• Architectuur en veiligheid

      Vanstiphout, W.; Oudenampsen, M.; Graham, S.; Calster, P. van; Schuilenburg, M.B.; Guitjens, R.; Boonstra, N.; Ham, M.; Bijlsma. L.; Galle, M.; et al. (WODC, 2010)
      ARTIKELEN: 1. W. Vanstiphout - De architect heeft het gedaan! De rol van stedenbouw, architectuur en stadsbestuur in de rellen in de Franse voorsteden van 2005 2. M. Oudenampsen - Amsterdam Noord: van sociale naar ruimtelijke maakbaarheid 3. S. Graham - Het nieuwe militaire urbanisme 4. P. van Calster, M.B. Schuilenburg en R. Guitjens - Bedrijfsverbetergebieden; een verkennend onderzoek naar de veiligheidszorg in winkelcentrum Alexandrium 5. N. Boonstra en M. Ham - Overlast op het plein; over de architectuur van de openbare ruimte 6. L. Bijlsma, M. Galle en J. Tennekes - De herbergzame ruimte van de stadswijk 7. A. Oosterman - Tbs-kliniek Almere: stedelijk complex achter een glazen gevel 8. Internetsites. SAMENVATTING: De vraag naar de relatie tussen mens en omgeving lijkt sterk aan belang te hebben ingeboet. Het huidige wetenschappelijke debat lijkt vooral in de ban van de vraag: 'Wie is de mens?' Dit is terug te zien in onderzoeken naar biologische factoren voor deviant gedrag en verklaringen die zich beroepen op onze genetica en DNA. Om die eenzijdige kijk op de mens en het vraagstuk van veiligheid enig tegenwicht te bieden, wordt in dit themanummer een ander probleem aan de orde gesteld. In plaats van 'Wie is de mens?' gaat het over de vraag 'Waar is de mens?'
    • Foto issue

      Zoonen, E.A. van; Nelen, H.; Verkaaik, O.; Bruijn, J.A. de; Janssen, J.; Schuilenburg, M.; Gemert, F. van; Leun, J.P. van der; Guadeloupe, F. (WODC, 2010)
      ARTIKELEN: 1. E.A. van Zoonen - Tussen seksualisering en boerkaverbod 2. H. Nelen - Van normalisering naar moralisering 3. O. Verkaaik - Tussen Marrakesch en Theater De Flint; ideologie en praktijk in moskeebouw 4. J.A. de Bruijn - Maakbaarheid 5. J. Janssen - De semiotische driehoek en het Douwe Egberts-gevoel van Augustus 6. M. Schuilenburg - Muziek: de blinde vlek van de criminologie 7. F. van Gemert - Wit bij wit, blauw bij rood 8. J.P. van der Leun - Kroepoek bakken tussen kakkerlakken 9. F. Guadeloupe - Koninkrijksrelaties: Yes We Can! SAMENVATTING: In afwijking van de gebruikelijke formule, waarbij een thema vanuit verschillende invalshoeken wordt belicht, komt in dit nummer een waaier van onderwerpen aan bod. Deze keer staan namelijk niet de teksten centraal maar beelden, foto's. Negen sociaal wetenschappers wijden aan de hand van een foto uit over een aspect van hun onderzoek en/of vakgebied. De auteurs gaan daarbij in op de vraag wat de foto laat zien en hoe we deze kunnen interpreteren.
    • Huismeesters in problematische woningcomplexen - Het effect van huismeesters op criminaliteit en verhuurbaarheid in de na-oorlogse etagebouw

      Hesseling, R.B.P.; Wees, E.H.M. van; Dalen, B.M. van; Maas, R.A.W.M. (WODC, 1991)
      In dit evaluatierapport wordt antwoord gegeven op de vraag welke effecten de inzet van een huismeester heeft gehad op vervuiling, vandalisme, overlast, criminaliteit, de woonwaardering van bewoners en de verhuurbaarheid. Tevens worden de knelpunten in de projecten en de financiering van de huismeester behandeld.
    • Integratie van preventie

