• Accountantscontrole, fraude en meldplicht - Een onderzoek naar de werking van de Verordening op de fraudemelding

      Sabee, V.; Bijl, W.A. (WODC, 1996)
      Door de leden van de twee beroepsorganisaties van de accountants in Nederland (Het Koninklijk NIVRA en de NOvAA) is in het najaar van 1994 de Verordening op de fraudemelding aanvaard. Deze verordening regelt hoe de openbaar accountant dient te handelen als hij bij een wettelijk verplichte controle van een jaarrekening fraude constateert.
    • Beroepsethiek en marktwerking

      Niemeijer, E.; Voert, M. ter; Lankhorst, F.; Nelen, J.M.; Laclé, Z.D.; Jongbloed, A.W.,; Schilder, A.; Nuijts, W.H.J.M.; Grotenhuis, A.L.J. (WODC, 2005)
      ARTIKELEN: 1. - E. Niemeijer en M. ter Voert - Vertrouwen onder druk; vrije juridische beroepen tussen professie en commercie 2. F. Lankhorst en J.M. Nelen - Integriteitsproblemen van advocaten en notarissen in relatie tot georganiseerde criminaliteit 3. Z.D. Laclé - Notariaat, ethiek en marktwerking 4. A.W. Jongbloed - De gerechtsdeurwaarder; zakenman of functionaris? 5. A. Schilder en W.H.J.M. Nuijts - De accountant; Onafhankelijkheid in een meervoudig spanningsveld 6. A.L.J. Grotenhuis -Belastingadviseurs in de knel tussen twee loyaliteiten 7. Internetsites: Beroepsethiek SAMENVATTING: In deze aflevering staat de vraag centraal of en hoe de beroepsethiek onder invloed van marktwerking aan het veranderen is. Naast de advocaat, de notaris en de gerechtsdeurwaarder krijgen ook de accountant en de belastingadviseur aandacht. Ook dit zijn particuliere ondernemers die geacht worden zich in hun werk zodanig onafhankelijk op te stellen, dat zij in hun dienstverlening aan de cliënt het publieke belang meewegen.
    • Evaluatie BFT

      Hers, J.; Rougoor, W.; Biesenbeek, C.; Beusekom, H. van; Barth, R. (SEO Economisch Onderzoek, 2018)
      Het Bureau Financieel Toezicht (BFT) is enerzijds verantwoordelijk voor het financieel toezicht en kwaliteits- en integriteitstoezicht op notarissen en gerechtsdeurwaarders en anderzijds voor het toezicht op de naleving van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft) door notarissen, accountants, belastingadviseurs en administratiekantoren. De probleemstelling van het onderzoek is: In welke mate was het toezicht en de handhaving door het Bft op de aangewezen toezichtterreinen in de jaren 2012 tot en met 2016 in de praktijk doelmatig en doeltreffend? INHOUD: 1. Inleiding 2. Toezicht op notarissen en gerechtsdeurwaarders 3. Toezicht op de Wwft 4. Doelmatigheid van het BFT 5. Conclusies
    • Evaluatie tuchtrechtelijke handhaving Wet ter voorkoming van witwassen en financiering van terrorisme en haar voorlopers

      Faure, M.; Nelen, H.; Philipsen, N. (WODC, 2009)
      De Wet MOT en de Wid zijn in september 2003 van toepassing verklaard op bepaalde dienstverlening van onder meer de advocatuur, het notariaat en de accountancy. Destijds is gemeend dat de nakoming van voorschriften uit hoofde van de Wet MOT en de Wid deel uitmaakt van het beroepshandelen van de advocaten en notarissen. In dit onderzoek is nagegaan of met het stelsel van deels tuchtrechtelijke handhaving zoals dat is vastgelegd in de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (WWFT) bij de dienstverleners uit aan tuchtrechtelijk onderworpen beroepen (advocaten, notarissen en accountants) een effectieve handhaving kan worden bereikt.
    • Moraal in zaken

