• De CEAS aan het werk - Bevindingen over het functioneren van de Commissie Evaluatie Afgesloten Strafzaken 2006-2008

      Ridder, J. de; Klein Haarhuis, C.M.; Jongste, W.M. de (WODC, 2008)
      Deze evaluatie richt zich op de werkzaamheden van de CEAS (Commissie Evaluatie Afgesloten Strafzaken)en de Toegangscommissie. Op welke wijze heeft de Toegangscommissie van de CEAS uit aangemelde gevallen te onderzoeken strafzaken geselecteerd? Op welke wijze hebben de driemanschappen van de CEAS het onderzoek naar mogelijke ernstige manco's uitgevoerd? In hoeverre zijn de activiteiten van de Toegangscommissie en de driemanschappen te kwalificeren als onafhankelijk, objectief, navolgbaar, tijdig en 'afdoende'? De volgende drie afgesloten strafzaken zijn nader onderzocht: 1. de Enschedese ontuchtzaak, 2. de zaak Lucia de B. en 3. de zaak Ina Post. INHOUD: 1. Aanleiding, probleemstelling en aanpak 2. Ontstaan en uitgangspunten van de CEAS 3. De Toegangscommissie 4. De driemanschappen: nader onderzoek 5. Werkwijze in nader onderzoek Enschedese ontuchtzaak 6. Werkwijze in nader onderzoek Lucia de B. 7. Werkwijze in nader onderzoek Ina Post 8. Conclusies
    • Rechter en samenleving

      Huls, N.J.H.; Mevis, P.A.M.; Visscher, N.; Kwak, A.-J.; Malsch, M.; Roos, Th.A. de; Eshuis, R.; Voert, M. ter; Brenninkmeijer, A.F.M.; Nijboer, J.F.; et al. (WODC, 2003)
      ARTIKELEN: 1. N.J.H. Huls, P.A.M. Mevis en N. Visscher - De kloof tussen rechtspraak en samenleving; hoe klantvriendelijk is de rechter? 2. A.-J. Kwak - Rechterlijk gezag in het geding; over het marktplein, de ivoren toren en het glazen huis 3. M. Malsch - De leek als rechter en de rechter als leek 4. Th.A. de Roos - Burger en strafrechtspleging; is het strafrechtelijk discours passé? 5. R. Eshuis en M. ter Voert - De onafhankelijkheid en onpartijdigheid van rechters; van insiders- naar outsidersperspectief 6. A.F.M. Brenninkmeijer - De onafhankelijke en onpartijdige rechter; een internationaal perspectief 7. J.F. Nijboer - Gerechtelijke dwalingen en de rol van deskundigen; een vergelijking tussen Engeland en Nederland 8. F. van Dijk en F. Lauwaars - De zittende magistratuur in verandering; is moderniseren ook verbeteren? 9. F.C.J. van der Doelen - De politieke grenzen van de rechtspraak SAMENVATTING: Anno 2003 heeft de rechterlijke organisatie afscheid genomen van het prototype van de individualistisch opererende rechter die slechts geïnteresseerd is in een juridisch-techisch goed vonnis. De rechter van nu moet ‘produceren’, heeft regelmatig functioneringsgesprekken en moet – veel meer dan vroeger – samenwerken met collega’s. Of met deze omvorming tot een moderne organisatie de kloof met de samenleving ook gedicht is of kleiner is geworden valt echter te betwijfelen. Het lijkt alsof de rechterlijke macht meer dan ooit onder vuur ligt, getuige de veelsoortige kritiek die de laatste jaren te horen is.
    • Victa vincit veritas? - Evaluatie Wet hervorming herziening ten voordele

      Nan, J.S.; Holvast, N.L.; Lestrade, S.M.A.; Mevis, P.A.M.; Mascini, P. (Erasmus Universiteit Rotterdam - School of Law, 2018)
      De Wet hervorming herziening ten voordele is op 1 oktober 2012 in werking getreden. Het doel van de wet is om de rechtsbescherming van burgers die ten onrechte zijn veroordeeld op enkele punten te moderniseren, met behoud van het uitzonderingskarakter van de herzieningsregeling en het novumbegrip als leidend principe. Dit naar aanleiding van enkele geruchtmakende gerechtelijke dwalingen. De herzieningsgrond inzake het novum is verruimd om beter rekening te kunnen houden met nieuwe deskundigeninzichten. En de wettelijke mogelijkheden om – voorafgaand aan de indiening van een herzieningsaanvraag – een onderzoek te doen naar een novum zijn verruimd. Bij dat onderzoek kan de hulp worden ingeroepen van de Adviescommissie afgesloten strafzaken (ACAS), die de Procureur-Generaal bij de Hoge Raad adviseert over de vraag of er aanleiding is een onderzoek in te stellen naar een mogelijk novum.In dit onderzoek is gewerkt vanuit de volgende probleemstelling: In welke opzichten en in welke mate is de Wet hervorming herziening ten voordele doeltreffend en wat zijn de eventuele neveneffecten van de wet? INHOUD: 1. Inleiding 2. Achtergronden, juridisch kader en doelstellingen van de Wet hervorming herziening ten voordele 3. Verzoeken tot een nader onderzoek 4. Herzieningsaanvragen: het (nieuwe) novum en ander gronden 5. Overige onderdelen van de wetswijziging 6. Conclusies