• Criminaliteit en leeftijd: Varianummer

      Unknown author (WODC, 1986)
      De Nederlandse bevolking wordt ouder. In hoeverre zal deze ontwikkeling ook haar weerslag hebben op het justitiele apparaat? Deze vraag hangt nauw samen met een andere, namelijk in hoeverre crimineel gedrag vooral is voorbehouden aan jongeren, ongeacht bepaalde maatschappelijke omstandigheden. Wanneer criminaliteit een typisch jeugdige aangelegenheid is, kan dit betekenen dat in de toekomst minder personen met justitie in aanraking zullen komen, met alle beleidsmatige consequenties van dien. Wanneer echter algemene maatschappelijke factoren een grotere rol spelen dan leeftijd, dan kan de strafrechtelijke pralctijk in de toekomst op meer oudere personen rekenen. In de VS wordt in dit verband reeds gesproken van de categorie 'bejaarde criminelen'. Hoe het ook zij, aanleiding genoeg voor de redactie van Justitiele Verkenningen om enkele artikelen te verzamelen, die deze problematiek vanuit verschillende invalshoeken belichten.
    • Criminaliteit en tijd

      Unknown author (WODC, 1992)
      Het is niet eerder voorgekomen dat een themanummer van Justitiële Verkenningen aan een bepaald persoon werd opgedragen. Bij het ambtelijk afscheid van mw. mr. M.R. Duintjer-Kleijn is daarvoor meer dan voldoende aanleiding. Vanaf 1964 heeft zij zich, met enige korte onderbrekingen, ingezet voor wat tot 1975 het Documentatieblad heette en later Justitiele Verkenningen werd. `Tempus fugit'; dat de tijd vervliegt realiseren we ons eens te meer indien iemand die er altijd als `vanzelfsprekend' was vertrekt. Tijd 'is', en men staat er meestal pas bij stil als hij verstreken is. Voor deze speciale gelegenheid is 'de tijd' daarom als uitgangspunt gekozen voor een themanummer van Justitiële Verkenningen. Aan de vier laatste hoofden van het WODC (en voordien WVDC; de V staat voor Voorlichting) werd gevraagd een verhandeling te schrijven over het onderwerp `Criminaliteit en tijd'. W. Buikhuisen, die tussentijds `algemeen adviseur wetenschappelijk werk' was en aan de wieg stond van het huidige WODC (dat in 1973 zijn naam kreeg), ontbreekt op eigen verzoek in de rij `bazen van Margreet'. Hij houdt zich niet meer publiekelijk bezig met de criminologie. Naast de vier artikelen van (ex-)hoofden werd een `geschiedschrijving' van het WODC opgenomen.
    • Criminaliteit, leeftijd en etniciteit - Over de afwijkende leeftijdsspecifieke criminaliteitscijfers van in Nederland verblijvende Antillianen en Marokkanen

      Jennissen, R.P.W. (WODC, 2009)
      De doelstelling van deze studie is om inzicht te krijgen in de achtergronden van de afwijkingen in de age-crime curves van  Marokkanen en Antillianen. INHOUD: 1. Inleiding 2. Leeftijd en criminaliteit 3. Etnische variatie in leeftijdsspecifieke criminaliteit in Nederland 4. De invloed van sociaal-economische achtergrondkenmerken 5. Mogelijke culturele verklaringen 6. Slotbeschouwing
    • Criminele carrières van autochtone en allochtone jongeren - een cijfermatige verkenning op grond van een selectie uit bestaande gegevens

      Brouwers, M.; Laan, P. van der (WODC, 1997)
      Van autochtone jongeren is bekend dat verreweg de meesten het wat betreft het plegen van delicten ergens tussen hun twintigste en dertigste voor gezien houden. Is dat ook het geval bij allochtone jongeren? Of is er wellicht sprake van een verschuiving van betrokkenheid bij commune criminaliteit naar andere vormen van criminaliteit? In deze notitie wordt een eerste poging gedaan de criminele carrière van allochtone groepen in kaart te brengen aan de hand van informatie over ingestuurde processen-verbaal.
    • Criminogene en beschermende factoren bij jongeren die een basisonderzoek ondergaan - een verkennende inventarisatie van de mate van zorg en van risico- en beschermende factoren gesignaleerd door raadsonderzoekers

