• WODC-monitor zelfgerapporteerde jeugdcriminaliteit - Meting 2005; documentatie boek steekproefverantwoording, veldwerk, enquête en vergelijking met eerdere metingen

      Laan, A.M. van der; Blom, M. (WODC, 2006)
      Sinds 1986 verricht het WODC twee- à driejaarlijks onderzoek onder een doorsneegroep van Nederlandse jongeren in de leeftijd van twaalf tot en met zeventien jaar met als doel inzicht te krijgen in het door jongeren zelfgerapporteerde delinquente gedrag en de trends die zich daarin in de loop der jaren voordoen. Zelfrapportage van delicten biedt een belangrijke aanvulling op officieel geregistreerde criminaliteit. In 2004 is besloten tot het opnieuw ontwikkelen van de WODC Monitor Zelfgerapporteerde Jeugdcriminaliteit (WODC MZJ), omdat de oude methoden voor het selecteren van de onderzoeksgroep niet meer voldoen en omdat er nieuwe wetenschappelijke inzichten zijn met betrekking tot risicofactoren voor delinquentie die in de oude enquête niet werden gemeten. In de eerste vier maanden van 2005 is de onderzoeksgroep geïnterviewd. In deze documentatie wordt de methode van onderzoek van de herziene WODC MZJ beschreven. Ingegaan wordt op de steekproefmethode, de wijze waarop het veldwerk is uitgevoerd, de vragen in de enquête. Verder wordt ook ingegaan op de vergelijkbaarheid van de gegevens uit de nieuwe WODC MZJ met die uit voorgaande metingen. In het O&B rapport 'Jeugddelinquentie: risico's en bescherming' (Van der Laan en Blom, 2006) wordt uitgebreid verslag gedaan van de bevindingen van deze nieuwe meting van de WODC MZJ. INHOUD: 1. Inleiding 2. De steekproef 3. Het veldwerk 4. De enquête 5. Vergelijking van verschillende WODC-zelfrapportage metingen