• Het Civil Resolution Tribunal - Een eerste verkenning

      Geurts, T.; Teeuwen, G. (WODC, 2021-11-29)
      Het Civil Resolution Tribunal (CRT) is een geschilbeslechtingsinstantie voor burgers en bedrijven in Brits-Columbia, een provincie van Canada. Het betreft een door de overheid ingestelde voorziening in het civielrechtelijke domein voor het behandelen van wat we in Nederland ‘handelszaken’ zouden noemen. De procedure verloopt in principe volledig digitaal en vervangt de procedure bij de rechtbank. De gedachte achter de instantie is dat het de toegang tot professionele geschilbeslechting eenvoudiger maakt. Daarnaast zouden geschillen sneller, voordeliger, informeler en flexibeler kunnen worden opgelost door middel van een overeenkomst tussen partijen en, waar nodig, een beslissing van het tribunaal. De meerwaarde van dit systeem voor de Nederlandse context is echter niet zonder meer duidelijk. Het onderhavige onderzoek beoogt inzicht te geven in de ontstaansgeschiedenis van dit geschilbeslechtingstribunaal en in kaart te brengen wat de mogelijke voor- en nadelen zijn van invoering van een soortgelijk systeem in Nederland. De volgende vier onderzoeksvragen staan in dit onderzoek centraal: 1. Wat is de ontstaansgeschiedenis van het CRT-systeem? 2. Wat zijn de kenmerken van het CRT-systeem? 3. Welke voor- en nadelen van (elementen van) het CRT-systeem worden in de rechtswetenschappelijke literatuur genoemd in de periode 2012 tot en met medio 2020? 4. Hoe verhoudt het CRT-systeem zich tot de Nederlandse context? INHOUD: 1. Inleiding, 2. Ontstaansgeschiedenis van het CRT, 3. Kenmerken van het CRT-systeem, 4. Voor- en nadelen van het CRT-systeem, 5. Vergelijking met Nederland, 6. Samenvatting en conclusie.
    • Daling instroom civiele handelszaken onderzocht - Verslag wetenschappelijk forum, 1 mei 2014

      Eshuis, R.J.J. (red.); Tulder, F.P. van (red.) (WODC, 2014)
      Het aantal civiele rechtszaken is in de afgelopen decennia gestaag toegenomen. Het aantal handelszaken steeg van ruim 300.000 in het jaar 2000 tot bijna 700.000 in 2010. Rond de jaarwisseling 2009/2010 sloeg de trend om en begon de instroom van dit type zaken te dalen. Welke factoren zijn van invloed op het beroep op de civiele rechter? Al enige jaren proberen het WODC en de Raad voor de rechtspraak samen daar beter zicht op te krijgen, om prognoses te maken van het te verwachten beroep op de rechter en zo de begroting van de Rechtspraak beter te kunnen onderbouwen. In het voorjaar van 2014 verschenen publicaties van het WODC en van Raad voor de rechtspraak (Rvdr) met verschillende antwoorden op die vraag. WODC en Rvdr hebben hierin aanleiding gezien een ‘wetenschappelijk forum’ te organiseren, waarop drie onderzoeken werden gepresenteerd en bediscussieerd. INHOUD: 1. Inleiding 2. De drie onderzoeken 3. De referenten aan het woord 4. Reacties van de onderzoekers 5. Nawoord Leeuw en Van Dijk
    • Evaluatie van de Wet precursoren voor explosieven - Met aandacht voor het vergunningstelsel voor particulieren en de registratie- en meldplicht van bedrijven

      Kruize, P.; Gruter, P. (Ateno, 2021-06-28)
      Op 2 september 2014 is in de Europese Unie de verordening ‘over het op de markt brengen en het gebruik van precursoren voor explosieven’ (98/2013) in werking getreden. De EU-verordening is op 1 juni 2016 in Nederland geïmplementeerd in de Wet precursoren voor explosieven (Wpe). Deze wet ziet er op toe dat verdachte transacties met precursoren worden gemeld en dat een aantal precursoren alleen door particulieren kunnen worden gekocht als ze over een vergunning beschikken. Vanaf 1 februari 2021 geldt de nieuwe EU-verordening (2019/1148) en had Nederland de keuze om het vergunningstelsel te continueren, aan te passen of af te schaffen. Om meer inzicht te verschaffen in werking van het vergunningstelsel (onder de oude verordening) is dit inventariserende evaluatieonderzoek uitgevoerd. Het onderzoek richt zich, naast het vergunningstelsel, op de registratie- en meldplicht van marktpartijen. De probleemstelling voor het onderzoek luidt als volgt: Wat zijn de ervaringen van de betrokken partijen met de uitvoering van het vergunningstelsel, de registratie van transacties en de meldplicht uit de regelgeving voor het op de markt brengen van precursoren voor explosieven? INHOUD: 1. Inleiding, 2. EU-verordening en Wpe, 3. Vergunningstelsel, 4. Registratieplicht en meldplicht, 5. Toezicht, handhaving en opsporing, 6. Precursoren gebruikt voor explosieven, 7. Conclusies en nabeschouwing
    • Misleidende handelspraktijken - een onderzoek naar de aard, achtergronden en aanpak van acquisitiefraude in Nederland

