een groot aantal geschillen 'gebundeld' plaatsvinden. De werkwijze zoals die nu al door de Belastingdienst wordt gehanteerd zou daartoe als voorbeeld kunnen dienen. Deze werkwijze houdt in dat wanneer tegen een besluit massaal bezwaar wordt aangetekend, in één zaak een (beroeps)procedure wordt gevoerd om uitspraak te krijgen op de juridische vraag die aan alle zaken ten grondslag ligt. Zolang deze zaak dient, worden alle andere, vergelijkbare zaken niet in behandeling genomen of aangehouden. Na de uitspraak worden vervolgens alle ingediende bezwaren in de geest van die uitspraak afgehandeld. Met deze werkwijze kan worden voorkomen dat onnodige toevoegingen worden afgegeven of dat (toegevoegde) advocaten onnodige (proces)handelingen verrichten, of dat tegenstrijdige uitspraken worden gedaan in sterk vergelijkbare gevallen. INHOUD: 1. Inleiding en verantwoording 2. Collectieve acties in het recht 3. Analyse van bestaand empirisch onderzoek op het gebied van massaschade 4. Onderzoek naar geschilgedrag 5. Experimenten 6. Conclusies en implicaties