• Arbeidsmigratie

      Jennissen, R.P.W.; Wijkhuijs, L.J.J.; Bijwaard, G.; Snel, E.; Faber, M.; Engerbersen, G.; Gestel, B. van; Straal, E.K. van; Verhoeven, M.A.; Jorna, P.; et al. (WODC, 2013)
      ARTIKELEN: 1. R.P.W. Jennissen - De instroom van buitenlandse arbeiders en de migratiegeschiedenis van Nederland na 1945 2. L.J.J. Wijkhuijs en R.P.W. Jennissen - Waarom komen minder vrouwelijke dan mannelijke arbeidsmigranten naar Nederland? 3. G. Bijwaard - Retourmigratie van arbeidsmigranten uit Nederland 4. E. Snel, M. Faber en G. Engbersen - De maatschappelijke positie van Midden- en Oost-Europese arbeidsmigranten 5. B. van Gestel, E.K. van Straalen en M.A. Verhoeven - Marginaal gehuisveste arbeidsmigranten en overlast 6. P. Jorna - Roma-migratie in Europa vanuit Nederlands perspectief 7. Boekrecensie: M. Chotkowski over 'Honderd jaar heimwee; de geschiedenis van Polen in Nederland' 8. Internetsites. SAMENVATTING: Arbeidsmigratie was recent onderwerp van een internationale top in Den Haag. Aanleiding voor de bijeenkomst was het openstellen van de Nederlandse arbeidsmarkt voor Roemenen en Bulgaren op 1 januari 2014. De komst van migranten uit die landen vervult de Nederlandse regering met zorg. In dit themanummer is er zowel aandacht voor de positieve als negatieve kanten van arbeidsmigratie. Tevens wordt het fenomeen in historisch perspectief geplaatst en vanuit verschillende disciplines belicht.
    • De praktijk van derdenrekeningen - Een onderzoek onder notarissen, gerechtsdeurwaarders en advocaten

      Dijken, K. van; Berdowski, Z.; Eshuis, P.H. (WODC, 2006)
      De Wet op het Notarisambt, de Wet Gerechtsdeurwaarders en de Boekhoudverordening van de Nederlandse Orde van Advocaten verplichten deze beroepsgroepen omaan cliënten toekomende gelden op een aparte rekening (derden- of kwaliteitsrekening) aan te houden. Het doel is om deze gelden te scheiden van het vermogen van de beroepsuitoefenaar en daarmee te beschermen tegen oneigenlijk gebruik of een eventueel faillissement. In het onderzoek zal aandacht worden besteed aan de vraag hoeveel derdenrekeningen er (gemiddeld) worden aangehouden, of daadwerkelijk sprake is van een scheiding van gelden, hoe  bruikbaar en/of noodzakelijk de regelingen voor de beroepsgroepen zijn, in hoeverre de beroepspraktijk afwijkt van de wettelijke bepalingen en hoe het toezicht op het gebruik van derdenrekeningen werkt en of zicht kan worden verkregen op de effectiviteit van het toezicht.
    • De regeling en rechtsgevolgen van vermissing in rechtsvergelijkend perspectief

      Schrama, W.; Jonker, M.; Jeppesen-de Boer, C. (Universiteit Utrecht - Utrecht Centre for European Research into Family Law (UCERF), 2017)
      Er bestaat een samenstel van wettelijke en praktische maatregelen om tegemoet te komen aan de problematiek van de achterblijvers van vermiste personen. De centrale vraagstelling van dit onderzoek is: Welke beleids- en wettelijke maatregelen bestaan er voor (achterblijvers van) vermiste personen in Nederland, België, Denemarken, Duitsland en Engeland & Wales en kunnen deze maatregelen een oplossing bieden voor de gesignaleerde knelpunten (van achterblijvers) in Nederland? Zijn er eventueel andere mogelijkheden om deze knelpunten op te lossen? INHOUD: 1. Inleiding 2. De rechtspositie van vermisten in rechtsvergelijkende perspectief - Nederland, - België, - Denemarken, - Duitsland, - Engeland & Wales 3. Rechtsvergelijking 4. Rechtsvergelijkende synthese en analyse 5. Gesignaleerde oplossingen 6. Conclusies
    • Eerste trendrapportage notariaat - Toegankelijkheid, continuïteit, kwaliteit en integriteit van het notariaat

