• Bemiddeling in uitvoering - Evaluatie experimenten scheidings- en omgangsbemiddeling

      Chin-A-Fat, B.; Steketee, M. (Verwey-Jonker Instituut, 2001)
      In 1999 zijn er twee experimenten gestart door het ministerie van Justitie, één voor scheidingsbemiddeling en één voor omgangsbemiddeling. Het doel van het experiment scheidingsbemiddeling is om na te gaan of scheiden zonder tussenkomst van de rechter op basis van een convenant kan worden ingevoerd. het doel van de omgangsbemiddeling is het nagaan of deelname van partijen aan een verwijzing door de rechter naar een bemiddelingsdeskundige een positief effect heeft op de uitkomsten van een procedure, ter oplossing van een conflict over de omgang.
    • De inzet van deskundigen bij de Raden voor de Kinderbescherming - verslag van een korte inventarisatie

      Unknown author (WODC, 1992)
      In dit rapport wordt verslag gedaan van een kort inventariserend onderzoek naar de inzet van deskundigen bij de Raden van de Kinderbescherming. Doel van deze inventarisatie is informatie te verzamelen die een bijdrage kan leveren aan het ontwikkelen van criteria voor het inschakelen van deskundigen bij het raadsonderzoek.
    • De tijd loopt door - De gevolgen van lange doorlooptijden in de rechtspraak

      Felsö, F.; Hollanders, D.; Honk, J. van; Laemers, M.; Nooij, M. de; Rombouts, W. (SEO - Economisch onderzoek, 2007)
      Het doel van dit onderzoek is om de economische en maatschappelijke gevolgen die gepaard gaan met (lange) doorlooptijden in het civiele en het bestuursrecht inzichtelijk maken aan de hand van de bestudering van enkele zaakstypen in de sectoren Bestuur (WAO-zaken) en Civiel (bijzondere overeenkomsten en omgangsregelingen).
    • Echtscheiding

      Unknown author (WODC, 1981)
      Het thema 'echtscheiding' heeft de laatste jaren, zowel in de massamedia als in de wetenschappelijke literatuur veel aandacht ondervonden. Ook Justitiële verkenningen meent dat dit onderwerp een themanummer rechtvaardigt.
    • Effectuering van omgang in rechtsvergelijkend perspectief

      Chin-A-Fat, B.E.S. (Vrije Universiteit Amsterdam, 1999)
      Dit rapport schetst een beeld van de situatie met betrekking tot de theorie en praktijk van de handhaving van omgangsregelingen in Nederland, België, Duitsland, Frankrijk en Engeland. De vragen die aan de orde komen, zijn:Welke effectueringsmiddelen/sancties zijn in de praktijk ontwikkeld en/of in de wet expliciet opgenomen in verband met omgang?Wie kunnen op deze middelen een beroep doen of sancties vragen en onder welke voorwaarden?Wie zijn bij de toepassing betrokken, met welke bevoegdheden?Hoe vaak worden de beschikbare middelen werkelijk gebruikt en wat is er bekend over de effectiviteit?
    • Eigen rechtsingang voor minderjarigen - Ervaringen met artikel 1:162a BW

      Doornhein, L. (WODC, 1992)
      In december 1990 is de nieuwe wet houdende een nadere regeling van de omgang in verband met scheiding in werking getreden. De Tweede Kamer is een evaluatie toegezegd van de ervaringen met het nieuwe artikel 1:162a BW, waarmee minderjarigen een (informele) eigen rechtsingang hebben gekregen. Jongeren vanaf twaalf jaar kunnen nu zelf een rechter benaderen met het verzoek om een omgangsregeling - met een van de ouders of een ander familielid - vast te stellen, te wijzigen of te beëindigen. Dit rapport is een evaluatie van de werking van dit nieuwe artikel. De nieuwe regeling lijkt vooralsnog niet tot een extra werkdruk voor de rechtbank te leiden. Het geringe gebruik is voor een groot deel te verklaren door de loyaliteitsproblemen die kinderen in deze situatie ten opzichte van hun ouders hebben. INHOUD: 1. Inleiding 2. Het gebruik van artikel 1:162a BW 3. Gevolgen voor de rechterlijke macht 4. Beperkt gebruik van artikel 1:162a BW 5. Slotwoord en aanbeveling.
    • Evaluatie ouderschapsplan - Een eerste verkenning

