Loading...
CoVa: eerst denken en dan ...?
Verweij, S. ; Tollenaar, N. ; Wartna, B.S.J.
Verweij, S.
Tollenaar, N.
Wartna, B.S.J.
Citations
Altmetric:
Organisatie / Institution
Serie / Series
Onderzoek en beleid 316
Project
2619A
Externe Link
Link naar nieuwsbericht
Collections
Research Projects
Organizational Units
Journal Issue
Ondertitel / Subtitle
Vergelijkend recidiveonderzoek naar het effect van cognitieve vaardigheidstrainingen uitgevoerd in de periode 2008-2011
Abstract
Since 2004 a cognitive skills training called CoVa can be administered to adult offenders in the Netherlands. The training is an adapted version of the Enhanced Thinking Skills (ETS) program that has been in operation in England for over twenty years. It aims to improve four kinds of cognitive skills: inhibition, perspective taking, problem solving and critical and moral reasoning. As cognitive skills are important factors in explaining criminal behaviour, teaching those skills to offenders can reduce criminal behaviour. The current study examines the effectiveness of CoVa by comparing the reconviction rates of CoVa participants and offenders who did not take the training.
Sinds 2004 kunnen volwassenen die in Nederland zijn veroordeeld voor een misdrijf een training Cognitieve Vaardigheden (CoVa) volgen. De CoVa-training richt zich op het versterken van vier soorten cognitieve vaardigheden: het beheersen van impulsiviteit, het genereren van perspectief, het leren oplossen van problemen op een rationele wijze en moreel en kritisch redeneren (Buysse & Loef, 2012 - Zie link bij: Meer informatie). De gedachte is dat als deze vaardigheden worden versterkt, de betrokkenen nadien beter in staat zullen zijn om weerstand te bieden tegen de druk om crimineel gedrag te vertonen. In dit onderzoek wordt de effectiviteit van CoVa gemeten door de recidive van CoVa-deelnemers af te zetten tegen die van vergelijkbare ex-justitiabelen die niet aan de trainingen hebben deelgenomen. Concreet luiden de onderzoeksvragen als volgt: Wat zijn de (achtergrond)kenmerken van de daders die in de periode 2008-2011 aan de CoVa-training deelnamen en in hoeverre zijn zij vergelijkbaar met de personen uit de controlegroepen? Van welke recidive is onder CoVa-deelnemers sprake en hoe verhoudt deze zich tot die van vergelijkbare justitiabelen die de training niet volgden? a. Welk deel komt opnieuw in aanraking met Justitie (prevalentie)? b. Wat is het gemiddelde aantal nieuwe justitiecontacten per jaar (frequentie)? c. Wat is de totale impact van de recidive (ernst)? Welke executiekenmerken of indicatoren van de voortgang van de trainingen hangen statistisch significant samen met een lagere recidivekans indien er gecorrigeerd is voor verschillen in daderkenmerken, gegevens over de strafrechtelijke carrière, het zorgverleden van de deelnemers en hun psychosociale problematiek? INHOUD: 1. Inleiding 2. Methode 3. Beschrijving van de onderzoeksgroepen 4. Effectmeting CoVa-training 5. Recidive van CoVa-deelnemers nader bekeken 6. Slot
Sinds 2004 kunnen volwassenen die in Nederland zijn veroordeeld voor een misdrijf een training Cognitieve Vaardigheden (CoVa) volgen. De CoVa-training richt zich op het versterken van vier soorten cognitieve vaardigheden: het beheersen van impulsiviteit, het genereren van perspectief, het leren oplossen van problemen op een rationele wijze en moreel en kritisch redeneren (Buysse & Loef, 2012 - Zie link bij: Meer informatie). De gedachte is dat als deze vaardigheden worden versterkt, de betrokkenen nadien beter in staat zullen zijn om weerstand te bieden tegen de druk om crimineel gedrag te vertonen. In dit onderzoek wordt de effectiviteit van CoVa gemeten door de recidive van CoVa-deelnemers af te zetten tegen die van vergelijkbare ex-justitiabelen die niet aan de trainingen hebben deelgenomen. Concreet luiden de onderzoeksvragen als volgt: Wat zijn de (achtergrond)kenmerken van de daders die in de periode 2008-2011 aan de CoVa-training deelnamen en in hoeverre zijn zij vergelijkbaar met de personen uit de controlegroepen? Van welke recidive is onder CoVa-deelnemers sprake en hoe verhoudt deze zich tot die van vergelijkbare justitiabelen die de training niet volgden? a. Welk deel komt opnieuw in aanraking met Justitie (prevalentie)? b. Wat is het gemiddelde aantal nieuwe justitiecontacten per jaar (frequentie)? c. Wat is de totale impact van de recidive (ernst)? Welke executiekenmerken of indicatoren van de voortgang van de trainingen hangen statistisch significant samen met een lagere recidivekans indien er gecorrigeerd is voor verschillen in daderkenmerken, gegevens over de strafrechtelijke carrière, het zorgverleden van de deelnemers en hun psychosociale problematiek? INHOUD: 1. Inleiding 2. Methode 3. Beschrijving van de onderzoeksgroepen 4. Effectmeting CoVa-training 5. Recidive van CoVa-deelnemers nader bekeken 6. Slot
Title
Uitgever / Publisher
Boom juridisch
Publicatiedatum / Publication date
2016