      Voert, M. ter; Ewijk, M. van (WODC, 2004)
      Dit onderzoek maakt onderdeel uit van het onderzoek ‘trendrapportage notariaat’. In verband met beleidsvorming en beleidsverantwoording is periodiek inzicht nodig in de mate waarin een goede uitoefening van de notariële kernfunctie is gewaarborgd. Na vrijlating van de notariële tarieven is het nodig zicht te houden op de ontwikkelingen van die tarieven. Uit de 'Eerste trendrapportage notariaat' geeft een beeld van de notariële beroepsuitoefening in het bijzonder aspecten als kwaliteit, integriteit, toegankelijkheid (tarief en spreiding van aanbod) en continuïteit. De toegankelijkheid van het aanbod aan notariële diensten is de afgelopen jaren toegenomen. Zowel in termen van het aantal vestigingen van kantoren, zelfstandige kantoren, als het aantal notarissen. De groei van het aanbod is de laatste jaren wel afgevlakt. De vraag naar notariële diensten neemt vanaf 2002 weer toe, zowel in de familiepraktijk, als in de onroerend goedpraktijk. INHOUD: 1. Inleiding 2. Methode van onderzoek 3. Toegankelijkheid van het notariaat 4. Continuïteit van het notariaat 5. Kwaliteit en integriteit 6. Conclusie
    • Financieel toezicht binnen het (jeugd)strafrecht - Een onderzoek naar het verloop, de resultaten en mogelijke uitbreiding van verplicht financieel toezicht binnen het (jeugd)strafrecht

      Koenraadt, R.M.; Boone, M.M.; Rap, S.E.; Kappert, S. (Universiteit Leiden - sectie Strafrecht & Criminologie en Jeugdrecht, 2020-12-29)
      In opdracht van het Ministerie voor Justitie en Veiligheid is onderzoek uitgevoerd naar het verloop, de resultaten en uitbreiding van financieel toezicht. Doel van het huidige onderzoek is het verkrijgen van inzicht in het verloop van de huidige vormen van financieel toezicht en het in kaart brengen van de eventuele uitbreidingsmogelijkheden en verbeterpunten. In dit onderzoek wordt antwoord gegeven volgende centrale onderzoeksvraag: Hoe verlopen de huidige financiële maatregelen binnen het (jeugd)strafrecht en op welke manier kan het financieel toezicht verbeterd worden? INHOUD: 1. Inleiding, 2. Methoden, 3. Financieel toezicht: juridische mogelijkheden, 4. Aard en omvang financieel toezicht in Nederland, 5. Verloop en resultaten financieel toezicht, 6. Verbeterpunten en aanbevelingen financieel toezicht, 7. Conclusie en discussie
    • Gebruikers van gesubsidieerde rechtsbijstand - Inzichten in kenmerken, problemen en inkomenspositie

      Maas, G.C. (WODC, 2007)
      Dit is een overzicht van de belangrijkste resultaten van een onderzoek naar de gevolgen van wijzigingen in het stelsel van gesubsidieerde rechtsbijstand zoals de verhoging van de eigen bijdrage of de invoering van een leen- of verzekeringsstelsel voor (potentiële) gebruikers. De doelgroep is in kaart gebracht aan de hand van kenmerken als arbeidsparticipatie, uitkeringsduur, inkomen, geslacht, leeftijd, herkomst en gezinssamenstelling.
    • Gebruikers van gesubsidieerde rechtsbijstand - Kenmerken, problemen en inkomenspositie

      Maas, G.C.; Niemeijer, E. (WODC, 2007)
      In 2005 is een beleidsverkennende notitie geschreven over mogelijke alternatieven voor het huidige Nederlandse rechtsbijstandsstelsel. In dit onderzoek staat in het kader van een mogelijke overgang naar een leenstelsel voor rechtsbijstand de vraag naar aflossingscapaciteit centraal. Daarnaast is met het oog op benodigde leningen de samenhang tussen kenmerken van gebruikers en de soorten juridische problemen waarvoor zij toevoegingen aanvragen van belang. INHOUD: 1. Inleiding 2. Verschillen in aflossingscapaciteit tussen bevolkingsgroepen 3. Kenmerken van gebruikers van civiele toevoegingen 4. Juridische problemen van gebruikers van civiele toevoegingen 5. Conclusie
    • Grenzen aan hereniging - De regels met betrekking tot het bestaansmiddelenvereiste per september 1993

