• De politie als bedrijf

      Unknown author (WODC, 1991)
      De laatste jaren is er een tendens om overheidsinstellingen, i.c. de politie, te benaderen in de termen van het bedrijfsleven. Marktsegmenten, management, produkten, marketing, public relations en dergelijke zijn centrale begrippen geworden in het denken over openbaar bestuur en wetshandhaving. Ook dit themanummer staat in het teken van een benadering van het politie-apparaat alsof het een bedrijf is. In de verschillende bijdragen wordt verondersteld dat het concurrentieprincipe van de ondernemingsgewijze produktie een aantal organisatiekundige ontwikkelingen heeft opgeleverd die ook kunnen worden toegepast op het politie-apparaat.
    • Risicomanagement 2.0: van risico-bewust naar risico-gestuurd in een politiek bestuurlijke omgeving - Onderzoek naar risicomanagement bij het Directoraat-Generaal Politie, Ministerie van Veiligheid en Justitie

      Molen, I. van der (Universiteit Twente - Kenniscentrum risicomanagement en veiligheid, 2015)
      Het doel van het onderzoek is om inzicht te krijgen in de standaarden en raamwerken die momenteel voor risicomanagement voorhanden zijn, welke toegepast kunnen worden door het Directoraat-Generaal Politie (DGPol), die recht doen aan de taken, kenmerken en specifieke behoeften van DGPol. Hieronder valt zowel het ‘harde’ risicomanagement, met aandacht voor planning, controle, systemen en beheersbaarheid, als de ‘zachte kant’ van risicomanagement, namelijk risicogestuurd werken waarbij meer nadruk ligt op mens, cultuur, flexibiliteit, leren, aanpassingsvermogen en de realiteit van beperkte maakbaarheid van organisaties (Van Staveren, 2015, p. 81). De volgende vragen komen daarbij aan de orde: Wat is de best passende standaard of raamwerk (of combinatie daarvan) voor risicomanagement, die DGPol kan toepassen en recht doet aan de specifieke taken en kenmerken van DGPolitie en aan de specifieke behoeften met betrekking tot risicomanagement, in het bijzonder de relatie met de politiek-bestuurlijke context waarbinnen ze opereert? Hoe kan de gekozen standaard of raamwerk ingebed worden in de structuur, werkprocessen en rapportages van het DGPol zodat het recht doet aan de specifieke taken en kenmerken van DGPol, en aan de specifieke behoeften met betrekking tot risicomanagement, in het bijzonder de relatie met de politiek-bestuurlijke context waarbinnen ze opereert? INHOUD: 1. Inleiding en onderzoeksopzet 2. Conceptueel raamwerk 3. Het wetenschappelijk debat 4. Standaarden en raamwerken 5. Risicomanagement - de praktijk 6. Risicomanagement - ontwerp 7. Eindconclusies
    • Security-by-design in de vitale sector - Operational technology beveiligen vanuit Design Thinking perspectief

      Poot, H. de; McKim, M.; Dieleman, R.; Spruit, M. (Nobis Policy Lab, 2020-12)
      In dit rapport beschrijven we de resultaten van onderzoek naar de mogelijkheden van het Secure-by-Design ontwerpen van Operational Technology (OT) voor de Vitale Infrastructuur. Het Nationaal Cyber Security Centrum (NCSC) acht het verstoren of saboteren van diensten en processen waar overheden en de samenleving van afhankelijk zijn, één van de toenemende en reële cyberdreigingen. De kwetsbaarheid van Industriële Controle Systemen (ICS) hebben daarbij de bijzondere aandacht van NCSC, omdat deze zo breed worden toegepast in de Vitale Infrastructuur van Nederland. De hoofdonderzoeksvragen die ten grondslag liggen aan deze verkenning, zijn: Hoe zou Design Thinking kunnen worden toegepast in de Vitale Infrastructuur bij het veilig ontwerpen van nieuwe operationele technologie of bij het veilig verbeteren van bestaande operationele technologie, evenals bij het veilig ontwerpen van de daarmee samenhangende beheer- en gebruiksprocessen? Hoe, waar en wanneer kan Design Thinking een plaats hebben in het veilig ontwerpen van systemen? INHOUD: 1. Inleiding 2. Onderzoeksmethodologie 3.Definities van de Centrale Begrippen 4. Complexiteit van OT Beveiliging: Design Thinking aan zet 5. Praktijkervaringen Internationaal 6. Praktijkervaringen in Nederland 7. Analyse & Synthese 8. Conclusies
    • Het vestigingsklimaat voor drugscriminaliteit in Nederland

      Spapens, T.; Mheen, D. van de; Kuijpers, E. (medew.); Blatter, I. (medew.); Bourdoud, L. (medew.); Dijcks, V. (medew.) (Tilburg University, 2022-07-06)
      Uit zowel nationale als internationale onderzoeken en dreigingsanalyses komt al meerdere decennia het beeld naar voren dat in Nederland gebaseerde criminele netwerken een belangrijke rol spelen in de internationale handel in verdovende middelen en in de productie van synthetische drugs en cannabis. Dit roept de vraag op waarom drugscriminaliteit zich juist in Nederland heeft kunnen ontwikkelen tot een, naar breed wordt aangenomen, zeer grootschalige omvang. De vraag die in dit rapport wordt onderzocht is of Nederland een gunstig ‘vestigingsklimaat’ voor drugscriminaliteit heeft. Het gaat daarbij om de vragen welke factoren dit vestigingsklimaat bepalen, hoe deze kunnen worden gemeten en beïnvloed, en hoe deze factoren in onderlinge samenhang kunnen worden gevisualiseerd in een conceptueel model. Dit rapport vormt de weerslag van een literatuuronderzoek, aangevuld met een beperkt aantal interviews met academici en praktijkexperts. INHOUD: 1. Algemene inleiding 2. Analysemodel en theoretisch kader 3. Misdaadondernemers: keuzes en motivatie (micro) 4. Het criminele bedrijfsproces (meso) 5. Bestedingen van misdaadgeld (meso) 6. Systematische factoren (macro) 7. Conceptueel model 8. Meetbaarheid en beïnvloedbaarheid 9. Conclusie