      Unknown author (WODC, 1992)
      Criminaliteitspreventie is gegroeid van een experiment naar structureel beleid, preventie is `gewoon' geworden. Bij deze ontwikkeling dient te worden aangetekend dat justitie niet voorop heeft gelopen; in de gezondheidszorg en het welzijnswerk werd de preventiegedachte reeds in de jaren zeventig gelanceerd. De `normalisering' van preventie is daarentegen wel relatief snel verlopen, wellicht juist door haar late start. Ondanks de succesvolle introductie van de justitiele preventiegedachte in de Nederlandse samenleving, kan de vraag worden gesteld of het preventiebeleid ook daadwerkelijk een reductie van het criminaliteitsprobleem heeft opgeleverd. Wat heeft het `allemaal' opgeleverd en hoe verder? In dit themanummer wordt de stand van zaken van het preventiebeleid opgemaakt. Aanleiding hiervoor is de verschijning van de wetenschappelijke evaluatie van de vijf jaren experimenteel beleid (1986 tot en met 1990).
    • Kriminaliteit en technopreventie

      Buikhuisen, W.; Bergeijk, G.A. van (WODC, 1976)
      In dit rapport wordt ingegaan op de vraag in hoeverre technopreventie kan bijdragen aan het voorkomen van criminaliteit. Een belangrijke, maar tamelijk verwaarloosde criminogene factor is het situationele element (de gelegenheid maakt de dief). Gepoogd wordt daarom het plegen van delicten te bemoeilijken, door (1) het verhinderen van de toegang tot het doelwit; (2) het signaleren van de benadering van het doelwit; en (3) het bemoeilijken van het zich toeëigenen van waardevolle objecten d.m.v. het hanteren van bepaalde procedures.
    • Nieuwe technologieën in opsporing en veiligheidszorg

      Vries, A. de; Smit, S.; Kitchin, R.; Cuijpers, C.; Schendel, S. van; Custers, B.; Vergouw, B.; Flight, S.; Elands, P.J.M.; Dignum, M.V.; et al. (WODC, 2016)
      ARTIKELEN: 1. A. de Vries en S. Smit - Predictive policing: Politiewerk aan de hand van voorspellingen 2. R. Kitchin - Datagestuurde stedelijke planning en ‘smart cities’ 3. C. Cuijpers en S. van Schendel - Data Protection by Design als argument in het FBI vs. Apple debat 4. B. Custers en B. Vergouw - Technologie voor opsporing en handhaving: Kansen, ervaringen en knelpunten 5. S. Flight - Politie en beeldtechnologie: Gebruik, opbrengsten en uitdagingen 6. P.J.M. Elands - Drones: Zegen of vloek? 7. M.V. Dignum en J. van den Hoven - Reflecties op het verantwoord gebruik van kunstmatige intelligentie SAMENVATTING: De opkomst van nieuwe technologieën stelt de politie en andere rechtshandhavingsinstanties in staat proactiever en effectiever te opereren. De toepassing van deze technologieën in het publieke veiligheidsdomein roept echter ook allerlei vragen op met betrekking tot privacy en andere grondrechten van burgers. Dit themanummer beoogt enerzijds die nieuwe technologische toepassingen te beschrijven en anderzijds de (mogelijke) consequenties daarvan nader te beschouwen en aan discussie te onderwerpen. Naast afzonderlijke artikelen over concrete technologische toepassingen (beeldtechnologie, drones) gaat de aandacht uit naar enkele belangrijke trends die alle voortvloeien uit de groeiende beschikbaarheid van – onderling koppelbare – grote hoeveelheden data afkomstig uit allerlei bronnen. Bij politiekorpsen wereldwijd heeft dit geleid tot een de groeiende populariteit van predictive policing: politiewerk doen aan de hand van voorspellingen die gebaseerd zijn op een enorme verzameling historische gegevens over o.a. delicten, de plegers ervan en criminaliteitspatronen, gecombineerd met realtime data. Het politieoptreden wordt aldus datagestuurd en meer op preventie gericht. Een stap verder is prescriptive policing, waarbij de data aangeven wat de meest effectieve interventie zou zijn. Met de film Minority Report in gedachten doemen de zwartste scenario’s op: krijgen we een ‘gedachtenpolitie’ , staat de onschuldpresumptie op het spel? Deze vragen zijn des te prangender wanneer de rechtshandhaving steeds meer wordt overgelaten aan drones en robots. De grote uitdaging in dit verband is hoe ethische, maatschappelijke en juridische waarden al in het ontwerpproces van articificiële intelligentie toepassingen kunnen worden ingebouwd. Iets soortgelijks speelt met betrekking tot de bescherming van persoonlijke gegevens en privé-communicatie bij het gebruik van computers en smartphones e.d. Nieuwe Europese wetgeving schrijft voor dat gegevensbescherming wordt ingebouwd in producten en diensten, een principe dat wordt aangeduid met de term Data Protection by Design and Default.
    • Onverklaard slachtofferschap van woninginbraken - Een verkenning van de mogelijkheid om data van de Veiligheidsmonitor te benutten voor secundaire analyses