      Voert, M.J. ter; Geurts, T. (WODC, 2013)
      In maart 2009 is de ‘Wet bevordering voortgezet ouderschap en zorgvuldige scheiding’ in werking getreden. Een van de onderdelen van deze wet is dat alle scheidende ouders die gezamenlijk het gezag hebben over minderjarige kinderen vanaf die datum een ouderschapsplan moeten voorleggen aan de rechter. Dit ouderschapsplan moet afspraken bevatten over de verdeling van zorg- en opvoedingstaken, informatie-uitwisseling over de kinderen en kinderalimentatie. De doelstelling van het ouderschapsplan is conflicten over deze aspecten te beperken door ouders te verplichten hier voorafgaand aan de scheiding formele afspraken over te maken. Dit zou de nadelige gevolgen van een scheiding voor kinderen moeten verminderen. Deze rapportage geeft een eerste aanzet tot een evaluatie van deze wet. De volgende vragen staan centraal: Hoe wordt in de praktijk uitvoering gegeven aan het ouderschapsplan? In hoeverre worden de doelstellingen van het ouderschapsplan gehaald? Dat wil zeggen, is er, in vergelijking met voor de invoering van het ouderschapsplan, op de lange termijn sprake van: a. meer contact tussen ouders en kinderen; b. minder conflicten tussen ouders; c. minder problemen bij kinderen. INHOUD: 1. Inleiding 2. Achtergrond 3. De uitvoeringspraktijk 4. Effecten van het ouderschapsplan 5. Conclusie
    • Jaarverslag kinderrechters 1984

      Barendse-Hoornweg, E.J.M. (WODC, 1987)
      Dit is het eerste landelijke jaarverslag van de kinderrechters, een verzameling van gegevens uit alle jaarverslagen van de acht arrondissementen aangevuld met statistische informatie.
    • Meeroudergezag: een oplossing voor kinderen met meer dan twee ouders? - Een empirisch en rechtsvergelijkend onderzoek

      Antokolskaia, M.V.; Schrama, W.M.; Boele-Woelki, K.R.S.D.; Bijleveld, C.C.J.H.; Jeppesen de Boer, C.G.; Rossum, G. van (Vrije Universiteit - Faculteit der Rechtsgeleerdheid, 2014)
      Het doel van dit onderzoek is om in kaart te brengen of er in meeroudergezinnen als gevolg van de huidige regeling van het gezag problemen zijn, en zo ja, of meeroudergezag daarvoor een oplossing is en wat de gevolgen daarvan zouden zijn. Een tweede doel van dit onderzoek is om op te sporen of er problemen zijn met betrekking tot de juridische vastlegging van de rolverdeling tussen ouders in meeroudergezinnen, en zo ja, of deze kunnen worden opgelost door een wettelijke regeling te treffen voor een (al dan niet verplicht) donorschapsplan c.q. stiefouderplan. INHOUD: 1. Deel I: Inleiding 1. Aanleiding voor het onderzoek 2. Onderzoeksvragen 3. Afbakening en operationalisering 4. Methoden 5. Rechtspositie van de ouders in meeroudergezinnen 6. Plan van behandeling en terminologie, Deel II: Een juridisch perspectief op gezag 1. Onderzoeksvragen en methode 2. Gezagsrecht in Nederland 3. Gezagsrecht in Engeland 4. Vergelijkende synthese gezagsrecht, Deel III: Een empirisch perspectief op gezag 1. Inleiding 2. Methoden voor beide typen gezinnen 3. Resultaten en analyse empirisch onderzoek, Deel IV: Conclusies 1. Intentionele gezinnen 2. Niet-intentionele gezinnen 3. Slot
    • Naleving van contact-/omgangsafspraken na scheiding - Een rechtsvergelijkend en sociaalwetenschappelijk perspectief

