• Advocaat bij politieverhoor 2017-2019

      Geurts, T.; Hoekstra, M.S.; Aidala, R. (medew.); Beenakkers, E.M.Th. (medew.); Lierop, L.E.H.P. van (medew.); Teeuwen, G. (medew.) (WODC, 2021-07-12)
      In deze rapportage wordt voortgebouwd op eerder onderzoek van Klein Haarhuis (2018). In dit eerdere onderzoek stond de opstartfase van het nieuwe recht centraal (de periode van 1 maart 2016 - 1 maart 2017) en de stand van zaken werd vooral beschreven vanuit de politieorganisatie. Bovendien konden zwaardere zaken maar beperkt worden meegenomen. Het onderhavige onderzoek belicht het nieuwe recht opnieuw, maar dan vooral vanuit het advocatenperspectief en één tot drie jaar na de invoering van het recht. Een wijziging in onderzoeksmethodiek zorgde ervoor dat we ditmaal meer van de zwaarste zaken in de analyse konden betrekken. Daarnaast is nog gekeken naar twee wijzigingen die gelijktijdig met de wettelijke verankering werden doorgevoerd, te weten de beperkte uitbreiding van bevoegdheden van de advocaat en de verlenging van de ophoudtermijn bij ernstigere strafbare feiten van zes naar maximaal negen uur. Het onderhavige onderzoek richt zich op verhoorbijstand voor meerderjarige verdachten van strafbare feiten waarvoor voorlopige hechtenis mogelijk is. Vooral voor deze onderzoeksonderwerpen bestaan er beleidsmatig gezien relevante kennislacunes. Onder verhoorbijstand rekenen we de door advocaten verleende bijstand tijdens het politiële verdachtenverhoor en het verhoor voor de inverzekeringstelling (ivs-verhoor). De volgende vier onderzoeksvragen staan in deze rapportage centraal: 1. Hoe verloopt de invoering van de Implementatiewet in termen van organisatie en werkprocessen? 2. Hoe pakt de implementatie van het recht op verhoorbijstand in de praktijk uit? 3. Welke rol heeft de advocaat tijdens het verhoor? 4. Hoe hebben de uitgaven aan (piket)vergoedingen voor consultatie- en verhoor-bijstand zich ontwikkeld? INHOUD: 1. Inleiding, 2. Achtergronden bij het onderzoek, 3. Organisatie en werkprocessen, 4. Effectuering van het recht, 5. Invulling van de advocatenrol, 6. Conclusie
    • Capaciteitsbehoefte Justitiële Ketens t/m 2025 - Beleidsneutrale ramingen

      Moolenaar, D.E.G.; Kriege, A.G.; Tulder, F.P. van; Smit, P.R.; Diephuis, B.J. (WODC, 2020)
      Dit rapport beschrijft de ramingen van de capaciteitsbehoefte van de justitiële ketens tot en met 2025. Het gaat daarbij om ramingen van de instroom en uitstroom van diverse ketenpartners binnen de justitiële ketens (aantallen te behandelen zaken e.d.) en de capaciteitsbehoefte bij intramurale voorzieningen (aantal plaatsen in justitiële inrichtingen). INHOUD: 1. Inleiding, 2. Achtergrondfactoren, 3. Overtredingen, 4. Misdrijven, 5. Tenuitvoerlegging, 6. Reclassering, kinderbescherming en rechtsbijstand, 7. Civiel recht en bestuursrecht, 8. Nawoord.
    • Capaciteitsbehoefte justitiële ketens 2010 - Toelichting op de beleidsneutrale ramingen

      Moolenaar, D.; Huijbregts, G.; Velden, H. van de (WODC, 2005)
      In de afgelopen jaren zijn diverse ramingsrapporten verschenen, maar dit is het eerste rapport waarin over de hele justitiële veiligheidsketen wordt gerapporteerd. De ramingen die door het WODC worden gemaakt, zijn beleidsneutraal, dat wil zeggen dat ze uitgaan van gelijkblijvend beleid. INHOUD: 1. Inleiding 2. Achtergrondfactoren 3. Opsporing 4. Vervolging meerderjarigen 5. Vrijheidsstraffen meerderjarigen 6. Minderjarige verdachten 7. Vervolging minderjarigen 8. Vrijheidsstraffen minderjarigen 9. Rechtsbijstand 10. Nawoord
    • Capaciteitsbehoefte Justitiële Ketens t/m 2016 - beleidsneutrale ramingen