      Laan, A.M. van der; Schans, C.A. van der; Bogaerts, S.; Doreleijers, Th.A.H. (WODC, 2009)
      De volgende onderzoeksvragen worden in deze rapportage beantwoord:In welke mate signaleren raadsonderzoekers aanwijzingen voor mogelijke psychosociale problemen bij jongeren die een basisraadsonderzoek ondergaan omdat ze door de politie verdacht worden van een strafbaar feit?Welke specifieke risico- en beschermende factoren komen voor bij jongeren die een basisraadsonderzoek ondergaan omdat ze door de politie verdacht worden van een strafbaar feit?Welke aanwijzingen zijn er voor mogelijke psychosociale problemen en risico- en beschermende factoren bij jongeren die een basisraadsonderzoek ondergaan vanwege een overtreding van de Leerplichtwet? INHOUD: 1. Inleiding 2. Theoretisch perspectief 3. Methode van onderzoek 5. De mate van zorg 6. Risico- en beschermende componenten 7. Spijbelaars bij de Raad 8. Slot
    • Demografische ontwikkelingen

      Garsen, M.J.; Latten, J.; Verschuren, L.; Kruisbergen, E.W.; Croes, M.T.; Bijl, R.V.; Blom, M.; Oudhof, J.; Bakker, B.M.F.; Lesthaeghe, R.; et al. (WODC, 2006)
      ARTIKELEN: 1. M.J. Garsen - Meer grijs én meer kleur; Nederlandse bevolking groeit langzaam, maar verandert snel 2. J. Latten en L. Verschuren - Nederland in 2035 : angstiger, meer verschil en meer afzondering? 3. E.W. Kruisbergen en M.T. Croes - Verdeelde belangen; vergrijzing en de multi-etnische samenleving 4. R.V. Bijl, M. Blom, J. Oudhof en B.M.F. Bakker - Criminaliteit, etniciteit en demografische ontwikkeling 5. R. Lesthaeghe en J. Surkyn - Grondslagen en verspreiding van de Tweede Demografische Transitie 6. Internetsites SAMENVATTING: Afgaande op de huidige demografische prognoses zal de Nederlandse bevolking in de komende decennia nog maar mondjesmaat toenemen. Door vergrijzing, ontgroening en de relatieve en absolute groei van allochtone groepen verandert de samenstelling van de bevolking echter drastisch. De demografische veranderingen zullen ook hun weerslag hebben op het justitiële beleidsterrein. Deze maand wijdde het WODC in samenwerking met het Nederlands Interdisciplinair Demografisch Instituut (Nidi) een congres aan het thema Veranderingen in bevolkingssamenstelling, levensloop en criminaliteit: gevolgen voor Justitie. Daarbij was er speciale aandacht voor de relatie tussen gezinsen familiestructuren en crimineel gedrag. Ook de gevolgen die een veranderende bevolkingssamenstelling zullen hebben voor het werk en de capaciteit van justitiële instellingen, zoals gevangenissen en forensisch-psychiatrische klinieken, kwamen uitgebreid aan de orde. Typische justitieonderwerpen als criminaliteit en slachtofferschap worden in dit themanummer van Justitiële verkenningen behandeld tegen de achtergrond van de bredere maatschappelijke context waarin het toekomstige justitiële beleid zal moeten worden geformuleerd. Daarbij is er ook aandacht voor de fundamentele vraag naar de oorzaken van de dalende geboortecijfers en de mogelijke krimp van de wereldbevolking tegen het eind van deze eeuw.
    • Initiation and continuation of a criminal career - Who are the most active and dangerous offenders in the Netherlands?

      Block, C.R.; Werff, C. van der (WODC, 1991)
      In 1986 heeft het WODC recidivecijfers gepubliceerd van personen die in 1977 waren veroordeeld of waarvan de strafzaak in 1977 was geseponeerd (WODC-rapport nr. 67). Thans wordt getracht meer inzicht te verschaffen in het verloop en de aard van de misdrijven die zijn gepleegd door de delinquenten in de steekproef. Probleemstelling: Is er een groep bijzonder actieve of gevaarlijke personen in de steekproef uit 1977 en zo ja, wat zijn de kenmerken van deze groep en vertonen de criminele loopbanen van de personen in deze groep een speciaal patroon. In 1988 is er een voorpublicatie verschenen in Justitiele Verkenningen nr. 4.
    • Jeugdcriminaliteit en jeugdbescherming - ontwikkelingen in de periode 1980-1994