      Antokolskaia, M.V.; Jeppesen de Boer, C.G.; Ruitenberg, G.C.A.M.; Schrama, W.M.; Valk, I.E. van der; Vrolijk, P. (Vrije Universiteit Amsterdam - Amsterdams centrum voor familierecht (ACFL), 2019)
      Dit onderzoek betreft de nakoming van afspraken over contact/omgang tussen minderjarige kinderen en ouders na scheiding. De achtergrond van dit onderzoek is het streven van de wetgever om met wetgeving en beleid de nadelige gevolgen van complexe scheidingen voor kinderen en ouders, terug te dringen. De onderstaande onderzoeksvragen komen in dit rapport aan de orde: Welke (juridische) mogelijkheden en verplichtingen zijn er voor ouders om tot afspraken te komen over contact/omgang met hun (minderjarige) kinderen na hun scheiding? Wat zijn de mogelijkheden en verplichtingen hiertoe in het Australische, Deense en Noorse recht? Welke oorzaken en verklaringen kunnen in de (wetenschappelijke literatuur) worden onderscheiden voor het niet nakomen van de gemaakte afspraken over contact/omgang met de bij een scheiding betrokken (minderjarige) kinderen? Wat leren deze inzichten over het niet nakomen van afspraken rond contact/omgang met kinderen binnen de Nederlandse context? Dienen zich hierbij verschillen aan tussen bepaalde groepen in de samenleving? Welke (juridische) mogelijkheden bestaan om alsnog te komen tot de naleving van de gemaakte afspraken? Op welke wijze verloopt het gebruikmaken van deze mogelijkheden in de praktijk? Welke knelpunten doen zich hierbij eventueel voor? Hoe wordt in het Australische, Deense en Noorse recht met deze problemen omgegaan? In hoeverre bieden de gevonden oorzaken en verklaringen voor het niet nakomen van afspraken rond contact/omgang met kinderen en de mogelijkheden die er zijn om alsnog tot naleving van deze afspraken te komen aanknopingspunten voor het terugdringen van het aantal scheidingen waarbij gemaakte afspraken over de omgang niet worden nagekomen? INHOUD: 1. Inleiding en methoden 2. Afspraken contact/omgang maken en naleven 3. Oorzaken en verklaringen voor het niet naleven van contact/omgangsregelingen 4. Buitenlandse stelsels - afspraken contact/omgang maken en naleven 5. Conclusies
    • Omgang tussen grootouders en kleinkinderen - Een sociaalwetenschappelijke en rechtsvergelijkende studie

      Jonker, M.; Sarti, A.; Jeppesen-de Boer, C.; Lünnemann, K.; Drost, L. (medew.); Koster, N. (medew.) (Verwey-Jonker Instituut, 2020)
      De aandacht voor de positie van grootouders in het huidige regeerakkoord in het kader van het landelijk beleid ten aanzien van het voorkomen van ‘vechtscheidingen’ hangt samen met de initiatiefnota ‘Opgroeien met opa en oma’, waarin wordt gepleit voor een wettelijk omgangsrecht voor grootouders met hun (klein)kinderen (Tweede Kamerstukken, Vergaderjaar 2017-2018, 33836, nr. 24 en Vergaderjaar 2015-2016, 34168, nr. 4). Ook zouden grootouders recht moeten krijgen op een informatieregeling. Bij echtscheiding van de ouders van het kleinkind zouden af_spraken over een omgangsregeling met de grootouders in het ouderschapsplan kunnen worden vastgelegd. Dit onderzoek geeft antwoord op de vraag of een uitbreiding van de procespositie van grootouders wen_selijk is en in het belang van de kleinkinderen. Door nader inzicht te bieden in welke gevallen, op welke wijze en met welke mogelijke (neven)effecten (bestaande en aanvullende) juridische en niet-juridische instrumenten kunnen bijdragen aan een verbeterde omgang tussen grootouders en (minderjarige) kleinkinderen. Het verkent onder welke omstandig_heden grootouders via de rechter omgang trachten af te dwingen en hoe vaak dit voorkomt. Tevens wordt nagegaan hoe het recht van grootouders op contact/om_gang met/of informatie over hun klein_kinderen wettelijk is geregeld in België, Duits_land en Frankrijk.
    • Omgangsbegeleiding - Een inventarisatie

