• Beeldvorming onder (uitgeprocedeerde) asielzoekers en vluchtelingen over terugkeer- en remigratie(beleid)

      Muus, Ph.J.; Muller, P.H.A.M. (Universiteit Utrecht - ERCOMER, 1999)
      Onderzoek naar de beeldvorming onder (uitgeprocedeerde) asielzoekers en vluchtelingen over terugkeer- en remigratie(beleid) aan de hand van gesprekken met asielzoekers en vluchtelingen, met tussenpersonen die contact legden met respondenten en met medewerkers van organisaties van/voor asielzoekers en vluchtelingen dan wel van organisaties die zich richten op terugkeer of remigratie. Het onderzoek is toegespitst op asielzoekers van vijf nationaliteiten (Ethiopië, Iran, Somalië, Bosnië en Angola). Het onderzoek richt zich op relevant geachte factoren in het herkomstland (veiligheid, bestaansmogelijkheden, hertoelatings- en reïntegratiebeleid), in Nederland (veiligheid, bestaansmogelijkheden en het toelatings- en terugkeer-/remigratiebeleid) en factoren gelegen binnen de vluchtelingen- en asielzoekerspopulatie. Specifieke aandacht is besteed aan informatieverschaffing en beeldvorming over de situatie in het herkomstland en over het door Nederland voorgestelde of gevoerde terugkeer- en dan wel remigratiebeleid.
    • Beeldvormingen over het Westen in post-Mubarak Egypte

      Woltering, R.; Bent, J. van den; Wijngaert, L. van de (Universiteit van Amsterdam - Amsterdam Center for Middle Eastern Studies, 2014)
      De vragen die centraal staan in dit onderzoek zijn: welke al dan niet vijandige beeldvorming over het Westen is er waarneembaar in het Egyptische publieke debat van na de val van president Mubarak, wat is daarbij de positie van islamistische vertogen, is in die positie een duidelijke wijziging of radicalisering opgetreden en wat zijn hiervan eventueel de implicaties voor de veiligheid van Nederlanders en Nederlandse belangen in het buitenland (i.c. Egypte)? NOTA BENE: Sinds afgelopen zomer, enige maanden na afronding van het rapport, staat de regionale politiek in de Arabische wereld in het teken van de opkomst van IS en de dreigende onttakeling van Irak en Syrië. Deze extreme situatie maakt dat het publieke debat in de Arabische wereld meer dan voorheen verdeeld is. Een alomvattend beeld van het publieke debat in de Arabische wereld is daarmee moeilijker te verkrijgen. Dat betekent ook dat de keuze voor een beperking van het onderzoek tot Egypte, tot gevolg heeft dat de uitkomsten van dit onderzoek – meer dan aanvankelijk voorzien was – specifiek zijn voor het Egyptische publieke debat. INHOUD: 1. Inleiding, theoretisch kader en methodologische verantwoording 2. Sociale media 3. Kranten 4. Websites 5. Analyse 6. Conclusies
    • Het imago van de prostitutie - Een onderzoek naar de beeldvorming betreffende de prostitutiebranche gehouden onder de Nederlandse bevolking

      Unknown author (WODC, 2002)
      De wetswijziging waarbij het algemeen bordeelverbod is opgeheven heeft tot doel van de prostitutiebranche een 'normale' beroepsgroep te maken, met alle daarmee verbonden rechten en plichten. Om te kunnen volgen of de beoogde doelstelling wordt gerealiseerd, is een omvangrijk evaluatieonderzoek opgezet, dat uit verschillende deelonderzoeken bestaat. Eén van die deelonderzoeken is een onderzoek onder de Nederlandse bevolking. De centrale vraag is: Op welke manier kijkt de Nederlandse bevolking tegen prostitutie, prostituees, en exploitanten? Door de legalisering van de prostitutie hebben de prostituees en exploitanten een aantal rechten maar ook plichten gekregen. Door die plichten, zoals het afdragen van premies en betalen van belasting, is het voor prostituees en exploitanten moeilijker geworden hun werkzaamheden in de prostitutie verborgen te houden. Voor de sociale positie en het welzijn van de prostituees denkt en in welke mate prostitutie een geaccepteerd beroep is. Daarnaast is in dit project een belangrijke onderzoeksvraag: Wat vindt men van het prostitutiebeleid, dat heeft geleid tot het opheffen van het algemeen bordeelverbod?
    • Indicatoren en manifestaties van weerbaarheid van de Nederlandse bevolking tegen extremistische boodschappen - Een theoretische en methodologische verkenning

