• Blazen bij geweld - Procesevaluatie Wet middelenonderzoek bij geweldplegers in startgebieden

      Abraham, M.; Nauta, O.; Roorda, W.; Bloeme, R. (medew.) (DSP-groep, 2017)
      Op 1 januari 2017 is de Wet middelentesten bij geweldplegers in werking getreden. Deze wet geeft de politie de bevoegdheid om een alcohol- en/of drugstest af te nemen bij een aanwijzing voor geweldpleging onder invloed. Deze test bestaat uit een voorlopig onderzoek en een vervolgonderzoek. Het voorlopig onderzoek kan bestaan uit een ademtest en/of een speekseltest en/of een psychomotorische test ter vaststelling van het gebruik van alcohol en/of ter vaststelling van gebruik van drugs - met in geval van twijfel een aanvullend onderzoek naar de psychomotorische functies en de oog- en spraakfuncties ter controle of correctie van de resultaten van de speekseltest. Als de voorlopige middelentesten de aanwijzing van middelengebruik bevestigen kan vervolgonderzoek van adem door de politie of bloed door het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) volgen. Daar wordt nauwkeurig vastgesteld of er daadwerkelijk sprake is van middelengebruik en in welke mate dat het geval is. Deze evaluatie heeft tot doel inzicht te krijgen in hoeverre de WMG in de startgebieden door de verschillende partijen wordt uitgevoerd volgens de landelijke werkwijze en wat de redenen zijn daar in eventuele gevallen van af te wijken. Tot de betrokken partijen worden gerekend: de politie, de reclassering, het Openbaar Ministerie (OM) en het Nederlands Forensisch Instituut (NFI). Daarmee dient de evaluatie inzicht te geven op welke punten verbetering noodzakelijk is. INHOUD: 1. Inleiding 2. Formeel kader WMG 3. Landelijke procedure WMG 4. Politie-ervaringen met de WMG 5. OM-ervaringen met de WMG 6. Reclassering-ervaringen met de WMG 7. NFI-ervaringen met de WMG 8. Samenwerking 9. Eerste resultaten 10. Aandachtspunten voor landelijke uitrol 11. Conclusies
    • Een Alcohol-Verkeers Project in de provincie Drenthe

      Cozijn, C.; Kouwenberg, R.F. (WODC, 1993)
      Doel van het onderzoek is het effect te meten van de getroffen maatregelen in het kader van het project 'preventieve aanpak rijden onder onder invloed in het arrondissement Assen'. Resumerend is de conclusie dat het AVP in Drenthe een gunstig effect heeft gehad op de houding ten opzichte van het rijden onder invloed. Enerzijds daalde het oordeel over de algemene limiet en over de limiet die men voor zichzelf hanteert, terwijl die daling zich buiten Drenthe niet, of althans in zo geringe mate voordeed dat er op statistische gronden geen betekenis aan mag worden gehecht. Anderzijds nam buiten Drenthe het aantal personen dat het eens was met de stelling, dat autorijden met een borreltje op moet kunnen, toe, terwijl deze toename in Drenthe achterwege bleef, althans te klein was om daar op statistische gronden betekenis aan te hechten.
    • Effect van handhaving in het verkeer - Snelheid, roodlichtnegatie, alcohol en afleiding

      Unknown author (MuConsult, 2019)
      De hoofdvraag van het onderzoek is: Wat is het effect van de diverse handhavingsactiviteiten die onder de landelijke prioriteiten vallen op de naleving van verkeersregels door automobilisten en motorrijders? De volgende onderzoeksvragen zijn hieruit gedestilleerd: In welke mate zijn automobilisten en motorrijders bekend met plekken waar gehandhaafd wordt? Is de naleving hoger op trajecten/plekken waar handhavingsmiddelen actief zijn vergeleken met trajecten/plekken waar zij niet actief zijn? Heeft het verkrijgen van een waarschuwing of sanctie na het begaan van een overtreding invloed op de naleving van automobilisten en motorrijders? Verschilt de naleving wanneer een weggebruiker betrapt wordt bij een mobiele radarset, trajectcontrole, flitspaal of staandehouding? Welke toekomstige ontwikkelingen zouden gevolgen kunnen hebben voor handhaving en de naleving van automobilisten en motorrijders? INHOUD: 1. Inleiding 2. Interviews 3. Literatuurscan 4. Praktijkonderzoek 5. Naleving, motieven en kennis over handhavingsinspanningen 6. Het effect van sancties op de naleving 7. Conclusies
    • Evaluatie pilot Alcoholmeter 2017

