• Coffeeshops en cannabis

      Bunt, H.G. van de; Ooyen-Houben, M.M.J. van; Bieleman, B.; Snippe, J.; Korf, D.J.; Brink, W. van den; Maris van Sandelingenambacht, C.W.; Dufour, R.; Croes, M.T.; Ruyver, B. de; et al. (WODC, 2006)
      ARTIKELEN: 1. H.G. van de Bunt - Hoe stevig zijn de fundamenten van het cannabisbeleid 2. M.M.J. van Ooyen-Houben - Hoe werkt het Nederlandse drugsbeleid? Een evaluatieve verkenning van een decennium drugsbeleid 3. B. Bieleman en J. Snippe - Coffeeshops en criminaliteit 4. D.J. Korf - De normalisering van cannabisgebruik 5. W. van den Brink - Hoe schadelijk zijn softdrugs? 6. C.W. Maris van Sandelingenambacht - Extase; drugs en het schadebeginsel 7. R. Dufour - Drugs; van oorlog naar regulering 8. M.T. Croes - Peace on drugs? 9. B. de Ruyver - Drugs in de Lage Landen; de Belgische kant van het verhaal 10. T. Blom - Coffeeshops, gedoogbeleid en Europa 11. Boekrecensie - I. de Haen-Marshall over 'Dealing with drugs in Europe' - T. Boekhout van Solinge 12. Internetsites SAMENVATTING: Het Nederlandse gedoogbeleid ten aanzien van softdrugs is nog altijd uniek in Europa en in de wereld. De bestrijding van softdruggebruik en -handel is misschien niet overal een prioriteit van justitie en politie, maar er is geen sprake van dat andere landen het gedoogbeleid zouden willen overnemen. Het liberale softdrugsbeleid lijkt in Nederland zelf nog altijd op ruime steun te rekenen. In brede kring wordt dit beleid gezien als de beste manier om het gebruik van softdrugs te reguleren en de gezondheidsrisico's voor gebruikers te beperken. Maar de vraag is gerechtigd of de vooronderstellingen die ten grondslag liggen aan het gedoogbeleid nog wel kloppen. Vanuit zeer verschillende invalshoeken gaan auteurs in op deze vraag.
    • Coffeeshops in Nederland - Aantallen en gemeentelijk beleid in 2000

      Bieleman, B.; Goeree, P. (Intraval, 2001)
      Dit is het vijfde deel in een reeks studies naar aantallen verkooppunten van cannabis en vormen van gemeentelijk softdrugsbeleid. De inventarisatie is eind 2000 uitgevoerd en biedt zicht op de aantallen officieel gedoogde coffeeshops en de verschillende vormen van coffeeshopbeleid zoals die door de Nederlandse gemeenten worden gehanteerd. Naast een beschrijving van de huidige situatie van het aantal officieel gedoogde coffeeshops worden in dit rapport tevens vergelijkingen gemaakt met de situatie in 1999 en 1997. Verder wordt aandacht besteed aan de spreiding van de coffeeshops en de ontwikkelingen in het gemeentelijk softdrugsbeleid.
    • Coffeeshops in Nederland 2004 - Aantallen coffeeshops en gemeentelijk beleid 1999-2004

      Bieleman, B.; Goeree, P.; Naayer, H. (WODC, 2005)
      Sinds 1999 vindt een jaarlijkse meting plaats van het aantal coffeeshops in Nederland en het gemeentelijk beleid. In 2002 heeft de minister van Justitie toegezegd om ook aspecten van de handhaving en naleving in het onderzoek mee te nemen. Het onderzoek is van belang om de ontwikkelingen rond coffeeshops te kunnen volgen en inzicht te krijgen in het lokale beleid, onder andere waar knelpunten en problemen zitten. Het onderzoek maakt deel uit van de Nationale Drug Monitor.
    • Coffeeshops in Nederland 2005 - Aantallen coffeeshops en gemeentelijk beleid 1999-2005