      Decae, R.J. (red.) (WODC, 2011)
      Dit rapport beschrijft de ramingen van de capaciteitsbehoefte van de justitiële ketens tot en met 2016. Het gaat daarbij om ramingen van de instroom en uitstroom van diverse ketenpartners binnen de justitiële ketens (aantallen te behandelen zaken e.d.) en de capaciteitsbehoefte van de intramurale voorzieningen (aantal plaatsen in justitiële inrichtingen). INHOUD: 1. Inleiding - R.J. Decae 2. Achtergrondfactoren - R.J. Decae en D. Jangbahadoer Sing 3. Opsporing - P.R. Smit 4. Slachtofferzorg - D.E.G. Moolenaar 5. Vervolging - D.E.G. Moolenaar 6. Rechtspraak - P.R. Smit, E.C. Leertouwer, F.P. van Tulder en B.J. Diephuis 7. Tenuitvoerlegging - A. Sonnenschein 8. Reclassering en Kinderbescherming - S.N. Kalidien 9. Vreemdelingenbewaring - R.J. Decae 10. Rechtsbijstand - M. Temürhan 11. Nawoord - D.E.G. Moolenaar
    • Capaciteitsbehoefte Justitiële Ketens t/m 2017 - beleidsneutrale ramingen

      Smit, P.R. (red.) (WODC, 2012)
      Dit rapport beschrijft de ramingen van de capaciteitsbehoefte van de justitiële ketens tot en met 2017. Het gaat daarbij om ramingen van de instroom en uitstroom van diverse ketenpartners binnen de justitiële ketens (aantallen te behandelen zaken e.d.) en de capaciteitsbehoefte van de intramurale voorzieningen (aantal plaatsen in justitiële inrichtingen). INHOUD: 1. Inleiding - P.R. Smit 2. Achtergrondfactoren - D. Jangbahadoer Sing 3. Opsporing - P.R. Smit 4. Slachtofferzorg - D.E.G. Moolenaar 5. Vervolging - D.E.G. Moolenaar 6. Rechtspraak - P.R. Smit, E.C. Leertouwer, F.P. van Tulder en B.J. Diephuis 7. Tenuitvoerlegging - R.J. Decae 8. Reclassering en Kinderbescherming - D.E.G. Moolenaar 9. Vreemdelingenbewaring - R.J. Decae 10. Rechtsbijstand - R.J. Decae 11. Nawoord - P.R. Decae
    • Capaciteitsbehoefte Justitiële Ketens t/m 2018 - Beleidsneutrale ramingen

      Smit, P.R. (red.); Moolenaar, D.E.G.; Tulder, F.P.; Decae, R.J.; Diephuis, B.J. (WODC, 2013)
      Dit rapport beschrijft de ramingen van de capaciteitsbehoefte van de justitiële ketens tot en met 2018. Het gaat daarbij om ramingen van de instroom en uitstroom van diverse ketenpartners binnen de justitiële ketens (aantallen te behandelen zaken e.d.) en de capaciteitsbehoefte voor intramurale voorzieningen (aantal plaatsen in justitiële inrichtingen). INHOUD: 1. Inleiding - P.R. Smit 2. Achtergrondfactoren 3. Opsporing 4. Slachtofferzorg 5. Vervolging 6. Rechtspraak - P.R. Smit, D.E.G. Moolenaar, F.P. Tulder en B.J. Diephuis 7. Tenuitvoerlegging - R.J. Decae 8. Reclassering en kinderbescherming - P.R. Smit 9. Vreemdelingenbewaring - R.J. Decae 10. Rechtsbijstand - R.J. Decae 11. Nawoord - P.R. Smit
    • Capaciteitsbehoefte Justitiële Ketens t/m 2019 - Beleidsneutrale ramingen

      Smit, P.R. (red.) (WODC, 2014)
      Dit rapport beschrijft de ramingen van de capaciteitsbehoefte van de justitiële ketens tot en met 2019. Het gaat daarbij om ramingen van de instroom en uitstroom van diverse ketenpartners binnen de justitiële ketens (aantallen te behandelen zaken e.d.) en de capaciteitsbehoefte voor intramurale voorzieningen (aantal plaatsen in justitiële inrichtingen). INHOUD: 1. Inleiding - P.R. Smit 2. Achtergrondfactoren - P.R. Smit 3. Opsporing - R.J. Decae 4. Slachtofferzorg - R.J. Decae 5. Vervolging - R.J. Decae 6. Rechtspraak - P.R. Smit, D.E.G. Moolenaar, F.P. van Tulder en B.J. Diephuis 7. Tenuitvoerlegging - R.J. Decae 8. Reclassering en kinderbescherming - P.R. Smit 9. Vreemdelingenbewaring - R.J. Decae 10. Rechtsbijstand - R.J. Decae 11. Nawoord - P.R. Smit
    • Capaciteitsbehoefte Justitiële Ketens t/m 2020 - Beleidsneutrale ramingen

