• Een schot in de roos? - Evaluatie van pilotbureaus schietwapenondersteuning in twee politieregio's

      Kruissink, M.; Blees, L.W. (WODC, 1995)
      Met financiële steun van het departement zijn in 1994 in de politieregio's Rotterdam-Rijnmond en Gelderland-Midden bij wijze van experiment twee pilotbureaus schietwapenondersteuning opgericht: het in Rotterdam gevestigde Regionaal Bureau Wapens en Munitie (RBW&M) en het in Arnhem gevestigde Regionaal Bureau Schietwapen Ondersteuning (RBSO). De taken van de bureaus zijn in de projectplannen omschreven: het coördineren, c.q. daadwerkelijk verlenen van specialistische tactische/ technische ondersteuning in opsporingsonderzoek; het fungeren als deskundig aanspreekpunt; het overdragen van kennis (voorlichting); het verzamelen van zoveel mogelijk gegevens aangaande schietwapencriminaliteit; het coördineren en initiëren van het toezicht en de controle op het legale bezit van schietwapens. Dit rapport behelst de evaluatie van de twee pilotbureaus. De evaluatie is uitgevoerd aan de hand van een enquete onder de basispolitiezorg; interviews met functionarissen van de pilotbureaus zelf, diverse andere politieonderdelen, openbaar ministerie, DCRI, Koninklijke Marechaussee en douane; cijfermateriaal afkomstig van de DCRI en van de pilotbureaus zelf.
    • Gebruik van opsporingsbevoegdheden in de Wet Wapens en munitie (WWM) - Verslag van proefprojecten grensverkenning WWM-opsporingsbevoegdheden

      Gils, G. van; Braam, H. (BeleidsOnderzoek en Advies (BOA), 2000)
      Om een uitspraak te kunnen doen over de wenselijkheid en de meerwaarde van een eventuele uitbreiding van het wettelijke instrumentarium voor de aanpak van vuurwapencriminaliteit zijn in de eerste plaats in dit onderzoek de aard en de omvang van illegaal vuurwapengebruik nagegaan. Vooral de ontwikkelingen in de tijd, de ontwikkelingen in frequentie en ernst van de incidenten, werden daarbij als belangrijk beoordeeld. Vervolgens is met behulp van (de evaluatie van) speciale politiële 'acties' getracht de vraag te beantwoorden in hoeverre het bestaande instrumentarium voor de opsporing en vervolging van vuurwapencriminaliteit - bij een geïntensiveerde inzet - voldoet. Deze acties hebben landelijke bekendheid gekregen (o.a. de actie in de Millinxbuurt in Rotterdam en de acties in Amsterdam-Amstelland). Tot slot heeft het onderzoek getracht de vraag te beantwoorden of de lokale driehoek de mogelijkheden heeft de problematiek langs publiek- en privaatrechtelijke weg aan te pakken.
    • Illegale vuurwapens in Nederland - Gebruik, bezit en handel in de periode 2001-2003

      Bruinsma, M.Y.; Moors, J.A.; Haaf, J. van (medew.); Poppel, J.W.M.J. van (medew.); Veenma, K.S. (medew.); Bergh, M.Y.W. von (medew.) (WODC, 2005)
      Het onderzoek heeft als doel om inzicht te geven in de ontwikkelingen omtrent de aard en omvang van vuurwapencriminaliteit in Nederland in de periode 2001-2003.
    • Onderzoek naar strafmaxima in bijzondere wetgeving

      Arps, F.; Sennef, A.; Heemskerk, H.; Roos, Th.A. de (Universiteit Leiden, 1999)
      In dit onderzoek ging het in de kern om de volgende vragen:Welke uitgangspunten heeft de wetgever gehanteerd sinds 1886 bij het vaststellen van strafmaxima,Welke verschuivingen zijn daarbij eventueel waarneembaar in de loop der tijd,Is ter zake een verschil waarneembaar tussen commune misdrijven en delicten uit bijzondere strafwetten, enKunnen er door de veranderingen in de loop der tijd inconsistenties worden aangewezen in het stelsel van wettelijke strafmaxima?
    • Verwevenheid georganiseerde misdaad en terrorisme bij verwerving van vuurwapens - Verkenning met behulp van SNA