      Bieleman, B.; Naayer, H. (WODC, 2006)
      Sinds 1999 worden de aantallen coffeeshops en het gemeentelijk beleid gemonitord in jaarlijks onderzoek. Dit gebeurt in het kader van de Drugsnota ‘Het Nederlandse drugsbeleid, continuïteit en verandering’ uit 1995, waarin een belangrijke plaats is ingeruimd voor het Nederlandse beleid ten aanzien van cannabis. Het onderzoek ‘Coffeeshops in Nederland 2005’ maakt deel uit van deze monitor; het betreft de zevende meting.
    • Coffeeshops in Nederland 2007 - aantallen coffeeshops en gemeentelijk beleid 1999-2007

      Bieleman, B.; Beelen, A.; Nijkamp, R.; Bie, E. de (WODC, 2008)
      Dit is de achtste monitor over het aantal officieel gedoogde coffeeshops en het gemeentelijk beleid in Nederland. Ingegaan wordt op de door de gemeenten vastgelegde beleidscriteria, waaronder de AHOJ-G criteria en de exploitatie- en vestigingscriteria. Tevens is een vergelijking gemaakt met resultaten uit voorgaande jaren.
    • Coffeeshops in Nederland 2011 - aantallen coffeeshops en gemeentelijk beleid 1999-2011

      Bieleman, B.; Nijkamp, R.; Bak, T. (Intraval, 2012)
      Dit rapport doet verslag van de tiende meting van de monitor over het aantal officieel gedoogde verkooppunten van softdrugs (coffeeshops) en het gemeentelijk coffeeshopbeleid in Nederland. Het tellen van het aantal coffeeshops en het inventariseren van het gemeentelijk beleid is op vergelijkbare wijze uitgevoerd als in de periode 1999 - 2007 (zie bij: Meer informatie). De monitor kent drie onderwerpen: aantal coffeeshops en gemeentelijk beleid; handhavingsbeleid; en sanctiebeleid. Daarnaast wordt kort ingegaan op de ervaringen en toekomstplannen van gemeenten. INHOUD: 1. Inleiding 2. Aantal coffeeshops 3. Gemeentelijk beleid 4. Handhavingsbeleid 5. Conclusies
    • Coffeeshops in Nederland 2012 - Aantallen coffeeshops en gemeentelijk beleid 1999-2012

      Bieleman, B.; Nijkamp, R.; Reimer, J.; Haaijer, M. (Intraval, 2013)
      Dit rapport doet verslag van de elfde meting van de monitor over het aantal gedoogde verkooppunten van softdrugs (coffeeshops) en het gemeentelijk coffeeshopbeleid in Nederland. Het tellen van het aantal coffeeshops en het inventariseren van het gemeentelijk beleid is op vergelijkbare wijze uitgevoerd als in de periode vanaf 1999. De monitor kent drie onderwerpen: aantal coffeeshops en gemeentelijk beleid; handhavingsbeleid en sanctiebeleid. Daarnaast wordt kort ingegaan op de ervaringen en toekomstplannen van gemeenten. INHOUD: 1. Inleiding 2. Aantal coffeeshops 3. Gemeentelijk beleid 4. Handhavingsbeleid 5. Conclusies
    • Coffeeshops in Nederland 2014 - Aantallen coffeeshops en gemeentelijk beleid 1999-2014

      Bieleman, B.; Mennes, R.; Sijtstra, M. (Intraval, 2015)
      Het aantal coffeeshops en het gemeentelijk beleid inzake coffeeshops worden sinds 1999 gevolgd in een monitor. De laatste editie is in 2013 uitgekomen (zie link bij: Meer informatie). Dit is de twaalfde meting van de monitor van het aantal gedoogde verkooppunten van softdrugs (coffeeshops) in Nederland en het gemeentelijk coffeeshopbeleid. INHOUD: 1. Inleiding 2. Aantallen coffeeshops 3. Gemeentelijk beleid 4. Handhavingsbeleid 5. Conclusies
    • Coffeeshops in Nederland 2016 - Aantallen coffeeshops en gemeentelijke beleid 1999-2016