      Laan, P.H. van der; Spaans, E.C.; Essers, A.A.M.; Essers, J.J.A. (WODC, 1997)
      Deze rapportage is de vijfde in de reeks over de ontwikkeling van de jeugdcriminaliteit en de jeugdbescherming. Het eerste rapport verscheen in 1987. Dit rapport wijkt in een aantal opzichten af van de voorgaande rapporten. Zo is de informatie over de afdoening van strafzaken tegen jeugdigen betrekkelijk summier van aard. Daarentegen is de informatie over door jeugdigen zelf gerapporteerde criminaliteit veel uitvoeriger, omdat voor het eerst ook kinderen in de leeftijd van 8 t/m 11 jaar en jongvolwassenen van 18 t/m 24 jaar bij het onderzoek betrokken zijn.
    • Jeugdcriminaliteit in de periode 1996-2010 - ontwikkelingen in zelfgerapporteerde daders, door de politie aangehouden verdachten en strafrechtelijke daders op basis van de Monitor Jeugdcriminaliteit

      Laan, A.M. van der (red.); Blom, M. (red.); Huls, F.; Verburg, I. (medew.); Tollenaar, N. (WODC, 2011)
      In deze rapportage worden diverse  ontwikkelingen in de aantallen jeugdige verdachten en daders in de leeftijd 12 tot en met 24 jaar, in samenhang gepresenteerd. Teven wordt ingegaan op delinquent gedrag van twaalfminners (10- en 11-jarigen). Het onderzoek is primair gericht op ontwikkelingen in indicatoren van het aantal jeugdige daders van delinquent gedrag en afdoeningen. De centrale vraag is uitgesplitst in de volgende deelvragen:Welke ontwikkelingen zijn er in zelfgerapporteerd daderschap van jeugdcriminaliteit in de periode 1996-2010?Welke ontwikkelingen zijn er in het aantal jeugdige verdachten van een misdrijf in de periode 1999-2008?Welke ontwikkelingen zijn er in het aantal jeugdige veelplegers in de periode 2003-2008?Welke ontwikkelingen zijn er in het aantal jeugdige strafrechtelijke daders in de periode 1997-2008?Welke ontwikkelingen zijn er in het aantal afdoeningen opgelegd door het OM of de ZM in de periode 1997-2008?Welke ontwikkelingen zijn er in de recidive onder jeugdigen in de periode 1997-2007? INHOUD: 1. Inleiding - A. van der Laan en M. Blom 2. Zelfgerapporteerde daders - A. van der Laan, M. Blom en I. Verburg (medew.) 3. Aangehouden verdachten - F. Huls 4. Verdachten naar pleegcarrière en strafrechtelijke daders - A. van der Laan, M. Blom en N. Tollenaar 5. Afdoeningen tegen jeugdige verdachten - A. van der Laan, M. Blom en F. Huls 6. Slot - A. van der Laan en M. Blom
    • Jeugdigen in Aruba: hoe worden ze (niet) delinquent? - empirisch gebaseerde voorstellen voor de aanpak van jeugddelinquentie in overeenstemming met het IVRK

      Wal, H.A. van der (Vrije Universiteit - Faculteit der Rechtsgeleerdheid, 2011)
      Op 17 januari 2011 was het Internationaal Verdrag voor de Rechten van het Kind (IVRK) in Aruba tien jaar van kracht. In dit proefschrift wordt duidelijk gemaakt dat ontwikkelingscriminologische, pedagogische en juridische uitgangspunten met betrekking tot de aanpak van jeugddelinquentie convergeren. De ratio dat het jeugdstrafrechtsbeleid onderdeel moet zijn van integraal jeugdbeleid is gelegen in het feit dat ingevolge het IVRK de belangen van het kind immer centraal dienen staan. Gebruikmakend van de ontwikkelingscriminologische en pedagogische uitkomsten van dit empirische onderzoek naar risico- en promotieve factoren voor delinquentie kan een verdragsconforme benadering van jeugddelinquentie in Aruba geconcretiseerd worden. Anderzijds kunnen juridische argumenten worden gebruikt om concrete maatregelen die voortvloeien uit het IVRK te beargumenteren of af te dwingen. Een verdragsconforme benadering van jeugddelinquentie is daarmee in feite een juridische legitimatie voor de pedagogische/ontwikkelingspsychologische aanpak van gedragsproblemen. Dit onderzoek vond plaats binnen het kader van een grootschalige studie naar jeugdcriminaliteit en probleemgedrag bij 10-17-jarigen op Aruba. De hoofddoelstelling is inzicht te krijgen in de jeugdcriminaliteit op Aruba en de achtergronden daarvan. Daartoe zijn door de Stichting Maatschappij en Criminaliteit (SMC) in 2007 jongeren woonachtig op Aruba geënquêteerd, gebruikmakend van (een licht aangepaste versie van) het WODC-MZJ-instrument (Van der Laan & Blom, 2006).
    • Monitor jeugdcriminaliteit - Ontwikkelingen in de aantallen verdachten en strafrechtelijke daders 1997 t/m 2012