      Slot, B.; Wanrooij, N. van; Bruinsma, M.; Sapulete, S. (Ecorys, 2017)
      Naar aanleiding van de toename van het gebruik van zware wapens bij liquidaties in Nederland en bij (dreiging van) jihadistische aanslagen is er verscherpte aandacht voor de opsporing daarvan. Volgens de minister van VenJ zijn Europese afspraken onontbeerlijk voor een effectieve aanpak van de handel in illegale vuurwapens. De minister heeft met zijn Europese collega’s afgesproken om met prioriteit maatregelen betreffende ontmanteling en deactivering te ontwikkelen. Bovendien wordt ingezet op intensivering van de informatie-uitwisseling tussen de lidstaten, bijvoorbeeld via Europol (Tweede Kamerstukken, Vergaderjaar 2014-2015, 29754, nr. 307 en Eerste Kamerstukken, Vergaderjaar 2015-2016, 34416 nr. A). In december 2015 heeft de Europese Commissie een actieplan gemaakt om het voor criminelen en terroristen nog lastiger te maken wapens en explosieven in handen te krijgen en te gebruiken, door de controle op illegaal bezit en illegale invoer in de Europese Unie (EU) te verscherpen. Op 18 november 2015 heeft de EU Commissie een voorstel gedaan tot wijziging van de Richtlijn 91/477/EEG van de Raad inzake de controle op de verwerving van en het voorhanden hebben van wapens. Het doel van voornoemde Richtlijn is de goede werking van de interne EU-markt in vuurwapens te verzekeren en de EU-burgers tegelijk een hoog niveau van veiligheid te garanderen. Dit onderzoek dient inzicht te verkrijgen op de verwevenheid van de georganiseerde criminaliteit en terroristische (jihadistische) groeperingen bij de verwerving van illegale vuurwapens. Het gaat o.a. in op de markt van illegale vuurwapens en het verwervingsproces van vuurwapens. INHOUD: 1. Inleiding 2. Literatuur 3. SNA als methode 4. Meerwaarde-verkenning SNA op dit thema 5. Illustratie aan de hand van casusanalyse 6. Beantwoording onderzoeksvragen 7. Bijlage I: Geraadpleegde literatuur en media 8. Bijlage II: Overzicht gesprekken 9. Bijlage III: Stappenplan SNA politie-systemen 10. Bijlage IV: SNA maten per subcomponent 11. Bijlage V: Samenstelling begeleidingscommissie
    • Vuurwapencriminaliteit in het vizier - Een onderzoek bij politie en justitie

      Kruissink, M.; Kouwenberg, R.F. (WODC, 1991)
      Onderzoek naar de wijze waarop in de politiele praktijk de bestrijding van het illegaal wapenbezit plaatsvindt en de rol van het openbaar ministerie daarbij. Hiertoe werd een enquete onder politie en justitiefunctionarissen gehouden, en werd met hen gesproken over de knelpunten op vuurwapengeb ied en de mogelijke oplossingen daarvoor. Tevens komt in het rapport aan de orde de omvang en aard van de vuurwapencriminaliteit en wordt een summiere schets van de aanpak van de vuurwapencriminalieit in de afgelopen twintig jaar gegeven.
    • Vuurwapens gezocht - Vuurwapengebruik, -bezit en -handel in Nederland 1998 - 2000

      Spapens , A.C.; Bruinsma, M.Y. (WODC, 2002)
      De doelstelling van het onderzoek is als volgt geformuleerd: Bieden van inzicht in de (ontwikkeling van) aard en omvang van de vuurwapencriminaliteit in Nederland voor de periode 1998-2000, waarbij zowel het bezit en het gebruik van vuurwapens, alsmede de binnenlandse handel in kaart gebracht moeten worden. De volgende vragen dienen te worden beantwoord: 1. Wat is de (geschatte) omvang van het illegale vuurwapengebruik in Nederland? Wie zijn de gebruikers en waarvoor gebruikt men de wapens? 2. Wat is de (geschatte) omvang van het illegale vuurwapenbezit in Nederland? Wie zijn de bezitters (achtergronden) en hoe verkregen zij het wapen? 3. Wat is de (geschatte) omvang van de illegale vuurwapenhandel in Nederland? Wie zijn de handelaars en hoe verhandelt men de wapens? Het onderzoek valt aan de hand van deze vraagstelling uiteen in twee delen. In het eerste deel komen kwantitatieve vragen aan de orde, namelijk naar de omvang van het gebruik- en het bezit van vuurwapens en naar de mate waarin vuurwapens worden verhandeld. In het tweede deel van het onderzoek dienen kwalitatieve vragen te worden beantwoord, namelijk naar de achtergronden van de vuurwapengebruikers en -bezitters.