      Mann, L.; Doosje, B.; Konijn, E.A.; Nickolson, L.; Moore, U.; Ruigrok, N. (Universiteit van Amsterdam - Faculteit der Maatschappij- en Gedragswetenschappen, 2015)
      Dit onderzoek is gericht op het verkrijgen van inzicht in de kenmerken van weerbaarheid van de Nederlandse bevolking tegen een extremistisch gedachtegoed en het ontwikkelen van mogelijke methoden om deze kenmerken periodiek te meten. De twee algemene onderzoeksvragen luiden: Wat is de weerbaarheid tegen extremistische boodschappen? Is deze vorm van weerbaarheid te meten en zo ja, hoe? INHOUD: 1. Introductie 2. Wat is weerbaarheid? Literatuurstudie, interviews en inzichten vanuit de praktijk 3. Analyse bestaande data: institutioneel vertrouwen 4. Analyse nieuwe data: weerbaarheid onder de Nederlandse bevolking 5. Analyse weerbaarheid middels sociale media 6. Conclusie en discussie
    • Informatieoverdracht COA - Eindrapportage

      Mack, A.; Klaver, J.; Ljujic, V.; Versteegt, I.; Thije, J.D. ten; Martina, K. (medew.) (Regioplan beleidsonderzoek, 2021-12-30)
      Op 1 juli 1994 is de Wet Centraal Orgaan opvang asielzoekers (de Wet COA) in werking getreden. Bij deze wet is het COA opgericht en zijn de taken van het COA vastgelegd. Deze taken omvatten het bieden van onderdak, de begeleiding naar een toekomst in Nederland of daarbuiten, het verwerven en beheren van opvanglocaties, het handhaven van veiligheid en leefbaarheid binnen de opvanglocaties en het voorzien van asielzoekers van de noodzakelijke middelen. Het onderzoek richt zich op de informatieoverdracht vanuit het COA in de eerste fase van de opvang. Het doel van het onderzoek is om inzicht te bieden in: - hoe asielzoekers de informatieoverdracht ervaren die zij in de eerste fase van opvang van het COA krijgen, en; - aanknopingspunten voor eventuele verbeteringen in de informatieoverdracht vanuit het COA naar asielzoekers. INHOUD: 1. Inleiding en verantwoording 2. Literatuurverkenning: informatieoverdracht aan asielzoekers 3. De inrichting van de informatievoorziening in de eerste opvangfase 4. Asielzoekers aan het woord: informatieoverdracht in de praktijk 5. Verbetermogelijkheden informatievoorziening 6. Samenvatting en conclusie 7. Summary and conclusions
    • Jeugdcriminaliteit & Media - Een onderzoek naar de berichtgeving over jeugdcriminaliteit in een veranderend medialandschap