      Smit, P.R. (red.) (WODC, 2015)
      Dit rapport beschrijft de ramingen van de capaciteitsbehoefte van de justitiële ketens tot en met 2020. Het gaat daarbij om ramingen van de instroom en uitstroom van diverse ketenpartners binnen de justitiële ketens (aantallen te behandelen zaken e.d.) en de capaciteitsbehoefte voor intramurale voorzieningen (aantal plaatsen in justitiële inrichtingen). INHOUD: 1. Inleiding 2. Achtergrondfactoren 3. Opsporing 4. Slachtofferzorg 5. Vervolging 6. Rechtspraak 7. Tenuitvoerlegging 8. Reclassering en kinderbescherming 9. Vreemdelingenbewaring 10. Rechtsbijstand 11. Nawoord
    • Capaciteitsbehoefte Justitiële Ketens t/m 2021 - Beleidsneutrale ramingen

      Smit, P.R.; Moolenaar, D.E.G.; Tulder, F.P. van; Diephuis, B.J. (WODC, 2016)
      Dit rapport beschrijft de ramingen van de capaciteitsbehoefte van de justitiële ketens tot en met 2021. Het gaat daarbij om ramingen van de instroom en uitstroom van diverse ketenpartners binnen de justitiële ketens (aantallen te behandelen zaken e.d.) en de capaciteitsbehoefte voor intramurale voorzieningen (aantal plaatsen in justitiële inrichtingen). INHOUD: 1. Inleiding 2.Achtergrondfactoren 3. Opsporing 4. Slachtofferzorg 5. Vervolging 6. Rechtspraak 7. Tenuitvoerlegging 8. Reclassering en kinderbescherming 9. Vreemdelingenbewaring 10. Rechtsbijstand 11. Nawoord
    • Capaciteitsbehoefte Justitiële Ketens t/m 2022 - Beleidsneutrale ramingen

      Moolenaar, D.E.G.; Decae, R.; Tulder, F.P. van; Diephuis, B.J. (WODC, 2017)
      Dit rapport beschrijft de ramingen van de capaciteitsbehoefte van de justitiële ketens tot en met 2022. Het gaat daarbij om ramingen van de instroom en uitstroom van diverse ketenpartners binnen de justitiële ketens (aantallen te behandelen zaken e.d.) en de capaciteitsbehoefte voor intramurale voorzieningen (aantal plaatsen in justitiële inrichtingen). INHOUD: 1. Inleiding 2. Achtergrondfactoren 3. Opsporing 4. Slachtofferzorg 5. Vervolging 6. Rechtspraak 7. Tenuitvoerlegging 8. Reclassering en Kinderbescherming 9. Vreemdelingenbewaring 10. Rechtsbijstand 11. Nawoord
    • Capaciteitsbehoefte Justitiële Ketens t/m 2023 - Beleidsneutrale ramingen

      Moolenaar, D.E.G.; Smit, P.R.; Decae, R.J.; Tulder, F.P. van; Diephuis, B.J. (WODC, 2018)
      Dit rapport beschrijft de ramingen van de capaciteitsbehoefte van de justitiële ketens tot en met 2023. Het gaat daarbij om ramingen van de instroom en uitstroom van diverse ketenpartners binnen de justitiële ketens (aantallen te behandelen zaken e.d.) en de capaciteitsbehoefte voor intramurale voorzieningen (aantal plaatsen in justitiële inrichtingen). INHOUD: 1. Inleiding 2. Achtergrondfactoren 3. Opsporing 4. Slachtofferzorg 5. Vervolging 6. Rechtspraak 7. Tenuitvoerlegging 8. Reclassering en Kinderbescherming 9. Rechtsbijstand 10. Nawoord
    • Capaciteitsbehoefte Justitiële ketens t/m 2024 - Beleidsneutrale ramingen