      Laan, A.M. van der; Goudriaan, H.; Weijters, G. (WODC, 2014)
      De Monitor Geregistreerde Jeugdcriminaliteit (MJC) bevat detailinformatie over de ontwikkeling van geregistreerde jeugdcriminaliteit, zoals uitsplitsingen naar sekse, leeftijd, herkomstgroepen, regio, delict, en naar first-offenders en recidivisten. Bovendien bevat deze monitor nadere inhoudelijke analyses en duidingen van de trends. De centrale vraagstelling is: Welke ontwikkelingen zijn er in de omvang, aard en afdoening van de geregistreerde jeugdcriminaliteit in de periode 1997 tot en met 2012. De volgende indicatoren worden gebruikt om de ontwikkelingen te beschrijven: Geregistreerde verdachten; Aangehouden verdachten; Strafrechtelijke daders; Misdrijvenl; Afdoeningen (Halt-afdoeningen en afdoeningen door het Openbaar Ministerie en de rechterlijke macht. 1. Inleiding 2. Jeugdige verdachten (politie) 3. Jeugdige strafrechtelijke daders (OM en ZM) 4. Afdoeningen (Halt, OM en ZM) 5. Slotbeschouwing
    • Monitor jeugdcriminaliteit - Ontwikkelingen in de jeugdcriminaliteit 1997 tot 2015

      Laan, A.M. van der; Goudriaan, H. (WODC, 2016)
      De tweejaarlijkse Monitor Jeugdcriminaliteit (MJC) laat recente ontwikkelingen zien in de geregistreerde jeugdcriminaliteit op basis van politie en justitieregistraties. In de MJC editie 2015 worden daarnaast de ontwikkelingen in de zelf gerapporteerde jeugdcriminaliteit meegenomen. In het onderzoek ligt de nadruk op de meest recente landelijke ontwikkelingen, uitgesplitst naar verschillende subgroepen (naar sekse, leeftijd, herkomstgroep), regio’s en typen delict (in ieder geval in de categorieën vermogen, vernieling en geweld). De MJC heeft in de regel betrekking op jongeren in de leeftijd van 10 tot en met 24 jaar (met de driedeling twaalf-minners, minderjarigen en jongvolwassenen). Wegens de invoering van het adolescentenstrafrecht per 1 april 2014 is voor de toekomstige MJC metingen ook specifiek onderzoek gedaan naar ontwikkelingen in de jeugdcriminaliteit onder jongeren in de leeftijd 16 tot en met 22 jaar (adolescenten). INHOUD: 1. Inleiding 2. Jeugdige zelfgerapporteerde daders 3. Jeugdige verdachten 4. Jeugdige strafrechtelijke daders 5. Afdoening tegen jeugdige daders 6. Samenvatting en conclusie
    • Monitor Jeugdcriminaliteit 2017 - Ontwikkelingen in de geregistreerde jeugdcriminaliteit in de jaren 2000 tot 2017