      Bieleman, B.; Mennes, R.; Sijtstra, M. (Intraval - Onderzoek en Advies, 2017)
      Het aantal coffeeshops en het gemeentelijk beleid inzake coffeeshops worden sinds 1999 gevolgd via een aantal metingen. De laatste meting is in 2015 uitgekomen (Zie Link hiernaast). Deze meting brengt het aantal coffeeshops in 2015, 2016 en 2017 (peildatum maart) en het gemeentelijk coffeeshopbeleid in deze jaren in kaart. Daarnaast biedt het onderzoek inzicht in trends op deze gebieden sinds het jaar 1999 en gaat o.a. in op de vraag welk vestigings- en handhavingsbeleid Nederlandse gemeenten in deze jaren voerden. INHOUD: 1. Inleiding 2. Aantallen coffeeshops 3. Gemeentelijk beleid 4. Handhavingsbeleid 5. Conclusies
    • Coffeeshops in Nederland 2018 - Aantallen coffeeshops en gemeentelijk beleid 1999-2018

      Mennes, R.; Schoonbeek, I.; Molen, J. van der; Bieleman, B. (Breuer & Intraval, 2019)
      Dit rapport bespreekt de resultaten van de veertiende meting van het aantal gedoogde verkooppunten van cannabis (coffeeshops) in Nederland en het gemeentelijk coffeeshopbeleid. In opdracht van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) van het ministerie van Justitie en Veiligheid volgt onderzoeks- en adviesbureau Breuer&Intraval sinds 1999 de ontwikkelingen rond coffeeshops nauwgezet met behulp van deze monitor. Voor deze meting is in de periode april 2019 tot en met juni 2019 aan de verantwoordelijke ambtenaren van alle Nederlandse gemeenten een vragenlijst voorgelegd. De respons onder de gemeenten met minimaal één coffeeshop (coffeeshopgemeenten) en de gemeenten zonder coffeeshopbeleid bedraagt wederom 100%. De monitor kent vier onderwerpen: aantallen coffeeshops; gemeentelijk beleid; handhavingsbeleid; en sanctiebeleid. De vorige meting is in 2017 uitgekomen (Zie link hiernaast). INHOUD: 1. Inleiding 2. Aantallen coffeeshops in Nederland 3. Gemeentelijk beleid 4. Handhavingsbeleid 5. Conclusies
    • Coffeeshops in Nederland 2020 - Aantallen coffeeshops en gemeentelijk beleid 1999-2020

      Mennes, R.; Pieper, R.; Bieleman, B. (Breuer & Intraval, 2021-08-16)
      Sinds 1999 wordt in opdracht van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) van het ministerie van Justitie en Veiligheid (twee)jaarlijks het aantal coffeeshops en het gemeentelijke coffeeshopbeleid geïnventariseerd. In dit rapport wordt verslag gedaan van de huidige meting over 2020 en brengen we wederom de recente ontwikkelingen in het aantal coffeeshops en het bijbehorende beleid in kaart. Voor deze meting hebben we gemeenteambtenaren - die betrokken zijn bij het coffeeshopbeleid in hun gemeente - bevraagd over het aantal coffeeshops in hun gemeente en het gevoerde vestigings-, handhavings- en sanctiebeleid ten aanzien van coffeeshops. Ook zijn we nagegaan welke voornemens ten aanzien van hun coffeeshopbeleid gemeenten hebben voor de toekomst. Waar mogelijk worden vergelijkingen gemaakt met voorgaande metingen. Deze meting geeft inzicht in de beleidsmatige situatie eind 2020 en brengt de ontwikkelingen in het aantal coffeeshops in kaart voor de periode 1999 tot en met 2020. De centrale probleemstelling van de monitor luidt als volgt: Hoeveel coffeeshops zijn er in Nederland in 2019, 2020 en het voorjaar van 2021 en welk coffeeshopbeleid voeren Nederlandse gemeenten in 2020? INHOUD: 1. Inleiding, 2. Aantallen coffeeshops in Nederland, 3 Gemeentelijk beleid, 4. Handhavingsbeleid, 5. Conclusies.
    • Coffeeshops in Nederland anno 2003 - Aantallen, lokaal beleid, handhaving en naleving