      Moolenaar, D.E.G.; Decae, R.J.; Tulder, F.P. van; Smit, P.R.; Kriege, A.G. (WODC, 2019)
      Dit rapport beschrijft de ramingen van de capaciteitsbehoefte van de justitiële ketens tot en met 2024. Het gaat daarbij om ramingen van de instroom en uitstroom van diverse ketenpartners binnen de justitiële ketens (aantallen te behandelen zaken e.d.) en de capaciteitsbehoefte voor intramurale voorzieningen (aantal plaatsen in justitiële inrichtingen). INHOUD: 1. Inleiding 2. Achtergrondfactoren 3. WAHV-zaken 4. Overtredingen 5. Misdrijven 6. Tenuitvoerlegging 7. Reclassering, kinderbescherming en rechtsbijstand in strafzaken 8. Civiel recht en bestuursrecht 9. Nawoord
    • Capaciteitsbehoefte Justitiële Ketens t/m 2026 - Beleidsneutrale ramingen

      Moolenaar, D.E.G.; Kriege, A.G.; Diephuis, B.J. (WODC, 2021-06-17)
      De ramingen in dit rapport zijn gemaakt met het Prognosemodel Justitiële Ketens (PMJ) versie 2020. Het PMJ bestaat uit twee onderdelen, namelijk een model voor de veiligheidsketen en een model voor het civiel- en bestuursrechtelijke deel van de justitiële keten. Het model voor de veiligheidsketen bevat onderdelen zoals onder andere opsporing, vervolging en berechting, straffen en maatregelen, vreemdelingenbewaring, gevangeniswezen, justitiële jeugdinrichtingen, reclassering, gesubsidieerde rechtsbijstand in strafzaken en slachtofferzorg. Het model voor civiel- en bestuursrechtelijke keten bevat de onderdelen civiele rechtspraak, bestuursrechtspraak en gesubsidieerde rechtsbijstand in civiele zaken en bestuurszaken. Dit rapport zal niet uitgebreid ingaan op alle onderdelen van het PMJ maar alleen de belangrijkste elementen eruit lichten. INHOUD: 1. Inleiding, 2. Achtergrondfactoren, 3. Overtredingen, 4. Misdrijven, 5. Tenuitvoerlegging, 6. Reclassering, kinderbescherming en rechtsbijstand, 7. Civiel recht en bestuursrecht, 8. Nawoord.
    • Capaciteitsbehoefte Justitiële Ketens t/m 2027 - Beleidsneutrale ramingen

      Molenaar, D.E.G.; Tims, B.; Kriege, A.G.; Pol, B. van der (WODC, 2022-06-29)
      Dit rapport beschrijft de ramingen van de capaciteitsbehoefte van de justitiële ketens tot en met 2027. Het gaat daarbij om ramingen van de instroom en uitstroom van diverse ketenpartners binnen de justitiële ketens (aantallen te behandelen zaken e.d.) en de capaciteitsbehoefte bij intramurale voorzieningen (aantal plaatsen in justitiële inrichtingen). De ramingen voor de civielrechtelijke en bestuursrechtelijke rechtspraak zijn de gezamenlijke verantwoordelijkheid van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) en de Raad voor de rechtspraak. De ramingen voor forensisch-psychiatrische centra (voorheen tbs-klinieken) zijn de gezamenlijke verantwoordelijkheid van het WODC en de Dienst Justitiële Inrichtingen. Voor de overige ramingen is het WODC verantwoordelijk. De ramingen zijn ‘beleidsneutraal’. Dat wil zeggen dat de ramingen uitgaan van gelijk-blijvend beleid. De ramingen zijn gemaakt met het Prognosemodel Justitiële Ketens (PMJ). Het PMJ bestaat uit twee onderdelen, namelijk een model voor de veiligheidsketen en een model voor het civiel- en bestuursrechtelijke deel van de justitiële keten.
    • De balie geschetst - Verslag van een door het WODC gehouden schriftelijke enquête onder de Nederlandse advocatuur

      Klijn, A. (WODC, 1981)
      In overleg met de begeleidingscommissie werd het doel van het onderzoek omschreven als het via verzamelen van materiaal verkrijgen van inzicht in zowel de samenstelling van en de rechtshulpverlening door de Nederlandse advocatuur in haar geheel, alsook in de samenstelling van en de rechtshulpverlening door verschillende binnen de balie te onderscheiden catergorieën, met daarbij speciale aandacht voor de advocatencollectieven. In deze omschrijving wordt tot uitdrukking gebracht dat twee vraagstellingen aan het onderzoek ten grondslag liggen. Allereerst de vraag naar een beschrijving van de huidige advocatuur in termen van de bovengenoemde kenmerken van de persoon van de advocaat, de werksituatie en de praktijkuitoefening. Vervolgens de vraag naar het opsporen van een aantal samenhangen tussen bedoelde kenmerken.
    • De bescherming van minderjarige slachtoffers - Implementatie van internationale voorschriften in nationale wet- en regelgeving in de praktijk