      Bedem, R.F.A. van den; Brink, J.C. van den (WODC, 1995)
      Doel: Inzicht verkrijgen omtrent de wijze waarop het beleid met betrekking tot het beschikken over voldoende middelen van bestaan wordt geïnterpreteerd en in de praktijk wordt toegepast door de hoofden van plaatselijke politie bij het behandelen van verzoeken om toelating in het kader van gezinshereniging. Wat zijn onduidelijkheden en knelpunten bij de toepassing van het bovenstaande beleid? Wat zijn de verschillen met vroeger beleid? Bestaan er verschillen in de uitvoeringspraktijk tussen vreemdelingendiensten? Opzet: Inventarisatie van de literatuur omtrent de beleidswijziging die op 16 september 193 heeft plaatsgevonden. Gesprekken zijn gevoerd met medewerkers van diverse vreemdelingendiensten over de implementatie en de huidige uitvoeringspraktijk. Aan de hand van casusbeoordeling is de praktijk inhoudelijk getoetst. De regelgeving blijkt op een aantal punten verbeterd te kunnen worden. Zowel te vage als te gedetailleerd geformuleerde regels kunnen in de praktijk echter problemen opleveren.
    • Griffierecht bij beklag in detentie

      Cazemier, J.; Bergen, E. van; Woestenburg, N.; Wolf, M. van der; Winter, H. (Pro Facto, 2022-07-05)
      De Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming, afdeling advisering (RSJ) constateert in het advies ‘Spanning in detentie’ dat het aantal beklag- en beroepszaken van gedetineerden gestaag toeneemt. De RSJ heeft aanbevolen een pilot uit te voeren met griffierecht bij beklag in detentie. In de beleidsreactie op het advies van de RSJ heeft de minister voor Rechtsbescherming aangegeven te willen laten verkennen of het heffen van een griffierecht van toegevoegde waarde kan zijn ‘om de instroom van (futiele) zaken in het dichtgeslibde stelsel van beklag en beroep te doen verminderen.’ In dit onderzoek wordt gekeken of het heffen van een griffierecht mogelijk is en wat de te verwachten positieve en/of negatieve effecten van het invoeren van deze financiële prikkel zijn. INHOUD: Inleiding 2. Achtergrond beklagrecht 3. Invoering van griffierecht in het buitenland 4. Vergelijking griffierecht in het tuchtrecht 5. Mogelijkheden voor het invoeren van een griffierecht 6. Analyse en conclusie
    • Monitor veelplegers 2013 - Trends in de populatie zeer actieve veelplegers uit de periode 2003-2013

      Tollenaar, N.; Laan, A.M. van der (WODC, 2013)
      De hoofdvraag die in deze factsheet wordt beantwoord, is: Welk verschuivingen hebben zich voorgedaan in de aantallen veelplegers, hun delictgedrag, hun achtergrondkenmerken, de recidive en hun insluitingspercentage? De vorige editie is te vinden bij: Meer informatie.
    • Ondernemingen in financiële moeilijkheden en de arbeidsrechtelijke positie van hun werknemers