      Pardoel, C.A.M.; Haaf, J. van; Bogaerts, S.; Kalmthout, A.M. van (WODC, 2004)
      Uit dit onderzoek komt naar voren dat het aantal coffeeshops in Nederland nog steeds daalt. In 2003 zijn er in totaal 754 coffeeshops geteld, in 105 gemeenten, waarvan het grootste gedeelte (258) zich in Amsterdam bevindt. Uit het onderzoek blijkt verder dat het weren van jongeren onder de achttien jaar de meeste prioriteit heeft. Daarna volgt het tegengaan van overlast rond coffeeshops. Als derde prioriteit geldt het harddrugsverbod. Het harddrugcriterium speelt nog nauwelijks een rol omdat hier zeer weinig overtredingen plaatsvinden. De duidelijkheid van de regels rond het afficherings- en overlastcriterium laten nog te wensen over. Van alle 489 gemeenten heeft 93% een coffeeshopbeleid. Hiervan voert 65% een nulbeleid en heeft 17% een maximumbeleid. In 21 gemeenten waar coffeeshops gevestigd zijn, is gekeken hoe het zit met de handhaving en naleving van het coffeeshopbeleid. Hiervoor zijn gesprekken gevoerd met gemeente, politie en coffeeshophouders.
    • Coffeeshops, toeristen en lokale markt - Evaluatie van het Besloten club- en Ingezetenencriterium voor coffeeshops

      Ooyen-Houben, M. van; Bieleman, B.; Korf, D.; Giessen, M. van der (medew.); Mennes, R. (medew.); Nijkamp, R. (medew.); Snippe, J.M. (medew.); Benschop, A. (medew.); Nabben, T. (medew.); Wouters, M. (medew.) (WODC, 2014)
      Het voorliggende rapport is het eindrapport van het evaluatieonderzoek van het Besloten club- en het Ingezetenencriterium voor coffeeshops in Nederland. In 2013 is een tussenrapport uitgebracht over de implementatie en uitkomsten in de periode mei-november 2012 (Van Ooyen, Bieleman & Korf, 2013). Dit eindrapport beschrijft de ontwikkelingen tot eind 2013. Het Besloten clubcriterium – ook de ‘wietpas’ genoemd – hield in dat de coffeeshops uitsluitend toegang mochten verlenen en mochten verkopen aan leden. Coffeeshops moesten een controleerbare ledenlijst aanleggen. De ‘wietpas’ ofwel het Besloten clubcriterium is op 19 november 2012 vervallen en per 1 januari 2013 uit de Aanwijzing Opiumwet verwijderd. Het Ingezetenencriterium is gehandhaafd en houdt in dat coffeeshops alleen aan ingezetenen van Nederland toe-gang mogen verlenen en mogen verkopen. Een ingezetene is een persoon die zijn (woon)adres heeft in een gemeente van Nederland. De coffeeshophouder dient vast te stellen dat degene die hij toegang verleent tot de coffeeshop en degene aan wie hij verkoopt, ingezetene is van Nederland. INHOUD: 1. Achtergrond en doel van het onderzoek 2. Methoden van onderzoek 3. Eerdere interventies in het coffeeshopaanbod 4. De implementatie van het Ingezetenencriterium volgens de betrokken actoren 5. Ervaringen van omwonenden 6. Coffeeshopbezoek 7. De illegale gebruikersmarkt
    • Crisis in de gedoogcultuur