      Huisman, K.; Bunt, H.G. van de; Eeren, H. van (medew.); Kwaspen, I.J.J. (medew.); Boer, I.M. (medew.) (WODC, 2009)
      Nederlandse ondernemers worden geregeld geconfronteerd met misleidende aanbiedingen voor advertenties in een tijdschrift of naamsvermeldingen op een website. Ook worden massaal spookfacturen gestuurd met betrekking tot diensten die niet verricht zijn. In dit onderzoek naar deze vormen van acquisitiefraude staan drie vragen centraal: Wat kan worden verstaan onder acquisitiefraude?Wat is de aard en ernst van acquisitiefraude? Wat is er bekend over de omvang?Welke knelpunten doen zich in de praktijk voor bij de preventieve en repressieve aanpak van acquisitiefraude, en wat zijn de mogelijkheden om deze aanpak te verbeteren?
    • Onderzoek naar de organisatiestructuren van de legale en illegale dierenhandel

      Vinke, C.M. (Rijkuniversiteit Leiden - Faculteit der Rechtsgeleerdheid, 1995)
      Doel: het onderzoek is bedoeld om een algemeen inzicht te krijgen in de organisatie, de structuren en de werkwijzen van de handel in no-humane primaten. De aandacht zal worden gericht op zowel de aanbod- als de afzetmarkt. Hoofdvraag is: hoe kan de wettige en omwettige handel (en tussenvormen hiervan) in non-humane primaten zo helder mogelijk onderkend worden. Opzet: Literatuur onderzoek en interviews. De volgende vragen worden in dit onderzoek beantwoord: Hoe zit de structuur van de bonafide en malafide dierenhandel in elkaar, inclusief het verstrengelde grijze circuit? Hoe zit de afzetmarkt in elkaar? Is het mogelijk een soort structuurschets op te stellen van verschillende typen handelaren en hun organisatie om een beter inzicht te verkrijgen in deze materie? Op welke manier kan het beste een controleerbaar en betrouwbaar netwerk opgezet en opgebouwd worden om de illegale dierenhandel in de toekomst tegen te gaan?
    • Relationships between the economy and national security - Analysis and considerations for economic security policy in the Netherlands

      Retter, L.; Frinking, E.; Hoorens, S.; Lynch, A.; Nederveen, F.; Phillips, W. (RAND Europe, 2019)
      The analysis of this report is focused on those specific aspects of national security that relate to the protection of critical infrastructure, sectors and processes that are important for the sustainable functioning of [Dutch] society. Critical infrastructure, sectors and processes are focal areas when it comes to national security policy, in the Netherlands and beyond. This report addresses five research questions: How can national security be defined and what does the international literature suggest about its main components? What can be learned from the (academic) literature about the relation between the economy of a country and the various aspects of national security? Which factors, mechanisms and underlying causal mechanisms can be identified? What is the impact of contextual, country-specific characteristics and factors on this relationship? What do the answers to research questions 2) and 3) tell us about the factors and characteristics that have an impact on the interlinkages between the Dutch economy and its national security?How does the Netherlands perform with regard to these economic factors, which trends or developments can we identify, and what do they mean for the national security of the Netherlands? CONTENT: 1. Introduction and context 2. A historical perspective on definitions of national security 3. Interconnections between national security and the economy 4. The connections between economy and national security in the Netherlands 5. Conclusion
    • Verstekgangers en verweervoerders in handelszaken - Onderzoek naar demografische en sociaal-economische kenmerken van verstekgangers en verweervoerders in handelszaken 2018

      Ebenau, E.; Goudriaan, H.; Leeuwen, L. van; Meijers, L.; Rosmalen, M. van (CBS, 2021-12-15)
      Veel gedaagden laten verstek gaan bij door de kantonrechter behandelde handelszaken. Uit eerder onderzoek naar de reisafstand tussen het woonadres van de gedaagde en de kantonlocatie blijkt dat de reisafstand geen rol speelt in het wel of niet verweer voeren. Om meer inzichten te krijgen in wie de verstekgangers zijn, heeft het WODC het CBS gevraagd om een statistisch onderzoek uit te voeren naar de sociaal-economische kenmerken van gedaagden bij door de kantonrechter behandelde handelszaken, met een focus op eventuele verschillen tussen gedaagden die verstek laten gaan en gedaagden die wel verweer voeren. De onderzoeksvraag luidt als volgt: wie zijn de verstekgangers en wat zijn hun sociaal-economische kenmerken in vergelijking met verschenen gedaagden? Naast het beantwoorden van deze vraag worden de kenmerken van zowel verstekgangers als verweervoerders ook vergeleken met de kenmerken van de Nederlandse bevolking. INHOUD: 1. Inleiding 2. Afbakening populatie 3. Kenmerken gedaagden 4. Conclusies en aanbevelingen voor vervolgonderzoek