      Ruigrok, N.; Gagestein, S.; Atteveldt, W. van; Slotboom, A.-M.; Jacobi, C. (LJS Media Research, 2014)
      Tussen 2000 en 2007 nam het aantal jongeren van 12 tot 25 jaar dat in aanraking kwam met politie of justitie in verband met criminaliteit jaarlijks toe. Daarna trad een kentering op: de geregistreerde jeugdcriminaliteit nam af. De vraag is of deze positieve ontwikkeling wordt opgepikt door samenleving en politiek. Een graadmeter daarvoor is de wijze waarop de media aandacht besteden aan jeugdcriminaliteit en de wijze waarop zij hierover berichten. Dit wordt in deze rapportage onderzocht aan de hand van de volgende vraagstelling:Hoe berichten de media over jeugdcriminaliteit en over de ontwikkeling daarvan?Indien de berichtgeving feitelijk onjuist en/of biased is: Welke oorzaken liggen hieraan ten grondslag?Met welke aanpak kan de berichtgeving het beste in lijn met de feitelijke situatie worden gebracht? INHOUD: 1. Inleiding 2. Het journalistieke productieproces: jeugdcriminaliteit in het nieuws 3. Methoden van onderzoek 4. Nieuwsselectie: omvang en soorten jeugdcriminaliteit in de berichtgeving 5. Bronvermelding in de berichtgeving 6. Framing en berichtgeving 7. Stereotypering in het nieuws 8. Conclusie
    • Tsunami of tragedie? - Media-aandacht en beeldvorming rond het vreemdelingenbeleid

      Dekker, R.; Scholten, P. (Erasmus Universiteit Rotterdam - Faculteit der Sociale Wetenschappen, 2015)
      De centrale probleemstelling van het onderzoek is: Welke patronen zijn te herkennen in de inhoud en het verloop van berichtgeving en meningsvorming in de diverse media in casus van individuele migranten en collectieven? Hieruit volgen vier deelvragen die betrekking hebben op vier centrale begrippen uit dit onderzoek: patronen van media-aandacht, frames, actoren en hun framingstrategieën, en impact op beleid en politiek.Volgens welke patroon verloopt de aandacht voor de casus in verschillende type media?Wat zijn de belangrijkste 'frames' in de berichtgeving?Wat zijn de belangrijkste actoren in de berichtgeving en welke strategieën hanteren zij om de mediabeeldvorming te beïnvloeden?Welke impact heeft media-aandacht en beeldvorming gehad op de politieke en beleidsagenda? INHOUD: 1. Inleiding 2. Beeldvorming en beleid 3. Methodologische verantwoording 4. Analyse van de 16 casus 5. Vergelijkende analyse 6. Conclusies
    • Van persoonlijke krenking tot vertrouwensbreuk - Verhalen van burgers met gebrek aan vertrouwen in instituties

      Peeters, T.; Smits van Waesberghe, E.; Mesic, A.; Wonderen, R. van; Jansen, M. (medew.); Lambregts, T. (medew.); Leijenhorst, A. (medew.); Pauels, M. (medew.); Zeeuw, A. de (medew.); Pieterse, J. (medew.) (Verwey-Jonker Instituut, 2020-12-30)
      In dit onderzoek hebben we het woord gelaten aan burgers met een gebrek aan vertrouwen in de democratische rechtsstaat en zijn instituties. Zij vertegenwoordigen een deel van de Nederlandse samenleving dat nog te weinig gehoord en begrepen is. Wie zijn het en wat voor een verhalen hebben ze te vertellen? Het zijn vragen die niet alleen theoretisch van belang zijn, maar ook maatschappelijk. Immers, de democratie werkt nooit voor iedereen even goed. Zij is als een machine die steeds bijgesteld moet worden, die nooit af is. Het betekent dat je van een democratie mag verwachten dat zij ontvankelijk is voor kritische geluiden. Daarnaast kan gebrek aan vertrouwen in sommige gevallen en onder sommige omstandigheden omslaan in gedrag dat de democratie of de rechtsstaat schaadt, bijvoorbeeld als dit zich vertaalt in geweld. De centrale probleemstelling voor dit onderzoek is: Wat zijn de kenmerken en verhalen van de (groepen) Nederlanders die geen of nauwelijks vertrouwen hebben in de democratische rechtsstaat en zijn instituties en welke consequenties heeft het inzicht hierin voor mogelijke handelingsperspectieven om dit vertrouwen te herstellen? INHOUD: 1. Inleiding, 2. Institutioneel vertrouwen onder de loep, 3. De narratieven over gebrek aan vertrouwen, 4. Naar een proces-gedreven benadering van gebrek aan vertrouwen, 5. Handelingsperspectieven, 6. Conclusie