      Chin-A-Fat, B.E.S. (Vrije Universiteit Amsterdam, 1998)
      Dit rapport bevat de inventarisatie van de bestaande projecten omgangsbegeleiding en de concrete aanbevelingen over de voorwaarden waaraan de projecten moeten voldoen om zo optimaal mogelijk hulp te kunnen bieden aan ouders bij de feitelijke uitvoering van een omgangsregeling.
    • Omgangsregeling tussen ouders na scheiding

      Berends, S.; Buimer, L. (Regioplan Beleidsonderzoek, 2020)
      Op 1 maart 2009 is de Wet bevordering voortgezet ouderschap en zorgvuldige scheiding in werking getreden. In deze wet is opgenomen dat een kind na een scheiding van zijn ouders recht heeft op een gelijkwaardige verzorging en opvoeding door beide ouders en ouders die gaan scheiden moeten verplicht een ouderschapsplan opstellen. Hierin worden afspraken vastgesteld over hun minderjarige kinderen, waaronder hoe zij de verzorging en opvoedingstaken verdelen. Vanaf 2009 is het opstellen van een ouderschapsplan bij scheiding verplicht voor ouders die getrouwd zijn of een geregistreerd partnerschap hebben. Dit geldt ook voor samenwonende ouders met gezamenlijk gezag, die uit elkaar gaan. Dit literatuuronderzoek heeft tot doel om inzichtelijk te maken of het wenselijk is dat er een wettelijk uitgangspunt wordt ingevoerd dat de zorgrechten en -plichten na scheiding in beginsel gelijk verdeelt over beide ouders, maar waarbij het de ouders – of indien nodig de rechter – vrij staat om te komen tot een andere verdeling.
    • Rechterlijke uitspraken over de regeling van het gezag en de omgang bij scheiding - Een landelijk dossieronderzoek

      Werff, C. van der; Naborn, E.M.; Docter-Schamhardt, B.J.W. (WODC, 1988)
      Doel van het onderzoek was recente feitelijke gegevens te verschaffen over de regeling van het gezag en de omgang bij scheiding in ons land. Landelijke gegevens waren daarover niet voorhanden. Het onderzoek is gebaseerd op een representatieve steekproef van 1695 scheidingen die in 1982 door de rechtbanken zijn uitgesproken. Daarnaast zijn dossiers onderzocht van in 1984 door de kinderrechter afgedane verzoeken tot vaststelling of wijziging van een omgangsregeling. Voorts wordt een overzicht gegeven van door anderen verricht onderzoek op dit gebied.
    • Scheiding en ouderschap

      Antokolskaia, M.V.; Lans, M. van der; Chin-A-Fat, B.E.S.; Voert, M. ter; Geurts, T.; Verstappen, L.C.A.; Sportel, I. (WODC, 2011)
      ARTIKELEN: 1. M.V. Antokolskaia - Co-ouderschap in Nederland: eindelijk duidelijkheid! 2. M. van der Lans - Het ouderschapsplan in de rechtspraktijk 3. B.E.S. Chin-A-Fat - Scheiden anno 2011; over depolarisering, mediation en overlegscheiding 4. M. ter Voert en T. Geurts - Scheidingen en gesubsidieerde rechtsbijstand; veranderingen en continuïteit tussen 2000 en 2010 5. L.C.A. Verstappen - Koude uitsluiting en de scheefgroei van inkomens en vermogens na scheiding 6. I. Sportel - 'Als het hier niet lukt, dan maar in Marokko?' Vormen van kapitaal in transnationale Nederlands-Marokkaanse echtscheidingen 7. Internetsites. SAMENVATTING: In dit themanummer over scheiding en ouderschap is veel aandacht voor de ontwikkelingen in de scheidingswetgeving, de jurisprudentie en de wijze waarop scheidingen worden afgewikkeld. Dat gebeurt steeds vaker met behulp van mediation in allerlei vormen. Voorts komen de financiële aspecten van scheiding aan de orde in een artikel over koude uitsluiting. Ook het fenomeen van de transnationale scheiding wordt besproken.
    • Scheidingen 2015 - Gerechtelijke procedures en gesubsidieerde rechtsbijstand

