• Het functioneren van de WUID in de praktijk - Evaluatie van de Wet op de uitgebreide identificatieplicht

      Everwijn, H.; Jongebreur, W.; Lolkema, P. (Significant, 2009)
      Op 1 januari 2005 is de Wet op de uitgebreide identificatieplicht in werking getreden. Deze wetswijziging strekte ertoe politie, buitengewoon opsporingsambtenaren en toezichthouders in het kader van hun taakuitoefening de bevoegdheid toe te kennen burgers om inzage in het identiteitsbewijs te vragen. Het doel van deze nieuwe wetgeving is het verschaffen van een instrument om de handhaving en het toezicht door de overheid over de gehele linie te ondersteunen en te versterken. De centrale probleemstelling van het onderzoek luidt als volgt: In welke mate draagt de in de wet neergelegde identificatieplicht bij aan een versterking van de rechtshandhaving en het toezicht in openbare ruimtes door ondersteuning van de taakuitoefening van opsporingsambtenaren en toezichthouders?
    • Identiteitsmanagement in de vreemdelingenketen - WODC onderzoek naar de grondslag en de praktijk van identiteitsvaststelling en vastlegging in de burger- en in de vreemdelingenketen

      Brouwer, E.; Middelkoop, L. (Vrije Universiteit Amsterdam - Faculteit der Rechtsgeleerdheid, 2013)
      De volgende drie vragen vormen het uitgangspunt van dit onderzoek: Wat zijn de (juridische) grondslagen, uitgangspunten en de wijze van identiteitsvaststelling en registratie van personen in de vreemdelingen- en in de burgerketen? Welke verschillen zijn er tussen vreemdelingen- en burgerketen met betrekking tot de volgende onderwerpen: wettelijke basis, opname van gegevens, doelbinding, decentrale/centrale opslag, toepassing van biometrie? Zijn de eventuele verschillen, zoals hierboven bedoeld, gerechtvaardigd in het licht van Europese grondrechten (8 EVRM, bescherming van persoonsgegevens en non-discriminatie)? INHOUD: 1. Inleiding 2. Identiteitsvaststelling in de burgerketen 3. Identiteitsvaststelling in de vreemdelingenketen 4. Identiteitsvaststelling in de burger- en vreemdelingenketen: verschillen en knelpunten 5. Conclusies en aanbevelingen
    • Vaststelling en uitwisseling van identificerende gegevens de EU

      Noorloos, M. van; Spapens, T. (Tilburg University - Tilburg Law School, 2017)
      Het correct vaststellen van iemands identiteit in strafrechtelijk kader is van essentieel belang. Onschuldigen die slachtoffer worden van identiteitsverwisseling, kunnen daarvan jarenlang ernstige gevolgen ondervinden. Omgekeerd kunnen ‘schuldigen’ door een valse identiteit juist problemen met de overheid vermijden. De Wet Identiteitsvaststelling Verdachten, Veroordeelden en Getuigen (WIVVG) heeft de wijze van identificatie van verdachten en veroordeelden (evenals getuigen) in het Nederlandse strafrecht in 2010 ingrijpend gewijzigd. Daarmee wordt, onder meer, beoogd om zo goed mogelijk te garanderen dat correcte identificatie en verificatie in de hele strafrechtsketen gewaarborgd blijft. De vraag is echter hoe ook zo goed mogelijk kan worden gegarandeerd dat identificerende informatie die vanuit andere EU-landen wordt verstuurd of aangeboden correct is. Die vraag stond in het onderhavige onderzoek centraal: kwetsbaarheden in het uitwisselingsproces zijn in kaart gebracht en er is nagegaan of toepassing van biometrische methoden daarvoor een oplossing biedt.