      Sondorp, J.E.; Hoogeveen, C.E. (Adviesbureau Van Montfoort, 2020)
      Het doel van het onderzoek is om in kaart te brengen in hoeverre internationale voorschriften ten aanzien van de behandeling en positie van minderjarige slachtoffers zijn geïmplementeerd in nationale wetgeving en in de praktijk. Bijkomend doel is om te benoemen op welke punten er mogelijk hiaten zijn en op welk terrein Nederland juist verder gaat dan hetgeen internationaal verplicht wordt gesteld of wordt aanbevolen. Het onderzoek is verricht in opdracht van het WODC op verzoek van de Directie Slachtofferbeleid van het Ministerie van Justitie en Veiligheid. De volgende onderzoeksvragen worden in dit onderzoek beantwoord: Welke verplichtingen heeft Nederland op grond van internationale richtlijnen en verdragen als het gaat om de bescherming van minderjarige slachtoffers van misdrijven binnen de context van de toepassing van het strafrecht? Welke van deze verplichtingen zijn in Nederland tot dusver op papier geïmplementeerd en op welke wijze? Zijn de op papier geïmplementeerde verplichtingen ook in de uitvoeringspraktijk doorgevoerd. In welke mate wel of (nog) niet? INHOUD: 1. Inleiding en onderzoeksvragen 2. Onderzoeksverantwoording 3. Internationaal en nationaal kader 4. Verplichtingen Nederland vanuit internationaal kader 5. Bescherming van minderjarige slachtoffers in de praktijk 6. Conclusies
    • De rechtsbijstandsubsidie herzien - Een evaluatie van de toegangsregulering in de Wet op de rechtsbijstand

      Klijn, A.; Schaaf, J. van der; Paulides, G. (WODC, 1998)
      De per 1 januari 1994 van kracht geworden Wet op de rechtsbijstand heeft wijziging gebracht in de toegangsvoorwaarden tot rechtsbijstandsubsidie. Welke gevolgen heeft die wijziging gebracht in het gebruik van rechtsbijstand? In hoeverre zijn die gevolgen door de wetgever beoogd? Aan de hand van de doelstellingen van het wijzigen van de voorwaarden zijn verschillende soorten gevolgen onderzocht. In hoeverre zijn er onvoorziene aanbodeffecten in de rechtsbijstand te traceren? Is er sprake van een meer kritische afweging bij het inroepen van advocatenhulp door rechtzoekenden? In hoeverre heeft dat geleid tot het ten onrechte verstoken blijven van rechtsbijstand? Is het gelijkheidsbeginsel ten aanzien van rechtzoekenden door de wet meer tot realiteit gebracht? Dit rapport geeft inzicht in de (al dan niet bedoelde) gevolgen. Daarnaast is aandacht besteed aan de uitwerking van het theoretische kader dat ten grondslag heeft gelegen aan het zoeken naar de gevolgen.
    • Duurder recht, minder vraag? - De prijsverhoging van rechtsverzorging en de gevolgen daarvan voor de lagere inkomens

      Klijn, A.; Paulides, G. (medew.) (WODC, 1988)
      Dit rapport bevat een evaluatie van een tweetal wijzigingen van de WROM. Het betreft met name de effecten van de Wet tijdelijke voorzieningen rechtsbijstand (eigen-bijdrage maatregel) en de Wet wijziging tarieven in burgerlijke zaken (verhoging griffierechten) voor de lagere inkomenscategorieen. Via de beide ;wetswijzigingen is de prijs voor het beroep op de rechtsverzorging, i.c. de advocaat en de rechter verhoogd. Van de zijde van de overheid wordt via dergelijke maatregelen gestreefd naar een meer selectief gebruik van de uit de collectieve middelen gefinancierde rechtsverzorging. Van de zijde van de rechtshulpverlening wordt gesteld dat dit een ontoelaatbare drempel opwerpt voor de maatschappelijk zwakkeren. Het onderzoek omvat twee metingen onder respectievelijk bezoekers van bureaus voor rechtshulp en advocaten. De eerste meting betreft de situatie waarin de prijsmaatregelen nog niet van toepassing waren, de tweede betreft de situatie na invoering ervan. De eerste meting startte in november 1983, de tweede in oktober 1984. Telefonische vervolg-enquetes vonden respectievelijk plaats in september 1984 en oktober 1985.
    • Eindrapportage werkwijze ZSM en Rechtsbijstand

