• Evaluatie PNR-Wet

      Irion, K.; Es, R. van; Meeren, K. van der; Dijkman, D. (Universiteit van Amsterdam - Instituut voor Informatierecht (IViR), 2021-11-09)
      Op 18 juni 2019 is de Wet gebruik van passagiersgegevens voor de bestrijding van terroristische en ernstige misdrijven (PNR-wet) in werking getreden. Deze wet verplicht de luchtvaartmaatschappijen om passagiersgegevens van elke vlucht die in Nederland vertrekt of aankomt te verstrekken aan de Passagiersinformatie-eenheid Nederland (Pi-NL). De Pi-NL mag krachtens deze wet verzamelde passagiersgegevens uitsluitend verwerken voor het voorkomen, opsporen, onderzoeken en vervolgen van terroristische misdrijven en ernstige criminaliteit. Met de aanname van de PNR-wet voldoet de Nederlandse wetgever aan zijn plicht om de EU-richtlijn 2016/681 (PNR-richtlijn) te implementeren. Dit onderzoek vervult de verplichting uit artikel 25 van de PNR-wet dat twee jaar na de inwerkingtreding van de wet een evaluatie dient plaats te vinden van de doeltreffendheid en de effecten van deze wet in de praktijk. Deze evaluatie is ook gericht op de naleving van de privacywaarborgen en op de verwerking van passagiersgegevens van intra-EU-vluchten. De periode waarop deze evaluatie betrekking heeft, loopt van de inwerkingtreding van de wet op 18 juni 2019 tot 5 juli 2021. INHOUD: 1. Inleiding 2. Het wettelijk kader met betrekking tot PNR-gegevens 3. Het gebruik van de PNR-wet in cijfers 4. De rol van de passagiersgegevens in het werk van de opsporingsdiensten 5. Compliance met geldende privacynormen PNR-wet 6. Doeltreffendheid, noodzakelijkheid en evenredigheid verzameling intra-EU-passagiersgegevens 7. Bevindingen
    • Gebruik van passagiersgegevens voor grenscontrole - Evaluatie van de uitvoering van de API-richtlijn

      Brummelkamp, G.; Vogels, R. (Panteia, 2018)
      In de Europese Unie bestaat sinds 2004 een Advance Passenger Information (API)-richtlijn gericht op de verbetering van grenscontroles en de bestrijding van illegale immigratie. Lidstaten mogen volgens de richtlijn (2004/82 EC) bepalingen opnemen in hun nationale wetgeving die het mogelijk maken om luchtvaartmaatschappijen te verplichten om gevalideerde passagiersgegevens voorafgaand aan de vlucht door te geven aan de grensautoriteiten in de betreffende lidstaat. De richtlijn laat het echter aan de lidstaten zelf over om van deze mogelijkheid daadwerkelijk gebruik te maken. Onder andere hierdoor bestaat binnen de EU momenteel een grote variëteit wat betreft het gebruik van API-gegevens. In Nederland is de API-richtlijn in 2007 geïmplementeerd, met als algemeen beleidsdoel de verbetering van de grenscontrole en de bestrijding van illegale immigratie.Met dit onderzoek is het gebruik van API-gegevens in Nederland geëvalueerd. Het onderzoek is een vervolg op de eerste evaluatie van API in 2014. Op grond van dit eerste evaluatieonderzoek heeft de minister van Justitie en Veiligheid de Tweede Kamer toegezegd een tweede evaluatiestudie te laten uitvoeren als onder andere het systeem verder is uitontwikkeld. Voor deze tweede evaluatie zijn twee centrale onderzoeksvragen geformuleerd: Wat kan gezegd worden over het gebruik en de effectiviteit van APIgegevens ten behoeve van grenscontrole en het tegengaan van illegale immigratie en op welke wijze is gevolg gegeven aan eerdere aanbevelingen ten aanzien van API? In hoeverre kunnen recente relevante Europese ontwikkelingen gevolgen hebben voor de wijze waarop API-gegevens in Nederland gebruikt worden? INHOUD: 1. Inleiding 2. API-richtlijn en actuele ontwikkelingen 3. API in de praktijk 4. Evaluatie van de meerwaarde en verbetermogelijkheden 5. Conclusies
    • M/V en verder - Sekseregistratie door de overheid en de juridische positie van transgenders

      Brink, M. van den; Tigchelaar, J. (Utrecht Centre for European Research into Family Law (UCERF), 2014)
      In augustus 2012 is het Wetsvoorstel tot wijziging van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek en de Wet gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens in verband met het wijzigen van de voorwaarden voor en de bevoegdheid ter zake van wijziging van de vermelding van het geslacht in de akte van geboorte bij de Tweede Kamer ingediend om verandering in de bestaande van toepassing zijnde regelgeving te brengen (Tweede Kamerstukken, Vergaderjaar 2011-2012, nr. 33 351). Als het voorstel wordt aangenomen, hoeven transgenders geen sterilisatie en geslachtsaanpassende operatie meer te ondergaan om hun geslachtsaanduiding in de burgerlijke stand en daarmee in de gemeentelijke basisadministratie (GBA) te laten veranderen. Dit onderzoek betreft de volgende probleemstelling: In hoeverre en onder welke voorwaarden is het mogelijk mede in het licht van internationaalrechtelijke verplichtingen, het geslacht in sommige gevallen onbepaald te laten, en welke juridische en praktische problemen kunnen daardoor ontstaan of juist worden verholpen? INHOUD: 1. Inleiding 2. Sekseregistratie in Nederland 3. Internationaalrechtelijke verplichtingen 4. Ontwikkelingen en ervaringen in het buitenland 5. Analyse: mogelijkheden & gevolgen 6. Beantwoording onderzoeksvragen en conclusies