      Unknown author (WODC, 1995)
      Het corruptie- en fraudevirus lijkt steeds meer voort te woekeren in de Nederlandse samenleving. Steekpenningen, antedateren van declaraties, dubieuze faillissementen, belastingontduiking, fraude met verzekeringen, misbruik van Europese subsidies, al deze verschijnselen duiken met grote regelmaat op in de krantenkolommen. In het bedrijfsleven gaan miljarden aan misdaadgeld om, terwijl het aantal lege bv's en financiele adviesbureau's die bedreven zijn in versluieringsconstructies, onrustbarend is toegenomen. Na de banken hebben nu ook de accountants — na zeven jaar onderhandelen — een meldingsplicht gekregen: gevallen van hardnekkige fraude moeten worden gemeld bij de Centrale Recherche Informatiedienst. Veel accountants achten dit echter strijdig met hun geheimhoudingsplicht (bij notarissen en advocaten ligt dat overigens niet anders). Ethische gedragscodes vinden zowel bij particuliere als publieke organisaties steeds meer ingang. Naar Amerikaans voorbeeld lijkt nu elk respectabel bedrijf over een eigen integriteitsproject te beschikken. Uit een aantal bijdragen in dit nummer van Justitiele verkenningen blijkt dan ook dat de strijd tegen normvervaging serieus op gang is gekomen. Of de invoering van gedragscodes meer behelst dan een poging het imago van de organisatie te verbeteren, is uiteraard een andere vraag. Moraal in zaken dient als studiemateriaal voor het congres 'Samen sterk tegen criminaliteit' dat op 23 mei jl. door de Stichting Beroepsmoraal en Misdaadpreventie werd georganiseerd samenwerking met het ministerie van Justitie en de Vrije Universiteit te Amsterdam.
    • Over accountants

      Unknown author (WODC, 1998)
      Met de bevindingen van de commissie Van Traa in het achterhoofd hecht Justitie er groot belang aan dat de vrije beroepen een steentje bijdragen aan de bestrijding van financiele criminaliteit. Net als van notarissen wordt van accountants verwacht dat ze zich opstellen als onafhankelijke vertrouwenspersonen. Decennia-lang werd er op aangedrongen dat accountants misstanden bij de politie zouden moeten melden. Na moeizame discussies is in 1994 de Verordening op fraudemelding tot stand gekomen. Het standpunt dat accountants aan publieke belangen dienen te beantwoorden, is onlangs ook verwoord door een werkgroep die deel uit maakt van de operatie Marktwerking, Deregulering en Wetgevingskwaliteit (MDW) die door het kabinet in 1994 in gang is gezet. De werkgroep oordeelde onder andere dat er een strikte scheiding diende te komen tussen controleren en adviseren door openbare accountants. Verder zou de wettelijke regeling van het beroep beperkt dienen te worden tot de verplichte controle. De aanbevelingen van de MDW-werkgroep zijn door de landelijke beroepsorganisaties, het Nivra en de NOvAA, niet in dank afgenomen. De keuzevrijheid van accountants zou worden beperkt en efficiënte marktwerking zou juist worden belemmerd. Deze reacties roepen een aantal vragen op. Is het beeld van de accountant als een vertrouwenspersoon met een sterk publieke orientatie wel reeel? Is het wel reeel te verwachten dat openbare accountants afzien van het lucratieve advieswerk? De feitelijke ontwikkelingen van de beroepsgroep wijzen in ieder geval in een andere richting. Accountantskantoren werpen zich op de vrije markt en leggen zich steeds minder toe op hun eigen vak, het controlewerk. Bij de grote kantoren groeit de omzet van organisatie- en fiscale advieswerk ieder jaar sneller. Dat doet op zijn beurt de vraag rijzen in welke mate het predicaat 'onafhankelijkheid' accountants nog toevalt. In hoeverre is de onafhankelijke status waarop de koopman-accountant zich beroept een holle frase aan het worden?
    • Systeem in zaken - Een evaluatie van de effectiviteit en de doelmatigheid van het Bureau Financieel Toezicht

      Smits, J.; Struiksma, N.; Heuvel, M. van den (WODC, 2009)
      In dit onderzoek komt de volgende centrale vraag aan de orde: Wat zijn de doeltreffendheid en de doelmatigheid van het financieel toezicht en het toezicht op naleving van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrrorisme (WWFT) bij notarissen, advocaten, accountants, belastingadviseurs en administratiekantoren, dat door het Bureau Financieel Toezicht (BFT) worden uitgevoerd.