      Unknown author (WODC, 1995)
      'Gedogen' is inmiddels een bekend verschijnsel geworden. Op vele rechtsgebieden ziet de overheid willens en wetens af van (stringente) handhaving van de wetgeving. Dat kan dikwijls niet anders want tegenstrijdige of onuitvoerbare regelgeving roept vanzelf gedooggedrag op. Bij de handhaving van het milieurecht heeft gedogen zelfs de status gekregen van een zelfstandig bestuurlijk instrument, onmisbaar in een 'wettenstaat'. Een kleine tien jaar later is er veel veranderd. Het lijkt er soms op dat gedogend besturen eerder regel dan uitzondering is geworden. Bovendien ondervindt de wijze waarop de Nederlandse overheid de vraagstukken van drugs en euthanasie aanpakt, in het buitenland hevige lcritiek. Nederland zou aan een ernstige gedoogziekte lijden die de eerbiedwaardige traditie van tolerantie teniet dreigt te doen. In eigen land heeft Ed van Thijn meermalen op die ontwikkeling gewezen: tolerantie betekent voortaan lalcsheid, halfhartigheid en zwakke knieen ten opzichte van recht en orde'. De gedogende overheid lijdt regelmatig gezichtsverlies en doet soms een wanhopig beroep op burgers om haar eigen tekortkomingen door de vingers te zien. Dan maar terug naar het principe 'regels zijn regels'? De vraag is of dat nog kan. Wetten zijn geen panldare recepten, al hebben we dat lange tijd gedacht. Deze vragen en problemen werden besproken tijdens een symposium dat Justitiele verkenningen onder de titel 'Crisis in de gedoogcultuur?' op 11 oktober in het Kurhaus te Scheveningen organiseerde.
    • Drugs en strafrecht

      Unknown author (WODC, 1987)
      Het Nederlandse drugsbeleid wordt in de ons omringende landen vaak met argusogen bekeken. De relatief tolerante houding ten opzichte van het gebruik van soft drugs (een restrictief gedoogbeleid) en de humane houding ten opzichte van de gebruiker van hard-drugs (de prioriteit ligt bij de bestrijding van de handel) worden de Nederlandse overheid niet altijd in dank afgenomen. Ook in eigen land is echter het laatste woord over het drugsbeleid nog niet gezegd. De onmiskenbare criminele overlast veroorzaakt door drugsgebruikers, de grote druk op het strafrechtelijk apparaat en het drugstoerisme met name vanuit Duitsland vormen even zovele aanleidingen voor binnenlandse bezorgdheid. Het is echter nog maar de vraag of de resultaten van het als pragmatisch te kenschetsen Nederlandse beleid zo ongunstig afsteken bij die in het buitenland, zoals wel wordt verondersteld. In dit themanummer van Justitiele Verkenningen wordt uitgebreid stilgestaan bij diverse aspecten van het Nederlandse drugsbeleid.
    • Gedogen - Een verschijnsel van alle tijden en alle plaatsen?

      Huisman, W.; Joubert, C.M. (medew.) (Vrije Universiteit Amsterdam - Vakgroep Criminologie, 1996)
      De doelstelling van dit onderzoek (uitgevoerd in opdracht van het WODC) is het plaatsen van het verschijnsel gedogen in een ruimere context naar tijd, plaats en rechts- of beleidsterrein. Vragen die in het onderzoek centraal staan zijn: Is gedogen een recent verschijnsel of kwam het in Nederland altijd al voor? Is gedogen en/of gedoogbeleid inderdaad een typisch Nederlands verschijnsel of komt het in andere landen ook voor? Voor de beantwoording van de eerste onderzoeksvraag is een literatuurstudie verricht en zijn een aantal gesprekken gevoerd met deskundigen op het terrein van (straf)rechtsgeschiedenis. Voor de beantwoording van de tweede vraag is onderzocht of gedogen in andere landen voorkomt. Daarbij lag de nadruk op de landen Duitsland, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk. Ook verschillen binnen deze landen (bijvoorbeeld deelstaten) zijn bij het onderzoek betrokken.
    • Grenzen van het softdrugsbeleid

      Unknown author (WODC, 1993)
      Het Nederlandse drugsbeleid kent aan softdrugs niet onaanvaardbare risico's toe. De strafrechtelijke bejegening van softdrugs is daarom minder streng dan die van harddrugs. Dit beleid heeft de vestiging mogelijk gemaakt van ongeveer 1500 coffeeshops, waar softdrugs worden verhandeld, en bijgedragen aan de teelt van hoogwaardige nederwiet. Hiermee lijken de grenzen van het beleid in zicht te zijn gekomen. Coffeeshops zijn noodgedwongen permanent in conflict met de wet, de teelt van nederwiet dreigt in handen te komen van de georganiseerde misdaad en het gevaar bestaat dat Nederland een exportland van softdrugs wordt. In deze aflevering van Justitiële Verkenningen worden de problemen van het Nederlandse beleid vanuit verschillende invalshoeken belicht.
    • Handhaven onder de druk der omstandigheden - Het gebruik van schriftelijke waarschuwingen door gemeenten