      Voert, M. ter (WODC, 2016)
      Dit factsheet geeft cijfermatige ontwikkelingen met betrekking tot scheidingen. Het geeft een overzicht van:het aantal scheidingen en scheidingen met minderjarige kinderen;gerechtelijke procedures op het gebied van scheidingen;gesubsidieerde rechtsbijstand op het gebied van scheidingen.De ontwikkelingen worden waar mogelijk geschetst over de periode 2001-2015.
    • Scheidingen 2016

      Voert, M. ter (WODC, 2017)
      Dit factsheet geeft cijfermatige ontwikkelingen met betrekking tot scheidingen. Het geeft een overzicht van:het aantal scheidingen (met minderjarige kinderen);gerechtelijke procedures en verwijzingen naar mediation vanuit de rechtspraak;gezag- en omgangsonderzoeken bij de Raad voor de Kinderbescherming;benoemingen van een bijzondere curator (artikel 1:25 BW);het gebruik van gesubsidieerde rechtsbijstand.De ontwikkelingen worden waar mogelijk geschetst over de periode 2001-2016.
    • Scheidingen 2017 - Gerechtelijke procedures en gesubsidieerde rechtsbijstand

      Voert, M. ter (WODC, 2018)
      Dit factsheet geeft cijfermatige ontwikkelingen met betrekking tot scheidingen. Het geeft een overzicht van:het aantal scheidingen (met minderjarige kinderen);gerechtelijke procedures en verwijzingen naar mediation vanuit de rechtspraak;gezag- en omgangsonderzoeken bij de Raad voor de Kinderbescherming;benoemingen van een bijzondere curator (artikel 1:250 BW);het gebruik van gesubsidieerde rechtsbijstand.De ontwikkelingen worden waar mogelijk geschetst over de periode 2001-2017.
    • Scheidingen 2018 - Gerechtelijke procedures en gesubsidieerde rechtsbijstand

      Voert, M. ter (WODC, 2019)
      Dit factsheet geeft cijfermatige ontwikkelingen van met betrekking tot scheidingen over:het aantal scheidingen (met minderjarige kin_deren);gerechtelijke procedures en verwijzingen naar mediation vanuit de rechtspraak;gezag- en omgangonderzoeken bij de Raad voor de Kinderbescherming;benoemingen van een bijzondere curator (artikel 1:250 BW);het aantal kinderen met jeugdzorg en schoolvertraging;het gebruik van gesubsidieerde rechtsbijstand. De ontwikkelingen worden waar mogelijk geschetst over de periode 2001-2018. Soms zijn niet over deze hele periode gegevens beschikbaar en betreft de weergave een kortere periode.
    • Scheidingen 2019 - Gerechtelijke procedures en gesubsidieerde rechtsbijstand

      Voert, M. ter (WODC, 2020)
      Dit factsheet geeft cijfermatige ontwikkelingen van met betrekking tot scheidingen over:het aantal scheidingen (met minderjarige kin_deren);gerechtelijke procedures en verwijzingen naar mediation vanuit de rechtspraak;benoemingen van een bijzondere curator (artikel 1:250 BW);gezag- en omgangonderzoeken bij de Raad voor de Kinderbescherming;het gebruik van gesubsidieerde rechtsbijstand. De ontwikkelingen worden waar mogelijk geschetst over de periode 2001-2019. Soms zijn niet over deze hele periode gegevens beschikbaar en betreft de weergave een kortere periode.