• Bewaren van verkeersgegevens door telecommunicatieaanbieders

      Brand, P.J. (WODC, 2003)
      Dit onderzoek heeft bestudeerd welke verkeersgegevens die voor de opsporing van belang zijn door telecomaanbieders bewaard worden en gedurende welke termijn.
    • Dataveiligheid en privacy bij het gebruik van fysiologische wearables in de justitiële context - Een casusonderzoek met de Empatica E4

      Braak, S.W. van den; Platje, E.; Kogel, C.H. de (WODC, 2021-03)
      Onderzoek laat zien dat technologische zelfmeetmethoden de potentie hebben om behandeling te personaliseren, veiligheid in detentie te verbeteren, reclasseringstoezicht te verrijken en zelfredzaamheid van justitiabelen te vergroten. Niettemin zijn er ook serieuze aandachtspunten en risico’s verbonden aan het gebruik van technologische zelfmeetmethoden. Voordat technologische zelfmeetmethoden op grotere schaal in de justitiële context gebruikt kunnen worden, is het daarom van belang te onderzoeken hoe het gesteld is met de dataveiligheid bij dergelijke methoden en wat binnen de justitiële context eventueel zou kunnen worden gedaan om de veiligheid van verzamelde gegevens en daarmee de privacy van de betrokkenen te waarborgen. In dit rapport beschrijven we een casusonderzoek hiernaar waarbij we ons specifiek gericht hebben op fysiologische wearables. Dit zijn draagbare apparaatjes die om de pols of op het lichaam gedragen worden en waarmee door middel van sensoren fysiologische gegevens verzameld kunnen worden. Dit casusonderzoek is verricht aan de hand van één specifieke wearable: de Empatica E4. De volgende deelvragen staan centraal: 1. Wat gebeurt er met de fysiologische gegevens van de Empatica E4 nadat deze verzameld zijn door de gebruiker met betrekking tot: gegevensopslag, gegevenstransport en toegang tot de gegevens door derden? 2. Wat zijn de risico’s daarbij voor de veiligheid van de gegevens en voor de privacy van de drager? En hoe zien de risico’s en de geboden functionaliteit eruit in vergelijking met andere wearables? 3. Welke kennis, ervaringen en zorgen hebben professionele gebruikers van de Empatica E4 met betrekking tot gegevensopslag, toegang tot gegevens door derden en privacy? 4. Wat betekenen de antwoorden op de deelvragen voor het gebruik van de Empatica E4 en andere fysiologische wearables in de justitiële context? INHOUD: 1. Inleiding en methoden, 2. De Empatica E4, 3. Dataveiligheid en privacy bij gebruik van de Empatica E4, Vergelijking: functionaliteit, dataveiligheid en privacy van andere wearables geschikt voor onderzoek, behandeling en toezicht, 5. Ervaringen van gebruikers, 6. Discussie.
    • De Wet bewaarplicht telecommunicatiegegevens - Over het bewaren en gebruiken van gegevens over telefoon- en internetverkeer ten behoeve van de opsporing

      Odinot, G.; Jong, D. de; Bokhorst, R.J.; Poot, C.J. de (WODC, 2013)
      Over de Wet bewaarplicht telecommunicatiegegevens, die op 1 september 2009 in werking is getreden, worden in het parlement regelmatig kritische vragen gesteld. Bij de evaluatie zal aandacht worden besteed aan de bijdrage die de wet levert aan opsporing en vervolging van ernstige criminaliteit; de vraag welke risico’s de wet oplevert voor ongerechtvaardigde inbreuken op de persoonlijke levenssfeer en welke maatregelen zijn genomen om deze te beschermen; op welke wijze de wet bijdraagt aan de efficiënte inzet van schaarse capaciteit bij de opsporingsdiensten. In 2014 is een Engelse vertaling van dit rapport gepubliceerd. INHOUD: 1. De Wet bewaarplicht telecommunicatiegegevens - een inleiding 2. Communicatie op afstand, ontwikkelingen en gevolgen 3. De wetsgeschiedenis en Europese regelgeving inzake de bewaarplicht van verkeersgegevens 4. Het bewaren en beveiligen van de gegevens in de praktijk 5. Het gebruik van historische verkeersgegevens in de praktijk 6. Het gebruik van historische verkeersgegevens in cijfers 7. Slotbeschouwing
    • Geheime diensten en de democratische rechtsstaat