      Verburg, L.G.; Veder, P.M.; Jansen, A.G.J.J.; Mennens, A.M.; Niebeek, A.W.; Pepels, S.C.; Wersch, F.M.R. van (Radboud Universiteit - Onderzoekcentrum Onderneming & Recht, 2016)
      Het onderzoek is gericht op het in kaart brengen van de gang van zaken in de praktijk met het doel inzicht te verschaffen in de rol die de arbeidsrechtelijke positie van werknemers in de praktijk speelt bij de wijze waarop wordt geprobeerd financieel noodlijdende ondernemingen te reorganiseren en de gevolgen die het gekozen traject heeft (gehad) voor de betrokkenen. Het onderzoek heeft aldus een exploratief en inventariserend karakter. Het onderzoek is er niet op gericht om op systematische wijze de onderzochte zaken met elkaar te vergelijken. Het onderzoek bestaat vooral uit een onderzoek naar en een analyse van 26 recente cases waarin ondernemingen al dan niet na een faillissement zijn gereorganiseerd. INHOUD: 1. Aanleiding voor het onderzoek, probleemstelling en methode 2. Oorzaken van de financiële moeilijkheden en de rol van de factor arbeid 3. De zoektocht naar oplossingen en de invloed van de arbeidsrechtelijke positie van werknemers 4. Opvattingen omtrent wijzigingen in de arbeidsrechtelijke positie van werknemers die de reorganisatie van ondernemingen in financiële moeilijkheden zouden kunnen bevorderen 5. De expertmeeting aangaande het onderhavige onderzoek, gehouden te Nijmegen op 25 september 2015 6. Conclusies
    • Schuldenproblematiek van jongvolwassen gedetineerden

      More, P.A.; Weijters, G. (WODC, 2011)
      De volgende onderzoeksvragen worden beantwoord:In welke mate hebben jongvolwassen gedetineerden schulden? Hoe hoog zijn de schulden? Wie zijn de schuldeisers? Met welke andere problemen gaat de schuldenproblematiek gepaard?In hoeverre verschilt de schuldenproblematiek van jongvolwassen gedetineerden met die van volwassen gedetineerden?In welke mate bestaan er verschillen in schuldenproblematiek als wordt uitgesplitst naar achtergrondkenmerken?
    • Syriërs in Nederland - Een studie over de eerste jaren van hun leven in Nederland

      Dagevos, J. (red.); Huijnk, W. (red.); Maliepaard, M. (red.); Miltenburg, E. (red.) (Sociaal Cultureel Planbureau (SCP), 2018)
      In deze studie staan Syriërs centraal van 15 jaar en ouder die tussen 1 januari 2014 en 1 juli 2016 een status hebben gekregen. In deze periode hebben 44 duizend Syriërs een status gekregen. Voor deze studie is een survey uitgevoerd onder 3.200 Syriërs (respons 81%).Er wordt ingegaan op de vlucht, hun ervaringen met de opvang, hun gezondheid, het leren van de Nederlandse taal en hun participatie in het Nederlandse onderwijs. We laten zien hoeveel mensen al betaald werk hebben, in hoeverre ze contacten onderhouden met autochtone Nederlanders en of ze zich veilig en thuis voelen in dit land. Ook bevat de publicatie informatie over welke betekenis religie heeft voor Syriërs en welke waarden binnen deze groep belangrijk zijn. Er is apart informatie verzameld over de leefsituatie van inwonende kinderen. Lees het persbericht van het SCP met de belangrijkste conclusies van dit onderzoek of lees het volledige rapport 'Syriërs in Nederland; een studie over de eerste jaren van hun leven in Nederland' op de website van het SCP. INHOUD: 1. Syriërs in Nederland 2. Demografie 3. Op de vlucht 4. Periode in de opvang 5. Inburgering, maatschappelijke begeleiding en taal 6. Onderwijs 7. Werk, bijstand en de ervaren financiële situatie 8. Sociale contacten, waardeoriëntaties en religie 9. Oriëntatie op Nederland en op het herkomstland 10. Gezondheid, leefstijl en zorggebruik 11. De situatie van Syrische kinderen
    • Toepassing draagkrachtbeginsel bij geldboetes