      Laan, A.M. van der (red.); Beerthuizen, M.G.C.J. (red.); Goudriaan, H.; Vissers, W.; Sprangers, A.; Jong, L. de; Sleutjes, B.; Rokven, J. (WODC, 2018)
      In deze nieuwste Monitor Jeugdcriminaliteit (MJC) zijn de ontwikkelingen in de door politie en justitie geregistreerde jeugdcriminaliteit in de periode 2000 tot 2017 beschreven. De doelstelling van de huidige MJC is een ‘zo breed mogelijk’ overzicht te geven van de ontwikkelingen in de geregistreerde jeugdcriminaliteit en deze ontwikkelingen in samenhang te bespreken. Er wordt hierbij gebruikgemaakt van verschillende bronnen: politieregistraties van jeugdige verdachten, veroordelingsregistraties van jeugdige strafrechtelijke daders en ook internationale bronnen voor de ontwik-kelingen in het buitenland. In de vorige meting van de MJC is ook gebruikgemaakt van een andere bron dan politie en justitie registratiegegevens, namelijk zelfrapportage van daderschap welke eens in de vijf jaar wordt gemeten onder een representatieve steekproef van Nederlandse jongeren. Jeugd heeft betrekking op 12- tot 23-jarigen. Naast de standaarddoelstelling van de MJC om de ontwikkelingen in de geregistreerde jeugdcriminaliteit te beschrijven, zijn toegevoegd een beschrijving van de ontwikkelingen in de geregistreerde jeugdcriminaliteit in zogeheten hot spots en bij jeugdige groepsplegers en een vergelijking van de ontwikkelingen in Nederland met die in omringende landen. INHOUD: 1. Inleiding - André van der Laan en Marinus Beerthuizen (WODC) 2. Jeugdige verdachten - Heike Goudriaan, Wim Vissers, Arno Sprangers en Lisanne de Jong (CBS) 3. Jeugdige strafrechtelijke daders - Marinus Beerthuizen en André van der Laan (WODC) 4. Sancties opgelegd aan jeugdigen - Marinus Beerthuizen en André van der Laan (WODC) 5. Hot spots en jeugdige groepsplegers - Bart Sleutjes (CBS) en Marinus Beerthuizen (WODC) 6. Internationale ontwikkelingen in de geregistreerde jeugdcriminaliteit - Josja Rokven, Marinus Beerthuizen en André van der Laan (WODC) 7. Ontwikkelingen in de geregistreerde jeugdcriminaliteit in de periode 2000 tot 2017: samenvatting, discussie en conclusie - Marinus Beerthuizen en André van der Laan (WODC) . Zie ook link naar: Youtube-filmpje MJC 2017 animatie
    • Monitor Jeugdcriminaliteit 2020 - Ontwikkelingen in de jeugdcriminaliteit in de eerste twee decennia van deze eeuw

      Laan, A.M. van der; Beerthuizen, M.G.C.J.; Boot, N.C. (WODC, 2021-05-31)
      In de tweejaarlijkse Monitor Jeugdcriminaliteit (MJC) zijn de ontwikkelingen in de jeugdcriminaliteit in de periode 2000 tot 2020 beschreven. Het doel van de MJC is een breed overzicht te geven van de ontwikkelingen in de jeugdcriminaliteit in Nederland en omringende landen, waarbij de nadruk ligt op de jaren 2015 tot 2020. Hiervoor wordt gebruikgemaakt van gegevens uit verschillende bronnen: naast gegevens van politie en justitie over jeugdige verdachten, veroordeelde daders en afdoeningen door politie, het Openbaar Ministerie (OM) en de rechterlijke macht (ZM), bevat deze editie ook gegevens over zelfgerapporteerd daderschap op basis van een representatieve steekproef onder Nederlandse jongeren. De ontwikkelingen worden apart beschreven voor twaalfminners (10- tot 12-jarigen), minderjarigen (12- tot 18-jarigen) en jongvolwassenen (18- tot 23-jarigen), met de nadruk op de oudste twee leeftijdsgroepen. Naast ontwikkelingen in de traditionele criminaliteit worden ook ontwikkelingen in cyber- en gedigitaliseerde criminaliteit beschreven. Daarnaast zijn over zelfgerapporteerd daderschap en geregistreerde verdachten enkele algemene gegevens over (een deel van) 2020 meegenomen, dat vanwege de COVID-19-maatregelen een bijzonder jaar was. Daarmee bestrijkt deze MJC hoofdzakelijk de ontwikkelingen in de periode 2000 tot 2020 met een eerste algemene doorkijk naar het jaar 2020.
    • Monitor veelplegers 2011 - Trends in de populatie zeer actieve veelplegers uit de periode 2003-2008