      Hijzen, C.; Braat, E.; Abels, P.; Dielemans, R.; Hagens, M.; Eijk, N. van; Eijkman, Q.; Valk, G. de; Aerdts, W.; Koop, P.; et al. (WODC, 2018)
      ARTIKELEN: 1. Constant Hijzen - Paddenstoelen, prikkeldraadversperringen en sleepnetten: Metaforen in de Nederlandse inlichtingengeschiedenis 2. Eleni Braat - In voor- en tegenspoed: Het huwelijk tussen parlement en inlichtingen- en veiligheidsdienst 3. Paul Abels - Intelligence leadership: Leidinggeven in het schemerdonker tussen geheim en openbaar 4. Rob Dielemans - De Wiv 2002 en Wiv 2017 op enkele hoofdlijnen vergeleken 5. Mireille Hagens - Toezicht in de Wiv 2017: Kansen en uitdagingen voor een effectief en sterk toezichtstelsel 6. Nico van Eijk en Quirine Eijkman - Enkele kanttekeningen bij de Wiv 2017: De uitbreiding van bevoegdheden getoetst aan mensenrechten 7. Gilliam de Valk en Willemijn Aerdts - Inlichtingenwerk vanuit een methodologisch perspectief 8. Peter Koop - De Snowden-onthullingen en ongerichte interceptie onder de Wiv 2017 9. Bob de Graaff en Constant Hijzen - Zwijgen is zilver en spreken is goud SAMENVATTING: Aan de vooravond van het raadgevend referendum over de nieuwe Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten (Wiv) op 21 maart 2018 brengt Justitiële verkenningen het themanummer ‘Geheime diensten en de democratische rechtsstaat’ uit. In de publieke discussie over de ‘sleepwet’ of ‘aftapwet’ staat de bevoegdheid tot ‘ongericht tappen’ centraal , oftewel het onderscheppen van communicatieverkeer dat via glasvezelkabels loopt, en de gevolgen van de inzet van dat middel voor de burger. Voor die discussie is in deze aflevering ruime aandacht, maar daarnaast komen de vele andere aspecten van de Wiv 2017 aan bod, zoals het toezicht, de precieze taken en verplichtingen die de diensten krijgen opgelegd en de internationale samenwerking. De positie van geheime diensten en hun verhouding tot politiek en samenleving wordt historisch belicht en verbonden met de vraag wat er van inlichtingen- en veiligheidsdiensten in deze tijd mag worden verwacht. In verschillende bijdragen wordt bovendien duidelijk dat Nederlandse AIVD en MIVD en hun voorgangers al heel lang gevangen zitten in beeldvorming. Geheime activiteiten verhouden zich slecht tot openbaarheid en deelname aan openbaar debat, zo was lange tijd het standpunt van de overheid. Maar juist het gebrek aan informatie over werkwijze en bevoegdheden van de Nederlandse geheime diensten heeft bijgedragen aan de populariteit van een metafoor als ‘sleepnet’ en voeding gegeven aan het wantrouwen van burgers jegens de overheid.
    • Mogelijkheden voor identificatie op internet op basis van IP-adres

      Vorst, T. van der; Steur, J.; Jelicic, N.; Rees, J. van (Dialogic Innovatie en Interactie, 2019)
      In het kader van de voorgenomen wetgeving omtrent de introductie van een beperkte bewaarplicht van telecommunicatiegegevens voor opsporing en vervolging is onderzocht hoe identificatie van individuele gebruikers op basis van een publiek IP-adres technisch te realiseren is. De vraagstelling van het onderzoek luidde: Hoe kunnen (mobiele) internetaanbieders, tot twaalf maanden na het gebruik, een individuele gebruiker van een publiek IP-adres identificeren, ten behoeve van opsporing en vervolging, en wat zijn relevante (maatschappelijke) afwegingen daarbij? Wanneer het gaat om relevante maatschappelijke afwegingen onderscheiden we (1) bruikbaarheid voor opsporing en vervolging, (2) privacy van burgers, en (3) kosten voor de internetaanbieders. Voor het beantwoorden van de onderzoeksvraag zijn literatuuronderzoek en interviews (met mobiele internetaanbieders, politie, andere stakeholders/experts) ingezet. Op basis van de bevindingen zijn beleidsopties geformuleerd. INHOUD: 1. Inleiding 2. Probleemanalyse 3. Mogelijkheden voor verbetering 4. Internationale vergelijking 5. Conclusies
    • The Dutch implementation of the Data Retention Directive - On the storage and use of telephone and internet traffic data for crime investigation purposes

      Odinot, G.; Jong, D. de; Bokhorst, R.J.; Poot, C.J. de (WODC, 2014)
      The Dutch implementation of the Data Retention Directive was adopted on the 1st of September, 2009. The main reason for the storage of call detail records of telephone and internet traffic data is its potential in the aid of the investigation and prosecution of serious crimes. However the fact that this data has to be stored for a certain period of time is a recurring point of debate. There is a need both in the Netherlands and at European level (EU 18620/11) for a clearer understanding of how the police and judicial authorities use the data kept under the Telecommunications Data Retention Act (referred to below as ‘the Act’). The purpose of this study is to clarify how the Act works in practice. The same report in Dutch was published in 2013. CONTENT: 1. The Dutch Data Retention Directive - an introduction 2. Remote communication, developments and implications 3. The legislative history and European legislation and implications 4. The retention and securing of data in practice 5. The use of historical traffic data in practice 6. The use of historical traffic data in figures 7. Concluding remarks