      Kruize, A.; Muijnck, J. de (Breuer & Intraval onderzoek & advies, 2018)
      de pilot alcoholmeter 2017 is geëvalueerd. Deze pilot is uitgevoerd in de regio’s Rotterdam en Oost-Nederland. Door het lage aantal dragers en het ontbreken van een controlegroep kon het effect of de invloed van de alcoholmeter op alcoholgebruik en delictgedrag niet op een wetenschappelijk verantwoorde wijze worden vastgesteld. In overleg met de begeleidingscommissie is daarop besloten de evaluatie vooral het karakter van een procesevaluatie te geven en de effectevaluatie los te laten. We zijn begonnen met de reconstructie van de interventielogica om de werkzame mechanismen van de alcoholmeter in beeld te brengen. Vervolgens zijn diverse onderzoeksactiviteiten uitgevoerd om het verloop van de pilot, de knelpunten en verbeterpunten in kaart te brengen. INHOUD: 1. Inleiding 2. Methodologische verantwoording 3. Interventielogica 4. Verloop pilot 5. Dragers en ervaringen 6. Ervaringen alcoholmeter 7. Conclusies
    • Geweld onder invloed - Evaluatie van een nieuwe werkwijze van de politie gericht op versterking van de informatiepositie ten aanzien van alcohol- en drugsgebruik door geweldplegers

      Bruinsma, M.; Balogh, L.; Muijnck, J. de (WODC, 2008)
      De afgelopen jaren is op drie pilotlokaties (politieregio's IJsselland, Zeeland en Gelderland-Midden) gewerkt aan het opbouwen en testen vaan een nieuwe wijze van informatie verzamelen over middelengebruik door geweldplegers. Hierdoor wil men het zicht op de aard en de omvang van middelengebruik door geweldplegers verbeteren, zodat duidelijk wordt wat het belang is van extra investeringen op dit vlak. Daarnaast richt men zich in de pilots op het verkennen van de mogelijkheden om een verbeterde informatiepositie van de politie ook zo in te kunnen zetten, dat deze ondersteunend is bij het maken van keuzes over de best passende justitiële en preventieve maatregelen gericht op vermindering van recidive onder geweldplegers.
    • Kosten en baten van beleid

      Suurmond, G.; Velthoven, B.C.J. van; Weseman. P.; Slotboom, A.; Wiebrens, C.; Prinsen, H.M.; Vossen, R.M.M.; Hollander, A.E.M. de; Hanemaaier, A.H. (WODC, 2003)
      ARTIKELEN: 1. G. Suurmond en B.C.J. van Velthoven - Brandveiligheid in de horeca; toepassing van kostenbatenanalyse op justieel terrein 2. P. Weseman - Kosten en baten van alcoholcontroles in het verkeer 3. A. Slotboom en C. Wiebrens - Opsluiten of sleutelen? kosten en baten van detentie en resocialisatie 4. H.M. Prinsen en R.M.M. Vossen - Naleving en handhaving van regelgeving; loont het de moeite? 5. A.E.M. de Hollander en A.H. Hanemaaier - Management van gezondheidsrisico's: mogelijkheden en beperkingen van kosten-batenanalyses SAMENVATTING: Dit themanummer beziet wat er op het terrein van justitieel beleid en aangrenzende beleidsterreinen aan kosten-batenanalyse gebeurt. Ook is er aandacht voor analyse-instrumenten die kunnen worden beschouwd als een stap op weg naar een kosten-batenanalyse. Er is voor gekozen de nadruk te leggen op de toepassing van kosten-batenanalyse, en de kritiek die er bestaat op het (vermeende) immorele karakter van deze benadering even terzijde te schuiven.