Loading...
Toezicht op strafvorderlijk overheidsoptreden
Devroe, E. ; Malsch, M. ; Matthys, J. ; Minderman, G.
Devroe, E.
Malsch, M.
Matthys, J.
Minderman, G.
Citations
Altmetric:
Organisatie / Institution
Serie / Series
WODC Rapport 2686
Trefwoorden / Keywords
Kwaliteitsverbetering
Rechtsvergelijking
Belgie
Samenwerking
Politiebevoegdheid
Strafbeschikking
Ombudsman
Vormverzuim
Tuchtrecht
Klachten over politie
Beslissing omtrent vervolging
Rijksrecherche
Inspectie justitie en veiligheid
Rechters-commissarissen
Politie
Minister van justitie en veiligheid
Openbaar ministerie
Gezag over politie
Vervolgingsbeleid
Toezicht
Strafrechtsketen
Rechtsvergelijking
Belgie
Samenwerking
Politiebevoegdheid
Strafbeschikking
Ombudsman
Vormverzuim
Tuchtrecht
Klachten over politie
Beslissing omtrent vervolging
Rijksrecherche
Inspectie justitie en veiligheid
Rechters-commissarissen
Politie
Minister van justitie en veiligheid
Openbaar ministerie
Gezag over politie
Vervolgingsbeleid
Toezicht
Strafrechtsketen
Project
2686
Externe Link
Link naar nieuwsbericht
Collections
Research Projects
Organizational Units
Journal Issue
Ondertitel / Subtitle
Abstract
The central research question is: What kinds of supervision are currently present in the criminal justice system, and what caveats can be identified in both a legislative and a practical context?. Because of this, the concepts ‘supervision’ and ‘criminal justice system’ need to be delineated. This research confines itself to supervisory activities regarding the quality of actions within the criminal justice system, which means that purely organizational and procedural activities fall outside of its scope. Furthermore, a division is made between ‘internal’ and ‘external’ supervision. Internal supervision is the kind that happens within an organizational actor, while external supervision is handled by supervisory parties outside of the organization. Another form of external supervision is the judicial remedies (e.g.: appeals procedures) that can be used to review decisions made by an actor.
In de nota die de contouren schetst van de voorgenomen modernisering van het Wetboek van Strafvordering in het kader van het programma Versterking Prestaties Strafrechtketen (VPS) (de Contourennota) is een paragraaf opgenomen over toezicht op strafvorderlijk optreden. In deze Contourennota heeft de minister van Veiligheid en Justitie de vraag gesteld of met het huidig samenstel van rechterlijk, intern en extern toezicht de naleving van de geldende wettelijke voorschriften binnen de strafrechtsketen adequaat en systematisch wordt gecontroleerd en gestimuleerd. De centrale onderzoeksvraag in dit onderzoek luidt: ‘Welke vormen van toezicht bestaan thans op het strafvorderlijk overheidsoptreden en welke mogelijke lacunes kunnen hierin worden geconstateerd in de wettelijke en praktische context?’. Hierdoor moeten de termen ‘toezicht’ en ‘strafvorderlijk overheidsoptreden’ initieel afgebakend worden. Dit onderzoek beperkt zich tot toezichtverhoudingen over de kwaliteit van strafvorderlijk overheidsoptreden, wat betekent dat de bevoegdheden ten aanzien van bedrijfsvoering en bedrijfsprocessen niet in dit onderzoek aan bod komen. Verder wordt een opsplitsing gemaakt tussen ‘intern’ en ‘extern’ toezicht. Met intern toezicht wordt bedoeld het toezicht dat binnen een actor zelf wordt georganiseerd, terwijl extern toezicht het toezicht is dat buiten de actor door andere toezichthoudende instanties wordt georganiseerd. INHOUD: 1. Algemene uitgangspunten 2. Theoretisch kader 3. Methodologische uitgangspunten 4. Inventarisatie toezichtmogelijkheden op strafvorderlijk overheidsoptreden in Nederland 5. Inventarisatie toezichtmogelijkheden op strafvorderlijk overheidsoptreden in België 6. Verslag van een rondetafelgesprek 7. Analyse 8. Conclusie
In de nota die de contouren schetst van de voorgenomen modernisering van het Wetboek van Strafvordering in het kader van het programma Versterking Prestaties Strafrechtketen (VPS) (de Contourennota) is een paragraaf opgenomen over toezicht op strafvorderlijk optreden. In deze Contourennota heeft de minister van Veiligheid en Justitie de vraag gesteld of met het huidig samenstel van rechterlijk, intern en extern toezicht de naleving van de geldende wettelijke voorschriften binnen de strafrechtsketen adequaat en systematisch wordt gecontroleerd en gestimuleerd. De centrale onderzoeksvraag in dit onderzoek luidt: ‘Welke vormen van toezicht bestaan thans op het strafvorderlijk overheidsoptreden en welke mogelijke lacunes kunnen hierin worden geconstateerd in de wettelijke en praktische context?’. Hierdoor moeten de termen ‘toezicht’ en ‘strafvorderlijk overheidsoptreden’ initieel afgebakend worden. Dit onderzoek beperkt zich tot toezichtverhoudingen over de kwaliteit van strafvorderlijk overheidsoptreden, wat betekent dat de bevoegdheden ten aanzien van bedrijfsvoering en bedrijfsprocessen niet in dit onderzoek aan bod komen. Verder wordt een opsplitsing gemaakt tussen ‘intern’ en ‘extern’ toezicht. Met intern toezicht wordt bedoeld het toezicht dat binnen een actor zelf wordt georganiseerd, terwijl extern toezicht het toezicht is dat buiten de actor door andere toezichthoudende instanties wordt georganiseerd. INHOUD: 1. Algemene uitgangspunten 2. Theoretisch kader 3. Methodologische uitgangspunten 4. Inventarisatie toezichtmogelijkheden op strafvorderlijk overheidsoptreden in Nederland 5. Inventarisatie toezichtmogelijkheden op strafvorderlijk overheidsoptreden in België 6. Verslag van een rondetafelgesprek 7. Analyse 8. Conclusie
Title
Uitgever / Publisher
Universiteit van Leiden - Faculteit Governance and Global Affairs
Publicatiedatum / Publication date
2017