      Jacobs, G.; Giessen, M. van der; Brein, E.; Bayerl, P.S.; Verbaan, J.; Thuis, Th. (Erasmus Universiteit Rotterdam - Rotterdam School of Management (RSM), 2015)
      De afkorting ZSM staat voor Zo Simpel, Spoedig, Samen en Selectief Mogelijk zaken afdoen. In deze aanpak werken de politie, het Openbaar Ministerie (OM), Reclassering Nederland, Verslavingszorg Noord-Nederland, het Leger des Heils, Slachtofferhulp Nederland en (bij jeugdige verdachten) de Raad voor de Kinderbescherming, samen aan de versnelde afdoening van strafzaken. De ZSM-werkwijze van politie en OM beoogt door een goede samenwerking van alle ketenpartners aan de voorkant van het proces een snelle selectie en zo mogelijk afdoening van zaken die vallen onder de noemer ‘veel voorkomende criminaliteit’. Het onderzoek geeft antwoord op de volgende twee hoofdvragen: Wat zijn de feitelijke gevolgen van de door de werkgroep ‘ZSM en rechtsbijstand’ geadviseerde werkwijze op de rechtsbescherming van verdachten, de efficiency van het afdoeningsproces en de kosten voor politie, OM en gesubsidieerde rechtsbijstand afgezet tegen de huidige praktijk? Wat zijn de organisatorische consequenties van het advies van de werkgroep, wat is de praktische uitvoerbaarheid van de verschillende elementen van het advies en wat zijn de belangrijkste kostendrivers? INHDOUD: 1. Inleiding 2. Aanleiding 3. De werkwijze ZSM en Rechtsbijstand 4. Onderzoeksvragen en -aanpak 5. Resultaten evaluatie werkwijze ZSM en Rechtsbijstand 6. Samenvatting bevindingen 7. Conclusie
    • Ervaringen met elementen uit de tijdelijke COVID-19-wetgeving Justitie en Veiligheid

      Riddrbos-Hovingh, Ch.; Beukers, M.; Bergen, E. van; Krol, E.; Winter, H. (Pro Facto, 2022-09-14)
      Op 24 april 2020 trad de Tijdelijke wet COVID-19 Justitie en Veiligheid (Tijdelijke wet) in wer-king.1 Deze spoedwet treft enkele voorzieningen op het terrein van Justitie en Veiligheid (JenV) die noodzakelijk geacht werden in verband met de uitbraak van corona. Daarna zijn er nog aanvullingen gekomen in de Verzamelspoedwet COVID-19, in de Tweede Verzamelspoedwet COVID-19 en in de Tijdelijke wet COVID-19 SZW en JenV. In deze wetgeving worden voor alle rechtsgebieden (strafrecht, bestuursrecht, privaatrecht) voorzieningen getroffen, veelal voor het waarborgen van de continuïteit van het rechtsverkeer tijdens de coronacrisis. Deze tijdelijke voorzieningen gelden tot het vervallen van de wet. Dit was in beginsel op 1 september 2020, maar de wet bevat mogelijkheden om de werkingsduur (van onderdelen) om de twee maanden te verlengen. De hoofdvraag in dit onderzoek luidt als volgt: In hoeverre en onder welke (juridische en praktische) condities kunnen (onderdelen van) voorzieningen van de tijdelijke COVID-19-wetgeving JenV omgezet worden in permanente regelingen? Doel van het onderzoek is inzichtelijk maken in hoeverre het juridisch mogelijk en volgens betrokkenen wenselijk is om (onderdelen van) voorzieningen van de tijdelijke COVID-19-wetgeving JenV in de rechtspleging en het notariaat om te zetten in permanente regelingen. INHOUD: Inleiding Mondelinge digitale behandeling in burgerlijke, bestuursrechtelijke en strafrechtelijke procedures Elektronisch horen penitentiair beklag/beroep Mondelinge digitale behandeling in tuchtzaken Herstel verzuim hoger beroep in vreemdelingenzaken Verlenging termijn tenuitvoerlegging taakstraf Verlijden van akten Uitreiken van exploten Slotbeschouwing