      Roorda, W.; Buysse, W.; Soomeren, P. van (WODC, 2015)
      Doel van het onderzoek is te onderzoeken wat op basis van de (historische) data van de Veiligheidsmonitor kan worden gezegd over de samenhang tussen (I) het slachtofferschap van een woninginbraak, (II) de mate waarin burgers, gemeenten en politie preventieve maatregelen nemen om dat te voorkomen en (III) geografische, demografische en sociaaleconomische kenmerken van burgers. In dit verband werden de volgende onderzoeksvragen geformuleerd: Welke (combinatie van) preventiemiddelen zijn (is) het meest effectief tegen woninginbraak? Welke preventiekloven kunnen worden geïdentificeerd met betrekking tot slachtofferschap van woninginbraak? Er is sprake van een preventiekloof als een specifieke groep mensen veel vaker slachtoffer wordt van een inbraak, omdat deze groep minder preventie maatregelen neemt of kan nemen. INHOUD: 1. Inleiding 2. Veiligheidsmonitor, preventie-middelen en slachtofferschap woninginbraak 3. Onderzoeksmethode 4. Resultaten 5. Conclusie en discussie
    • Preventie en criminaliteit

      Unknown author (WODC, 1980)
      Dit themanummer dat gewijd is aan Preventie en criminaliteit, wordt geopend met een inleidend artikel van Carl. H. D. Steinmetz. In dit artikel worden verbanden gelegd tussen preventie en de ontwikkelingen van de kleine criminaliteit. In dit themanummer zijn voorts vier bewerkingen opgenomen; een Canadees artikel, twee Engelse artikelen en één Amerikaans artikel.
    • Toepassing van een vereenvoudigd afwegingsinstrument bij keuzes op het terrein van fysieke veiligheid

      Knoop, J. van der (Decide, 2012)
      De volgende vragen worden in deze rapportage beantwoord: Is het afwegingsinstrument 'Veiligheid en Economie' geschikt om toegepast te worden bij keuzes tussen maatregelen ten behoeve van fysieke veiligheid? Welke afwegingsproblemen op de verschillende terreinen van fysieke veiligheid lenen zich het beste voor de toepassing van het afwegingsinstrument en wat is de meerwaarde hiervan in de praktijk? Welke aanpassingen van het instrument zijn eventueel wenselijk om het afwegingsinstrument meer geschikt te maken voor toepassing op de verschillende terreinen van fysieke veiligheid? Dit onderzoek sluit aan op een vorig onderzoek (Zie link hiernaast)
    • Varianummer

      Unknown author (WODC, 1982)
      Dit eerste nummer van 1982 is een Varianummer waarin vier artikelen in bewerkte vorm zijn opgenomen.
    • Wat kunnen we leren over de preventie van woninginbraken?

      Piepers, N.; Soomeren, P. van; Pluijm, M.; Struick, I. (medew.) (DSP-groep, 2021-12-30)
      Het aantal woninginbraken in Nederland is fors teruggelopen de laatste jaren. In 2012 werden er nog zo’n 92.000 inbraken gemeld, in 2019 waren dat er nog 40.000. Ten tijde van Corona daalde dit aantal in 2020 naar 30.000. De impact van woninginbraken is groot en de kosten zijn aanzienlijk. De ervaring leert dat een daling van de woninginbraken op termijn soms weer gevolgd wordt door een stijging. Daarbij komt dat het aantal woninginbraken landelijk weliswaar afneemt, maar die afname blijft in bepaalde situaties achter waardoor er nog steeds zorgwekkende concentraties zijn. In dit literatuuronderzoek staan drie onderzoeksvragen centraal: 1. Welke ontwikkelingen zijn er op het gebied van woninginbraak om te bepalen waar en op wie preventieve maatregelen het beste ingezet kunnen worden? 2. Zijn er preventieve maatregelen in het buitenland die we in Nederland nog niet kennen? 3. Wat kunnen we in Nederland - op basis van buitenlandse literatuur - beter en anders doen bij de inzet van preventieve maatregelen die we reeds toepassen tegen woninginbraak? INHOUD: 1. Inleiding 2. Woninginbraken in perspectief 3. Nieuwe maatregelen, zijn die er wel? 4. Verbetermogelijkheden voor Nederland 5. Conclusie