      Nauta, O.; Wilde, B. de (DSP-groep, 2020-12)
      Bij het cumulatief opleggen van geldboetes bij meerdaadse samenloop in strafzaken kan met behulp van het draagkrachtbeginsel (art 24 Sr) de proportionaliteit van de straf worden gewaarborgd. Het draagkrachtbeginsel is echter onvoldoende concreet uitgewerkt om in de praktijk handvatten te bieden voor enerzijds maatwerk en anderzijds consistentie bij het (cumulatief) opleggen van geldboetes. Het onderzoek hangt samen met herziening van de regeling inzake de meerdaadse samenloop in strafzaken, waarbij soms sprake is van een cumulatie van geldboetes. Om te komen tot een toepassing van het draagkrachtbeginsel in deze regeling is het nodig om dit beginsel meer concrete inhoud te geven. Onderzocht wordt hoe in de praktijk van de straftoemeting rechters invulling geven aan het draagkrachtbeginsel. Op welke manier zou aan de toepassing van het draagkrachtbeginsel meer inhoud kunnen worden gegeven? Hoe kan daarbij in geval van cumulatie van geldboetes de (matigende) doorwerking van de meerdaadse samenloopregeling worden vormgegeven? Het onderzoek dient criteria op te stellen voor het beoordelen van de draagkracht van een verdachte en richtlijnen te formuleren die het mogelijk maken rekening te houden met de draagkracht van een verdachte in overeenstemming met het draagkrachtbeginsel. INHOUD: 1. Inleiding 2. Juridisch kader 3. Het draagkrachtbeginsel in de praktijk 4. Alternatieve toepassing van het draagkrachtbeginsel 5. Conclusies en aanbevelingen
    • Trendrapportage gerechtsdeurwaarders 2006 - Toegankelijkheid, continuïteit en kwaliteit van de ambtelijke dienstverlening

      Voert, M. ter; Ewijk, M.D. van (WODC, 2006)
      De minister van Justitie dient de toegankelijkheid en kwaliteit van de diensten van gerechtsdeurwaarders te waarborgen. Daarom is het nodig zicht te houden op de ontwikkelingen in de praktijk van de beroepsbeoefening. De trendrapportage heeft tot doel een beeld te geven van de staat van de dienstverlening van gerechtsdeurwaarders. Tweejaarlijks worden de ontwikkeling op de volgende terreinen in kaart worden gebracht: (a) toegankelijkheid van de diensten (tarieven en spreiding vraag en aanbod), (b) de continuïteit (bedrijfseconomisch en in- en uitstroom gerechtsdeurwaarders) en (c) de kwaliteit en integriteit. INHOUD: 1. Inleiding 2. Methoden van onderzoek 3. Toegankelijkheid ambtelijke dienstverlening 4. Continuïteit ambtelijke dienstverlening 5. Kwaliteit ambtelijke dienstverlening 6. Conclusie
    • Trendrapportage notariaat 2006 - Toegankelijkheid, continuïteit en kwaliteit van de dienstverlening

      Laclé, Z.D.; Voert, M.J. ter (WODC, 2008)
      Binnen het notariaat zijn verschillende ontwikkelingen gaande. Sinds de nieuwe wet op het Notarisambt van 1999 is de marktwerking in de beroepsuitoefening versterkt. Daarnaast zijn er processen gaande als specialisatie, schaalvergroting en internationalisering. De Tweede Kamer is een tweejaarlijkse trendrapportage toegezegd (Kamerstukken II, 2003-2004, 23 706, nr. 56). De rapportage geeft een overzicht van de stand van zaken en ontwikkelingen op het gebied van de a) toegankelijkheid, b) continuïteit en c) kwaliteit van de dienstverlening. In 2004 is de eerste trendrapportage notariaat uitgevoerd. INHOUD: 1. Inleiding 2. Toegankelijkheid van het notariaat 3. Continuïteit van het notariaat 4. Kwaliteit van het notariaat 5. Conclusie
    • Trendrapportages juridische beroepen; toegankelijkheid, continuïteit en kwaliteit van de dienstverlening

      Voert, M. ter (WODC, 2006)
      Deze factsheet geeft een beknopt overzicht van de belangrijkste resultaten van de eerste twee trendrapportages die zijn afgerond: de Trendrapportage Notariaat (2004) en de Trendrapportage Gerechtsdeurwaaders (2006). De rapportages geven een overzicht van de stand van zaken en de ontwikkelingen op het gebied van a) toegankelijkheid, b) continuïteit en c) kwaliteit van de dienstverlening. Deze uitgave is verschenen in de nieuwe reeks Fact sheet (nr. 2006-15). De volledige teksten van de rapportages zijn te vinden via het vak 'Links' aan de rechterkant.