      Lomwel, A.G.C. van; Nelissen, J.H.M. (WODC, 2005)
      Dit onderzoek heeft betrekking op de vraag hoe het handhavende optreden wordt beïnvloed door (de vrees voor reacties van) burgers die in afnemende mate risico's accepteren. Het onderzoek richt zich daarbij op een specifiek onderdeel van het handhavend optreden, namelijk het dreigen met het toepassen van bestuursrechtelijke sancties, te weten dwangsom, bestuursdwang en het intrekken van de vergunning.
    • Handhaving en naleving van de coffeeshopregels in 2004

      Broekhuizen, J.; Raven, J.; Driessen, F.M.H.M. (WODC, 2006)
      Sinds 1999 wordt jaarlijks het aantal coffeeshops in Nederland en het gemeentelijk beleid rond coffeeshops in beeld gebracht. In 2002 heeft de minister van Justitie toegezegd om ook aspecten van de handhaving en naleving in het onderzoek op te nemen. Sindsdien wordt er in het onderzoek aandacht geschonken aan de regelhandhaving in gemeenten en in 2003 is daar de regelnaleving door coffeeshops bijgekomen. Het onderzoek is van belang om de ontwikkelingen rond coffeeshops te kunnen volgen en inzicht te krijgen in het lokale beleid. Het onderzoek maakt deel uit van de Nationale Drug Monitor.
    • Het Besloten club- en het Ingezetenencriterium voor coffeeshops - Evaluatie van de implementatie en de uitkomsten in de periode mei-november 2012 - tussenrapportage

      Ooyen-Houben, M.M.J. van; Bieleman, B.; Korf, D.J.; Benschop, A. (medew.); Giessen, M. van der (medew.); Nijkamp, R. (medew.); Snippe, J.M. (medew.); Wouters, M. (medew.) (WODC, 2013)
      In de ‘Drugsbrief’ van mei 2011 wordt het voornemen geformuleerd om de coffeeshops om te vormen tot besloten clubs die alleen voor meerderjarige inwoners van Nederland toegankelijk zijn. Dit voornemen is in oktober en december 2011 nader uitgewerkt. Per 1 januari 2012 zijn de gedoogcriteria in de Aanwijzing Opiumwet van het Openbaar Ministerie aangepast. Aan de criteria waaraan coffeeshops zich reeds moesten houden zijn toegevoegd het besloten-club criterium (B-criterium) en het ingezetenencriterium (I-criterium). De invoering van de nieuwe maatregelen is gefaseerd geschied. Van dit evaluatieonderzoek wordt hier tussentijds verslag gedaan. Het gaat om een tussenrapportage over de periode van mei tot november 2012, toen het B-criterium en het I-criterium in Limburg, Noord-Brabant en Zeeland gehandhaafd werden en in de overige provincies nog niet. Onderzocht is of de processen zijn verlopen zoals vooraf werd beoogd, of de beoogde uitkomsten zijn bereikt en in hoeverre het negatieve neveneffecten van de opkomst van een illegale markt, waarop geanticipeerd werd, zich heeft voorgedaan. De 'interventielogica' van de B- en I-criteria vormde het kader voor de evaluatie. Deze logica is door de onderzoekers gereconstrueerd aan de hand van beleidsdocumenten en daarna gescheckt in interview met betrokken actoren. IN HOUD: 1. Inleiding 2. Methode van onderzoek 3. Coffeeshops: ontstaan en beleid 4. De situatie rond coffeeshops tijdens de aanloop naar de B-en I-criteria 5. Het Besloten club- en het Ingezetenencriterium uiteengerafeld: de interventielogica achter de criteria 6. De problematiek volgens de betrokken actoren 7. De implementatie van de B- en I-criteria volgens de betrokken actoren: resultaten van een procesevaluatie 8. Omwonenden van coffeeshops 9. Coffeeshopbezoek 10. De illegale gebruikersmarkt van cannabis