      Unknown author (WODC, 2011)
      De hoofdvraag die in deze factsheet wordt beantwoord, is: Welk verschuivingen hebben zich voorgedaan in de aantallen veelplegers, hun delictgedrag, hun achtergrondkenmerken, de recidive en hun insluitingspercentage?
    • Monitor veelplegers 2012 - trends in de populatie zeer actieve veelplegers uit de periode 2003-2009

      Tollenaar, N.; Laan, A.M. van der (2012)
      De hoofdvraag die in deze factsheet wordt beantwoord, is: Welk verschuivingen hebben zich voorgedaan in de aantallen veelplegers, hun delictgedrag, hun achtergrondkenmerken, de recidive en hun insluitingspercentage? De vorige editie is te vinden bij: Meer informatie.
    • Monitor veelplegers 2013 - Trends in de populatie zeer actieve veelplegers uit de periode 2003-2013

      Tollenaar, N.; Laan, A.M. van der (WODC, 2013)
      De hoofdvraag die in deze factsheet wordt beantwoord, is: Welk verschuivingen hebben zich voorgedaan in de aantallen veelplegers, hun delictgedrag, hun achtergrondkenmerken, de recidive en hun insluitingspercentage? De vorige editie is te vinden bij: Meer informatie.
    • Monitor Veelplegers 2016 - Trends in de populatie zeer actieve veelplegers uit de periode 2003 tot en met 2014

      Beerthuizen, M.G.C.J.; Tollenaar, N.; Laan, A.M. van der (WODC, 2016)
      In dit factsheet zijn op landelijk niveau de nieuwste statistieken over de volwassen zeer actieve veelplegers uit de periode 2003 tot en met 2014 weergegeven. De hoofdvraag die we beantwoorden, is: Welke verschuivingen hebben zich voorgedaan in de aantallen zeer actieve veelplegers en hun delictgedrag, hun achtergrondkenmerken, recidive en afdoeningen?
    • Monitor Veelplegers 2017

      Beerthuizen, M.G.C.J.; Tollenaar, N.; Laan, A.M. van der (WODC, 2018)
      Om de ontwikkelingen binnen de groep zeer actieve veelplegers (ZAVP) goed te kunnen volgen, dient met regelmaat de omvang en samenstelling van deze groep bijgehouden worden. Sinds 2005 wordt een dergelijke monitoring al uitgevoerd door het WODC.Het huidige rapport betreft de elfde meting van de Monitor Veelplegers en geeft antwoord op de vraag wat de ontwikkelingen zijn binnen de populatie zeer actieve veelplegers (ZAVP’s) in de periode 2003 tot en met 2015. Er wordt gekeken naar absolute en relatieve aantallen, kenmerken van de daders zelf, de manieren waarop zij gesanctioneerd worden en hun recidivegedrag. Verder is er specifiek aandacht voor jongvolwassen ZAVP’s en ZAVP’s die high impact crimes plegen (dat wil zeggen overvallen, straatroof en woninginbraken). INHOUD: 1. Inleiding 2. Methode 3. Zeer actieve veelplegers 4. Zeer actieve jongvolwassen veelplegers 5. High impact crime-ZAVP's 6. Gedetineerde en ISD-ZAVP's 7. Samenvatting en discussie
    • Pathways into organized crime - Criminal opportunities and adult-onset offending

      Koppen, M.V. van (Vrije Universiteit, 2013)
      Thesis: Pathways into organized crime: Criminal opportunities and adult-onset offending. The main aim in studying organized crime offenders and their criminal life courses is to understand how they become involved in organized illegal activities and eventually also to prevent others from following the same path. Although organized crime offenders represent only a small number of the total offender population, they are responsible for substantial amounts of harm; organized crime involves large sums of money and causes considerable damage to society.The central aims of this thesis were to expand knowledge on the life courses of individuals who become involved in a criminal group and to explore how they become involved in organized crime. Systematic research on organized crime offenders is scarce, with the exception of case studies reflecting in detail on the life course of a single offender. Life-course criminology, on the other hand, is mainly focused on general offender samples, and relatively few of these samples have data available far into adulthood. Hardly any research has been carried out on the development of offenders committing specific types of crimes. A multi-method approach was used to accomplish these central aims. INHOUD: 1. Introduction 2. Criminal trajectories in organized crime 3. Comparing criminal careers of organized crime offenders and general offenders 4. Involvement mechanisms for organized crime 5. The truck driver who bought a café: Offenders on their involvement mechanisms for organized crime 6. General conclusions